Antwoord van de heer Van Aartsen, Minister van Buitenlandse Zaken, mede
namens de Mnisters van Defensie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
op vragen van het lid Halsema.
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de recente artikelen over bestaan en activiteiten
van een Anglo-Amerikaans afluistemetwerk?
Vraag 2
Kunt u het bestaan van een dergelijk afluisternetwerk - al dan niet
bekend onder de naam Echelon - bevestigen? Zo neen, wat is dan uw reactie
op de inhoud van het jaarverslag over 1999 van het Belgische Comité
van Toezicht op de Inlichtingendiensten, waarin het bes~ van dit netwerk
wel wordt bevestigd?
Vraag 4
Wat is uw oordeel over het mogelijke afluisteren van het Nederlands
telecommunicatieverkeer door buitenlandse inlichtingendiensten? Bent u
bereid een onderzoek in te stellen naar die mogelijke afluisteractiviteiten?
Antwoord
Het is technisch niet mogelijk afluisteractiviteiten verricht door
buitenlandse inlichtingendiensten in het buitenland te detecteren. Landen
die afluisteractiviteiten verrichten zullen daarover geen informatie verschaffen.
De officiële "press guidance" die de regering van de Verenigde Staten
heeft uitgebracht naar aanleiding van de verschillende persberichten over
"Echelon" bevestigt dil.. Daarin wordt gesteld dat ter zake van feitelijke
of vermoede inlichtingenoperaties geen commentaar wordt gegeven. Een officiële
bevestiging van het al dan niet bestaan van "Echelon" moet dan ook worden
uitgesloten. De in de voetnoot bij vraag 2 geciteerde stelling van de Belgische
Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid is blijkens het verslag van
het Vast Comité 1 uitsluitend gebaseerd op open bronnen. Uit het
voorafgaande moge volgen dat een nader onderzoek ter zake niet zinvol is.
Vraag 3
Is de Nederlandse overheid betrokken bij (de activiteiten van) de
Amerikaanse National Security Agency NSA of bij (de werkzaamheden van)
het Echelon-systeem? Kunt u dit nader toelichten?
Vraag 6
Is de Nederlandse overheid betrokken bij (de activiteiten van) een
Europees afluisternetwerk, al dan niet bekend onder de naam Enfopol? Zo
ja, kunt u dan toelichten wat die betrokkenheid precies behelst?
Antwoord
De hoofden van de Militaire Inlichtingendienst en de Binnenlandse
Veiligheidsdienst onderhouden op grond van artikel 13 van de Wet op de
inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) contacten met inlichtingen-en
veiligheidsdiensten van andere landen. De NSA behoort daartoe. Samenwerking
met inlichtingen- en veiligheidsdiensten van andere landen bestaat voor
het grootste deel uit de uitwisseling van gegevens. Ook worden op verzoek
technische en andere vormen van ondersteuning verleend. Meer specifieke
informatie over de aard en intensiteit van de samenwerking die met de verschillende
buitenlandse diensten plaatsvindt, wordt uitsluitend vertrouwelijk aan
de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten van de Tweede
Kamer verstrekt, aangezien deze informatie geheim te houden operationele
gegevens bevat.
Wat Enfopol betreft wordt opgemerkt dat dit geen aanduiding voor
een Europees afluisternetwerk is, maar een documentaanduiding van de Werkgroep
Politionele Samenwerking binnen de derde pijler van de Europese Unie.
Vraag 5
Welke maatregelen denkt u te nemen om Nederlandse overheden, bedrijven
en burgers te beschermen tegen. dergelijke buitenlandse afluisteractiviteiten?
Wat is uw reactie op het standpunt van het Belgische Comité 1 dat
"een intensief gebruik van sterke coderingsinstrunienten een van de oplossingen
is" om zich te beschermen tegen systemen als Echelon?
Antwoord
Afluisteractiviteiten zijn nimmer geheel te voorkomen. Naast andere
maatregelen gebruiken overheid en particulieren coderingsinstrumenten om
zich hiertegen te beschermen.
Vraag 7
Speelt het Technisch Informatie Verwerkings-Centrum (TIVC) in Amsterdam
een rol bij het vergaren van economische dan wel financiële inlichtingen
ten bate van Nederlandse overheden of bedrijven? Zo ja, hoe?
Antwoord
Sinds 1 januari 1996 maakt het Technisch. Informatie Verwerkings
Centrum (TIVC) deel uit van de MID en in 1998 is het onder de naam Strategisch
Verbindingsinlichtingen Centrum (SVIC) een onderdeel van de afdeling verbindingsinlichtingen
van de MID. De afdeling verbindingsinlichtingen is belast met de feitelijke
uitvoering van de interceptie van etherverkeer voor zover dat noodzakelijk
is voor een goede uitvoering van de taken van de MID en BVD zoals opgenomen
in de artikelen 8 en 9 van de Wiv. Uit deze interceptie verkregen informatie
wordt niet aan het Nederlandse bedrijfsleven verstrekt.
Vraag 8
Bent u bereid om in de raad van ministers de gang van zaken rond
Echelon en de betrokkenheid van het Verenigd Koninkrijk aan de orde te
stellen? Zo neen, waarom niet?
Antwoord
Dit onderwerp zal blijkens uitlatingen van het Portugese EU voorzitterschap
tijdens de eerstvolgende Raad van Ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie
aan de orde komen, welke is voorgenomen voor 29 mei 2000.