• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Bijlage X – 4.2. Diversiteit van de dadergroepen

    4.2. Diversiteit van de dadergroepen

    Zoals in hoofdstuk 2 al is aangestipt, roepen fraudezaken zowel
    associaties op met het begrip organisatiecriminaliteit als met het
    hoofdthema van het onderhavige onderzoek: georganiseerde
    criminaliteit. Organisatiecriminaliteit – beter bekend onder de
    Engelse term corporate crime – duidt op misdrijven die individueel
    of groepsgewijs door leden van een gerespecteerde en bonafide
    organisatie worden gepleegd binnen het kader van de uitoefening van
    organisatorische taken (Van de Bunt, 1992). Deze ondernemers
    richten zich primair op voortzetting van hun bedrijf, maar om dit
    doel te bereiken overschrijden zij de grens van het strafbare.

    lees meer

    Bijlage X – 11.2. Het voorwenden van vermogensstijging

    11.2. Het voorwenden van vermogensstijging

    Deze methodiek van witwassen kan worden toegepast in de gevallen
    dat men de beschikking heeft over activa die moeilijk objectief
    waardeerbaar zijn, zoals kan voorkomen bij onroerend goed, antiek
    en kunst. Door een lucratieve verkoop van dit soort activa voor te
    wenden aan een schijnbaar onafhankelijke derde, kan een crimineel
    op schijnbaar legale wijze in het bezit komen van zijn
    misdaadgeld.

    lees meer

    Bijlage XI – 5.4. De heersende eigendomsverhoudingen

    5.4. De heersende eigendomsverhoudingen

    Het is bepaald opmerkelijk dat er geen echt grote seksbedrijven
    in de buurt actief zijn. Er zijn twee (Nederlandse) combinaties die
    ieder ongeveer 20 hokken exploiteren en die de zaak, inclusief
    bescherming met camera’s, commercieel aanpakken. Zij zijn de
    grootsten. Een van hen, Hans Brouns, heeft zojuist (1993) een goed
    overzicht gepubliceerd van de (recente) geschiedenis van de
    Zeedijk. De auteur stelt zijn relaas voor als een
    ooggetuigenverslag van een buurtbewoner. Ook hieruit blijkt dat er
    geen sprake is van concentratie of monopolievorming in deze
    bedrijfstak. De raamprostitutie in andere steden zoals Utrecht en
    Den Haag is grotendeels in handen van enkelingen. Is er in
    Amsterdam dan voldoende ruimte voor iedereen? Is deze sector in
    vergelijking met andere economische activiteiten in de rosse buurt
    niet voldoende interessant? Dat er geen sprake is van de vorming
    van monopolies blijkt ook uit het feit dat de bordeelbazen zelf
    geen security firma’s hebben opgericht, maar de beveiliging
    uitbesteden aan specialisten van het particuliere geweld: de Hells
    Angels. De ramen waar dezen protectie aanbieden zijn met een
    sticker gemerkt. Ofschoon een bedrijfstak als die van de
    prostitutie onconventionele ondernemers aantrekt die niet
    gemakkelijk tot samenwerking zijn te brengen, is dit er toch een
    paar maal van gekomen. Het ging toen om het keren van een
    gemeenschappelijke bedreiging van buitenaf. Joegoslavische bendes
    en de Russische mafia hebben serieuze pogingen gedaan om de
    prostitutie binnen en buiten de Wallen in handen te krijgen, maar
    dit is ze mede door toedoen van de Hollandse bordeelhouders niet
    gelukt.

    lees meer

    Bijlage XI – 3.3. Verschijningsvormen

    3.3. Verschijningsvormen

    3.3.1. De harddrugs

    De handel in herone en cocane in Enschede wordt niet beheerst
    door n groep. Er zijn vele personen en kleine groepen actief die
    voor de levering aan dealers verantwoordelijk zijn. Ieder heeft een
    deel van deze gefragmenteerde markt en dat lijkt tot ieders
    tevredenheid te gebeuren. Sommige samenwerkingsverbanden tussen
    leveranciers zijn duurzaam van karakter, andere kennen meer
    incidentele werkverbanden. De grootste plaats in de heronehandel en
    -verkoop Noot wordt ingenomen door twee Turkse families,
    maar een deel van de lokale markt wordt mede voorzien door
    autochtone Enscheders, een woonwagenfamilie Noot en door
    enkele kleine zelfstandigen van Turkse en Marokkaanse origine. Over
    Chinese, Italiaanse en (ex-)Joegoslavische betrokkenheid in deze
    handel is niets bekend.

    lees meer

    Bijlage I – 1. Archiefstukken

    1. Archiefstukken

    Advocatenkantoor Doedens; Doedens, P.H., Afschrift van het
    verzoek aan de minister van Justitie de inhoud
    (informatie van de arrestant in de zaak van de XTC-smokkel naar
    Engeland inzake medeweten van de
    autoriteiten van de smokkel) te betrekken bij de Enqute, 8 november
    1995
    AID, Aanbiedingsbrief; Deel 1: Bijlage 1: Organogram; Bijlage 2:
    Nota bestrijding illegale handel BUD; Bijlage
    3: Besluit reorganisatie AID d.d. januari 1994; Bijlage 4:
    Richtlijnen inzet opsporingsmethoden; Bijlage 5:
    Registratie-systeem; Bijlage 6: Rapport van de Projectgroep
    informatie-uitwisseling reguliere politie en
    bijzondere opsporingsdiensten d.d. mei 1992; Bijlage 7:
    Intentieverklaring samenwerking OM, politie en AID;
    Bijlage 8: Afspraken over samenwerking van controlerende diensten
    op Schiphol; Bijlage 9: Brief VROM d.d.
    11 juli 1994 over de samenwerking tussen Hoofdinspectie
    Milieuhygine en AID; Bijlage 10: Samenwerking
    CRI en AID; Bijlage 11: Verslag FIOD-AID overleg d.d. 26 april 1988
    in Haarlem; Bijlage 12: Overeenkomst
    voor de kustwacht (Vliegconvenant VIPOL); Bijlage 13: Gedragscode
    medebewind gemeenschappelijk
    landbouwbeleid (Betaalorganen); Bijlage 14: Beleidsafspraken tussen
    AID en Stichting Landelijke
    Inspectiedienst Dierenbescherming (LID); Bijlage 14a:
    Privaatrechtelijke controle-instellingen; Bijlage 15:
    Verordening (EEG) nr. 1468/81 d.d. 19 mei 1981 betreffende
    wederzijdse bijstand tussen de administratieve
    autoriteiten met het oog op juiste toepassing van de douane- en
    landbouwvoorschriften (PbEG (1981) L 144 (2
    juni)); Bijlage 16: Milieuconvenanten; Bijlage 17: Strategie en
    werkprogramma LCCM/STHH d.d. 25 augustus
    1994; Bijlage 18: Verslag conferentie samenwerking d.d. 23 en 24
    maart 1993 Platform BOD; Bijlage 19:
    Besluit Ministerie van Justitie d.d. 1 februari 1992 betreffende
    het EG-fraudeberaad; Bijlage 19a: Rapport van
    de OM-werkgroep EEG-fraude d.d. mei 1991; Bijlage 20: Opleiding;
    Bijlage 21: Overzichten
    regelmatigheidsmeldingen (EOGFL);Deel 2: Bijlage A: Jaarverslag
    1992; Bijlage B: Jaarverslag 1993; Bijlage
    C: Jaarplan 1994; Bijlage D: Jaarplan 1995; Bijlage E: Landelijk
    draaiboek mest d.d. september 1994; Bijlage
    F: Controle-programma 1994-1995 EOGFL; Bijlage G: Verslag EOGFL
    juli 1993-juni 1994; Bijlage H:
    Controleprogramma EOGFL 1994-1995; Bijlage I: Rapport inzake
    fraudemeldingen aan Brussel en
    diagonale rechtshulp 1993; Bijlage J: Ministerie van VROM;
    Ministerie van Justitie, Conceptnota Strategisch
    Plan BOD, waaraan toegevoegd: J.1 Notitie Aanpak zware
    milieucriminaliteit d.d. 17 maart 1995 (Kamerstuk
    22.343 018), J.2 Notitie zware milieucriminaliteit, Notitie
    Projectgroep ondersteuning milieurecherche en
    Notitie Milieu-recherche-bijstandspools, J.3 Projectplan Kernteam
    zware milieucriminaliteit d.d. 30 maart 1995,
    J.4 Dossier Algemeen overleg zware milieucriminaliteit d.d. 1 juni
    1995 (literatuur, correspondentie,
    kamerstukken), J.5 Trendstudie chemisch afval 1990-2000, februari
    1993; J.6 Handboek gecompliceerde
    Milieudelicten Arrondissementsparket Arnhem; Koers, J.,
    Aanbiedingsbrief d.d. 27 september 1995; Bijlage 1:
    Proces verbaal betreffende de infiltratie in het G-2 (4M) onderzoek
    van het kernteam Noord-Oost Nederland
    Arrondissementsparket ‘s-Gravenhage; KLPD/CRI/ACCI, Bijlage 1:
    Advies van de Werkgroep officiersoverleg
    drugs d.d. 22 oktober 1980 aan de vergadering van
    procureurs-generaal over de undercover-agent; Bijlage 2:
    Jaarverslag ACCI 1994
    Arrondissementsparket Groningen, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Brief
    van OvJ M.H. Severein d.d. 17 maart
    1995 met de beschikking goedkeuring toepassing politile
    infiltratie; Bijlage 2: Jaarverslag 1990 van het
    Arrondissementsparket Groningen; Bijlage 3: Jaarverslag 1993 van
    het Openbaar Ministerie, Resort
    Leeuwarden; Bijlage 4: Jaarplan 1995 van het Arrondissementsparket
    Groningen; Bijlage 5:
    Beleidsuitgangspunten OM 1993-1995 van het Arrondissement
    Groningen; Bijlage 6: Concept-verslag
    vergadering Brede Overleggroep Zware Criminaliteit (BOZ) d.d. 2
    december 1994; Bijlage 7: Brief van OvJ
    M.H. Severein d.d. 7 september 1994 met een Nota t.b.v. het overleg
    BOZ over het functioneren van RCID’s en
    de CID-officieren van justitie; Bijlage 8: Concept-verslag BOZ d.d.
    21 oktober 1994; Bijlage 9: Concept-verslag
    BOZ d.d. 24 juni 1994; Bijlage 10: Verslag CID-overleg d.d. 29
    april 1994
    Arrondissementsparket Haarlem, Aanbiedingsbrief; Bijlage A:
    Beleidsprioriteiten voor het parket Haarlem in
    1993; Bijlage B: Unit Specialismen in oprichting, Plan van aanpak
    taakgebied bestrijding georganiseerde
    criminaliteit: beleidsintenties en beleidsdoelstellingen, 26 juli
    1993; Bijlage C: Planning en Control 1995
    Zware georganiseerde criminaliteit; Bijlage D: Aandachtspunten voor
    het management van grootschalige
    onderzoeken in de sfeer van de georganiseerde criminaliteit: Sheets
    Stichting Studiecentrum Rechtspleging;
    Bijlage E: Unho Specialismen, Beantwoording vragen parlementaire
    enqutecommissie opsporingsmethoden;
    Bijlage F: Werknotitie van mr. Gonzalez: handvat voor het sturen
    t.a.v. inzet (bijzondere) opsporingsmethoden;
    Bijlage G: CID-officier van justitie
    Arrondissementsparket Rotterdam, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Jaarverslag 1990; Bijlage 2: Jaarverslag 1991;
    Bijlage 3: Jaarverslag 1992; Bijlage 4: Jaarrapport 1992; Bijlage
    5: Jaarrapport 1993; Bijlage 6: Parketplan
    1994; Bijlage 7: Parketplan 1995
    Arrondissementsparket Zwolle/Stafbureau Hoofdofficier van Justitie;
    Holthuis, H.A., Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Projectplan landelijk Bureau OM, maart 1995
    Arrondissementsrechtbank Amsterdam, Aanbiedingsbrief; Bijlage A:
    Brief d.d. 5 juli 1994 van het Hoofd van de
    Directie Rechterlijke Organisatie, P.F.M. Jgers, betreffende
    toewijzing middelen aanpak zware georganiseerde
    criminaliteit; Bijlage B: Richtlijnen onderzoek van
    telefoongesprekken: Modelbrief d.d. 2 juli 1984 van de
    hoofdofficieren van justitie aan de politie; Bijlage C: Interne
    nota’s t.b.v. strafrechters (inclusief
    rechters-commissarissen) ter implementatie van nieuwe regelgeving
    betreffende: 1. Wet Computercriminaliteit
    (d.d. februari 1993), 2. Plukze (d.d. 5 september 1993), 3. Plukze:
    administratief (d.d. 5 september 1993), 4.
    Ontnemingsprocedure (d.d. 8 september 1993), 5. Tbs en observatie
    (d.d. 7 februari 1994), 6. Rekestenkamer
    en Plukze: beslagtoetsing en derdenbelang (d.d. 25 mei 1994), 7.
    Overgangsrecht Plukze (d.d. 8 september
    1993), 8. DNA-onderzoek in strafzaken (d.d. 15 augustus 1994), 9.
    Toetsing van de rechtmatigheid van de
    inverzekeringstelling (ivs-toets) (d.d. 6 september 1994), 10.
    Algemene wet op het binnentreden (AWB) en Wet
    wijziging binnentredingsbepalingen (WWB) (d.d. 23 september
    1994)
    Arrondissementsrechtbank Amsterdam; Verheul, J.M., Brief d.d. 12
    september 1995 met bezwaren en
    argumenten tegen toetsing van pro-actieve verrichtingen door RC
    (rechter-commissaris) resp. raadkamer
    Arrondissementsrechtbank Breda, Aanbiedingsbrief d.d. 17 februari
    1995; Bijlage 1: Tapreglement voor het
    Arrondissement Breda
    Arrondissementsrechtbank ‘s-Hertogenbosch; Gelderman, E.F.G.M.,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Kopie van de
    notulen van het eerste landelijke overleg van de cordinerende
    rechters-commissarissen d.d. 11 mei 1995 met
    een verkennende brain-storming met J. Naey, G. Knigge en A.
    Patijn
    Arrondissementsrechtbank Zwolle, Beantwoording van door de
    Enqutecommissie gestelde vragen, 14 maart
    1995
    Arrondissementsrechtbank Zwolle, Aanbiedingsbrief d.d. 3 april
    1995; Bijlage 1: Concept-reglement voor de
    Landelijke Vergadering van rechters-commissarissen in strafzaken;
    Bijlage 2: Gedachtenweergave over de
    invulling van functie en taak van de nieuwe cordinerend
    rechter-commissaris
    Bedrijfschap Horeca, Bijlage 1: Notitie criminaliteitsbestrijding
    in de horeca, 1995; Bijlage 2:
    Criminaliteitspreventie in de horeca: Maatregelen in de praktijk,
    1994; Bijlage 3: Mertens, N.J.G., Agressieve
    vermogenscriminaliteit ten nadele van Chinese horeca-ondernemers:
    Uitkomst van een enqute naar de aard
    en omvang van de agressieve vermogenscriminaliteit gepleegd ten
    nadele van de Chinese
    horeca-ondernemers, 1993
    Begeleidingscommissie CID, Verslagen van de vergaderingen over de
    periode 13 oktober 1987 – 31 maart
    1993
    Bevers, Hans; Joubert, Chantal, Aanbiedingsbrief, Bijlage 1:
    Observation; Bijlage 2: Controlled delivery and
    relating policing techniques; Bijlage 3: Verslagen van interviews
    met: Rechtsanwltin Marita Birgelen,
    Kriminalrat Clauer, Heiner Busch, H. Bnninghaus (Polizeiprsident),
    H. Zdriliuk (Auslandbeziehungen),
    Reungoat (gendarmerie), J.-Y. Lienard (Avocat)
    Boon, P.J., Advies over het begrip het belang van de staat in de
    wet op de Parlementaire Enqute, 20
    februari 1995
    Brink Groep Leidschendam; Strik, J.F.M., Metroproject Beneluxlijn:
    Kansen voor de georganiseerde misdaad en
    eventuele maatregelen, 1995
    Brink Groep Leidschendam; Strik, J.F.M.; Smit, C.,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Beknopt verslag bespreking d.d.
    13 april 1995 over georganiseerde criminaliteit tussen
    vertegenwoordigers van de Politie Amsterdam en de
    Brink Groep; Bijlage 2: Hessels, Hetty, Duits aanbestedingsbeleid
    is toe aan herzieningen, In: Cobouw (1995)
    (18 apr)
    College van Procureurs-generaal; Randwijck, R.J.C. van, Nota
    Functioneren RCID Kennemerland, 1995
    College van procureurs-generaal, Discussienota t.b.v. de
    vergadering van het College van procureurs-generaal,
    bedoeld om te komen tot een gemeenschappelijk standpunt, inzake de
    bijzondere opsporingsmethoden
    Commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie
    (Belgi)/Bijzondere brigade beteugeling zware
    criminaliteit, Aanbiedingsbrief d.d. 19 juli 1995; Bijlage 1:
    Outprint slides van de presentatie van dhr. J.
    Trotteyn over de bijzondere opsporingstechnieken
    Crown Prosecution Service (Groot-Brittanni)/International Division,
    Aanbiedingsbrief d.d. 5 juli 1995; Bijlage
    1: Home Office, Disclosure: A consultating document, 1995; Bijlage
    2: Circulars CPS giving guidance to Crown
    Prosecutors on disclosure; Bijlage 3: Circular Home Office on
    cautioning of offenders
    De Brauw Blackstone Westbroek advocaten & notarissen; Franx,
    J.K., – Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Adviezen
    verschoningsrecht en belang van de staat
    DEA, Convenant met afspraken tussen DEA, CRI en Rijkspolitie
    Alkmaar over de opzet van een internationale
    undercover-operatie, 1984
    Den Hollander Advocaten; Ardenne, F.G.L. van, Brieven aan de
    minister van Justitie over de vraag of de
    Ramola/Riad-Nador zaak is aangemeld bij de CTC, oktober/november
    1995
    ECD, Bijlage 1: Jaarwerkplan 1995; Bijlage 2: Werkplan 1 oktober
    1994 t/m 31 december 1995; Bijlage 3:
    Werkplan 1994; Bijlage 4: Quo Vadis: notitie over recente
    ontwikkelingen, 1994; Bijlage 5: Cursus t.b.v. het
    BOC-team: informatie-vergaring en -gebruik; Bijlage 6:
    Beleidsintensivering bestrijding georganiseerde
    criminaliteit, 1994; Bijlage 7: Taakomschrijvingen in formatieplan
    BOC-team, 1994; Bijlage 8:
    (Concept)Privacy-reglement ECD, 1993; Bijlage 9: Dienstbericht
    94.011 d.d. 25 juli 1994 betreffende de Wet
    persoonsregistraties; Bijlage 10: Visser, M.L. (CIAD), Notitie Het
    Nederlands Meldpunt Bijzondere Metalen,
    1994; Bijlage 11: Gegevens inzake CAS 1.6 (Controle administratie
    systeem); Bijlage 12: Ministerie van
    Financin, Voorschrift informatieverstrekking 1993; Bijlage 13:
    Verdrag met de Verenigde Staten inzake de
    wederzijdse bijstand bij de uitwisseling van informatie op
    effectengebied; Bijlage 14: Convenant tussen ECD
    en CRI over samenwerking op het gebied van criminele informatie en
    criminele inlichtingen d.d. 6 september
    1989; Bijlage 15: Samenwerking andere opsporingsdiensten:
    geheimhouding, In: Voorschrift Inen uitvoerwet
    Fijnaut, C.J.C.F., Brief met het resultaat van een zoekactie in het
    LCID-bestand naar deals met criminelen, 3
    april 1995
    FIOD, Aanbiedingsbrief; Bijlage A: Organogram; Bijlage B:
    Losbladige doelgroepbeschrijvingen van:
    cafetaria’s en snackbars (publikatie 16), cafs, bars en nachtclubs
    (53), chinees-indische restaurants (49),
    restaurants (63), bouw (66); Bijlage C: 1. Voorschrift
    informatieverstrekking 1993, 2. Voorschrift wederzijdse
    bijstand douane, 3. Voorschrift fiscaal-strafrechtelijke
    bepalingen, 4. Verzamelband der bilaterale verdragen
    Inlichtingenartikelen: Bureau Wederzijdse Bijstand/Heffing; Bijlage
    D: Wet Persoonsregistraties en reglementen
    bescherming levenssfeer; Bijlage E: Notulen vergaderingen Platform
    Bijzondere Opsporingsdiensten in 1994;
    Bijlage F: Overzicht afgeronde fraudezaken 1994 en bovenregionale
    onderzoeken tegen georganiseerde
    misdaad
    FIOD, Aanbiedingsbrief d.d. 1 maart 1995; Bijlage 1:
    Functiebeschrijving medewerker opsporing; Bijlage 2:
    Vacaturetekst medewerker opsporing; Bijlage 3: Informatie
    recherche-opleiding FIOD; Bijlage 4:
    Sollicitatieformulier; Bijlage 5: Toelichting op het dienstadvies
    voor Rechercheur FIOD; Bijlage 6: Informatie
    opleidingen belastingdienst
    Fokkens, J.W., Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Notitie De
    rechter-commissaris en de georganiseerde criminaliteit,
    20 juli 1995
    Gemeente Groningen, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Nota Preventieve
    aandachtspunten inzake fraude, 1 juni
    1995; Bijlage 2: Persbericht d.d. 6 juni 1995 inzake genoemde nota,
    Bijlage 3: Gedragscode voor ambtenaren
    KLPD/CRI; Theeuwes, H.J.C.M., Brief d.d. 12 juni 1995 over het
    aantal CID subjecten
    KLPD/CRI/ANCPI; Karstens, R., Informatie over politile infiltratie
    (o.a. verslagen International Workinggroup on
    Police Undercover Work, gegevens van infiltratie-operaties vanaf
    1985)
    KLPD/CRI/Dienst Internationale Samenwerking/Afdeling Liaisons;
    Kops, A.A.C., Brief d.d. 2 mei 1995 over
    buitenlandse liaison-officers in Nederland
    KLPD/CRI/Forensische Accountancy; Haar, Rene ter, Aanbiedingsbrief;
    Bijlage 1: Janse, J.K.A.; Hoek, B.N. van,
    De Politie en financile criminaliteit, 1995; Bijlage 2:
    Fieccom-project, Schijn bedriegt: Financieel
    Economische Constructies, 1994; Bijlage 3: Janse, J.K.A. Criminele
    effecten: Een onderzoek naar
    georganiseerde criminaliteit in relatie tot het effectenwezen,
    1994
    KLPD/DTOO, Aanbiedingsbrief d.d. 2 juli 1995; Bijlage 1: Sheets
    Open(baar)heid versus afscherming en casus
    CID-cursus Juridisch advies rechercheoperaties, waarbij arresten
    besproken worden
    Korpsbeheerdersberaad, Verslag vergadering Kbb d.d. 5 februari
    1994
    LBOM, Aanbiedingsbrief; Bijlage I: Documenten betreffende de
    taakomschrijving van de landelijk CRI-OvJ;
    Bijlage II: Uitgangspunten en procedures ter uitvoering van art. 17
    van het VN-verdag sluikhandel over zee d.d.
    20 december 1988 (contact LOvJ en Buitenlandse Zaken); Bijlage III:
    Richtlijnen voor de buitenlandse
    liaison-officiers in Nederland (d.d. 21 maart 1994); Bijlage IV:
    Aantal via het LCGO binnengekomen
    gecontroleerde afleveringen (1995)
    LSOP, Bijlage 1: Jaarverslag 1992-1993; Bijlage 2: Meerjaren
    Beleidsplan 1993-1998; Bijlage 3: Dienstengids
    1995-1996; Bijlage 4: Basisopleiding voor de agent; Bijlage 5: De
    surveillant van politie: selecteren en
    opleiden voor een nieuwe functie; Bijlage 6: Bezig zijn met recht;
    Bijlage 7: Het hanteren van bevoegdheden;
    Bijlage 8: Werken aan leefbaarheid en veiligheid op straat (deel
    I); Bijlage 9: Werken aan leefbaarheid en
    veiligheid op straat (deel II); Bijlage 10: Helpen aan de balie en
    arrestantenverzorging; Bijlage 11: Modules
    van de opleidingen van het LSOP
    Ministerie van Binnenlandse Zaken, Brief met de teksten van de
    circulaires die na de inwerkingtreding van de
    Politiewet 1993 nog geldig zijn (o.a. Circulaire EA69/U126 d.d. 17
    januari 1969 inzake strafrechtelijke en
    disciplinaire onderzoeken naar gedragingen van politieambtenaren,
    Circulaire 608C576 d.d. 27 september
    1976 Opmaken p-v tegen onbekende daders, Circulaire EA82/U2603 d.d.
    18 februari 1983 Vaststelling
    standaardprocedure benaderingstechniek gevaarlijke verdachten,
    Circulaire EA88/447/U41 d.d. 3 april 1989
    Regeling bijzondere opsporingskosten politie 1989, Circulaire
    180372/92/POL d.d. 14 juni 1993
    Opsporingsberichtgeving via media)
    Ministerie van Binnenlandse Zaken; Kapsenberg, J., Concept-notitie
    Bestuurlijke aanpak van georganiseerde
    criminaliteit, 14 februari 1995
    Ministerie van Binnenlandse Zaken; Ministerie van Justitie;
    Veringmeijer, L., Notitie De verantwoordelijkheid
    van de korpsbeheerder en de korpschef voor de toepassing van
    opsporingsmethoden, 20 september 1995
    Ministerie van Justitie; Sorgdrager, W., Brief d.d. 12 juli 1995
    waarin de korpsbeheerders worden genformeerd
    over het beleid m.b.t. de normering van en controle op door de
    politie te hanteren ingrijpende
    opsporingsmethoden
    Ministerie van Justitie, Interimverslag Project ondersteuning
    Openbaar Ministerie d.d. 8 febrauri 1995, alsmede
    de toegevoegde bijlagen: 1. Startdocument onderhavig project, 2.A
    Eerste inventarisatie huidige taken
    hoofdafdeling Politieorganisatie en Bedrijfsvoering, 2.B Onderdeel
    ontvlechting en migratie beheerstaken uit
    rapport Ontwerpfase d.d. 12 september 1994, 3. Brief d.d. 7
    februari 1995 met het ontvlechtingsvoorstel
    Ministerie van Justitie, Bijlage 1: Projectdossier Reorganisatie
    Justitie: Eindversie Plan van aanpak
    kwartiermakersfase, februari 1995; Bijlage 2: Organisatierapport
    Naar een Dienst Rechtspleging d.d. februari
    1995, alsmede de bijlage betreffende de rapporten per
    veranderingsgebied; Bijlage 3: Dijk, J.J.M. van;
    Kuijper-Keijzer, C.L.; Leek, H.J. van der; Meurs, W.F.G.; H.P.
    Wooldrik, Met beleid: Organisatierapport
    beleidscluster, 8 maart 1995; Bijlage 4: Organisatie- en
    formatierapport eenheid politie, 4 mei 1995
    Ministerie van Justitie, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Verslagen van
    de Ressortelijke Adviescommissies Zware
    Criminaliteit vanaf 1 januari 1993: 1.A Ressort Arnhem, 1.B Ressort
    Amsterdam; Noord-Holland/Utrecht, 1.C
    Ressort Leeuwarden, 1.D Ressort Den Haag, 1.E Ressort Den Bosch;
    Bijlage 2: Richtlijn infiltratie d.d. 1 januari
    1985, alsmede een verslag van een mondelijk overleg daarover d.d.
    13 maart 1986 (Kamerstuk 19.328 002);
    Bijlage 3: Recherche Advies Commissie, Rapport Ethische aspecten
    van CID-werkzaamheden, juni 1995;
    Bijlage 4: stukken van het Arrondissementsparket Rotterdam i.h.k.v.
    de doorlichtingsactie;
    Ministerie van Justitie, Agenda vergadering Werkgroep wetgeving
    bijzondere opsporingsmethoden d.d. 26
    september 1995, waaraan toegevoegd: Bijlage 1: Jongeneel-van
    Amerongen, M, Notitie Probleemverkenning,
    21 september 1995; Bijlage 2: Mol Lous, L.P., Notitie Wetgeving
    bijzondere opsporingsmiddelen, 21
    september 1995; Bijlage 3: CID-regeling 1995; Bijlage 4: Patijn,
    A., De controle op de criminele
    inlichtingendienst, In: Nederlands Juristenblad 70 (1995) 19 (12
    mei) p. 696-701; Bijlage 5: Gelderman,
    E.F.G.M., Vroegsporing onder controle van de CRC?, In: Trema (1995)
    7 (juni) p. 220-226
    Ministerie van Justitie, Bijlage 1: Verslag eerste bijeenkomst
    Werkgroep wetgeving bijzondere
    opsporingsmethoden d.d. 26 september 1995; Bijlage 2: Jongeneel-van
    Amerongen, M., Notitie Eerste aanzet
    om te komen tot criteria voor de toepassing van bijzondere
    opsporingsmethoden, 12 oktober 1995; Bijlage 3:
    Jongeneel-van Amerongen, M., Notitie om informatie betreffende de
    toepassing van opsporingsmethoden,
    indien dit nodig is, af te schermen, 12 oktober 1995; Bijlage 4:
    Jongeneel-van Amerongen. M., Notitie
    Toetsing van en controle op de opsporing, 12 oktober 1995; Bijlage
    5: Home Office, Disclosure: A consultation
    document, 1995
    Ministerie van Justitie, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Beschikking
    Minister van Justitie d.d. 21 augustus 1995 ter
    instelling van een commissie getuigenbescherming; Bijlage 2:
    Circulaire d.d. 19 mei 1995 betreffende
    aanhoudings- en ondersteuningseenheden
    Ministerie van Justitie, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Notulen van
    het College van Procureurs-Generaal van 10
    januari 1995 t/m 18 oktober 1995; Bijlage 2: Notulen van de
    Overlegvergadering(en) van 11 januari 1995 t/m
    11 oktober 1995
    Ministerie van Justitie; Niessen, C.R., Aanbiedingsbrief d.d. 1
    juli 1995; Bijlage 1: Notitie betreffende de vraag
    of op basis van de Wet op de Parlementaire Enqute het verslag van
    een besloten verhoor openbaar kan zijn
    Ministerie van Justitie; Riks, E., Brief met nadere informatie
    m.b.t. doorlichtingsactie, 8 augustus 1995
    Ministerie van Justitie/Afdeling Internationale Rechtshulp; Suyver,
    J.J.H., Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Brief van
    de Minister van Justitie d.d. 27 maart 1995 over de
    inwerkingtreding van de Schengen
    Uitvoeringsovereenkomst op 26 maart 1995
    Ministerie van Justitie/Directie Politie, Aanbiedingsbrief; Bijlage
    1: (dossiermap RAC-I): 1.1 Verslagen
    RAC-vergaderingen, 1.2 Verslag Werkgroep Criminele
    Inlichtingendienst (Vermeij) d.d. 8 september 1972, 1.3
    Brief d.d. 28 oktober 1982 inzake deals met criminelen, 1.4 Rapport
    van de Werkgroep Informanten en
    tipgelden d.d. juni 1983, 1.5 Rapport van de Werkgroep Pseudokoop,
    1.6 Rapport van de Werkgroep Tipgelden
    d.d. 1989, 1.7 Brieven en notulen betreffende vaststelling hoogte
    tipgeldbedragen, 1.8 Brief d.d. 10 juli 1991
    van de procureur-generaal te Den Bosch inzake bedreigde
    politie-informant, 1.9 Werkgroep Leugendetectie,
    Rapport De leugendetector, oktober 1993, 1.10 Eindrapport Regionale
    samenwerking technische recherche,
    1.11 Rapport Kwaliteitsborging Technische Recherche d.d. oktober
    1992; Bijlage 2 (dossiermap RAC-II): 2.1
    Brief d.d. 2 september 1994 inzake instelling Werkgroep
    Informatie-uitwisseling verzekeraars – politie/justitie,
    2.2 Rapport Werkgroep afluisteren (o.v.v. L.A.J.M. de Wit) d.d. 24
    december 1981, 2.3 Werkgroep Scannen,
    Rapport Afluisteren van politieverbindingen door derden, maart
    1990/Rapport d.d. december 1991 van de
    CPRC/CPSC-werkgroep belast met het uitwerken van de aanbevelingen
    uit genoemd rapport, 2.4 Rapport van
    de Werkgroep Direct afluisteren d.d. september 1991, 2.5 Rapport
    van de Werkgroep Justitieel aftappen
    telecommunicatie in de toekomst d.d. november 1991, 2.6 Project
    harmonisering nationale
    informatiehuishouding georganiseerde misdaad d.d. oktober 1993,
    2.7: Rapport van de Projectgroep
    misdaadanalyse d.d. januari 1986/Werkgroep misdaadanalyse,
    Evaluatie Proeftuinenproject misdaadanalyse,
    augustus 1991, 2.8: Vierde voortgangsrapportage werkgroep
    Misdaadanalyse/Fijnaut, Cyrille, Politiele corruptie
    in Nederland: Een impressie van 14 gevallen/Cyrille Fijnaut,
    Tilburg, 1993/Brief d.d. 13 april 1993 inzake
    Oost-Europa, 2.9 Projectgroep Fraudepreventie Rijnmond; Landman,
    Richard R.J., Georganiseerde fraudes in
    de regio Rijnmond: deelrapport III, 1994, 2.10 Brieven inzake
    Politie en Integriteit van de minister van
    Binnenlandse Zaken d.d. 19.940.705 en van Justitie d.d. 19940826;
    Bijlage 3: Werkgroep zware
    milieucriminaliteit, Aanpak zware milieucriminaliteit, september
    1992; Bijlage 4 (dossiermap
    Begeleidingscommissie CID): 4.1 Beschikkingen Begeleidingscommissie
    CID d.d. 28 augustus 1987 en 13
    oktober 1992, 4.2 Jaarverslag 1991 Begeleidingscommissie CID, 4.3
    Brief d.d. 21 januari 1988 inzake gezag
    en beheer, 4.4 Brief d.d. 22 december 1987 inzake Automatisering
    CID, 4.5 Brief d.d. 18 april 1988 inzake
    Aanpassing Privacy-reglement CID-regeling, 4.6 Brief d.d. 11 mei
    1988 inzake inlichtingen
    persoonsgericht/zaakgericht, inlichtingen uit het grijze veld, 4.7
    Brief d.d. 25 mei 1988 inzake inlichtingen uit
    het grijze veld, 4.8 Brief d.d. 25 mei 1988 inzake cid-formulier
    (4×4 formulier), 4.9 Brief d.d. 25 mei 1988
    inzake automatisering CID, 4.10 Brief d.d. 1 september 1988 inzake
    koppeling informatiebestanden, 4.11
    Enqute Stand van zaken voortgang ontwikkeling regionale CID’s per 1
    januari 1989, 4.12 Brief
    Procureur-Generaal Den Bosch d.d. 17 februari 1989 inzake Opname
    d.m.v. telefoontap verkregen gegevens in
    CID-bestanden, 4.13 Brief d.d. 9 maart 1989 inzake Beleid
    tipgelden, 4.14 Model-instructie ex. art. 16 van het
    CID-privacyreglement 1986, 4.15 Brief d.d. 15 maart 1989 inzake
    Informatie-uitwisseling Bijzondere
    Opsporingsdiensten en Politie, 4.16 Advies d.d. 15 maart 1989 van
    de Werkgroep Integratie van de Regionale
    Vuurwapeninstructies in de (R)CID, 4.17 Brief d.d. 8 juni 1989
    inzake tap-gegevens in cid-bestanden, 4.18 Brief
    d.d. 12 juni 1989 inzake inbedding postale recherche in het
    cid-circuit, 4.19 Brief d.d. 20 juni 1989 inzake
    afluisteren van telefoongesprekken in het kader van een gvo, 4.20
    Brief d.d. 20 juni 1989 inzake relatie
    PID/BVD en CID, 4.21 Brief d.d. 20 juni 1989 inzake
    werkdrukonderzoek (r)cid,4.22 Brief d.d. 22 juni 1989
    inzake integratie regionale vuurwapencentrales in de (r)cid, 4.23
    Brief d.d. 18 augustus 1989 inzake wijziging
    CID-regeling, 4.24 Brief d.d. 22 augustus 1989 inzake art. 4
    CID-Privacy-reglement, 4.25 Brief d.d. 21
    september 1989 inzake CID-Privacyreglement KMar, 4.26 Brief d.d.
    oktober 1989 inzake Werkdrukonderzoek
    (r)cid, 4.27 Brief d.d. 27 oktober 1989 inzake inlichtingen uit het
    grijze veld, 4.28 Brief d.d. 27 oktober 1989
    inzake integratie lokale cid-bestanden, 4.29 Brief d.d. 22 februari
    1990 inzake aansluiting Dienst Luchtvaart
    (DLV), 4.30 Brief d.d. 22 februari 1990 inzake een CID voor de
    Recherchedienst Betalingsverkeer, 4.31 Brief
    d.d. 14 maart 1990 inzake problematiek art. 4 CID-Privacyreglement,
    4.32 Brief d.d. februari 1990 inzake
    toegang tot CID-registraties, 4.33 Brief d.d. 15 mei 1990 inzake
    CID-automatisering, 4.34 Advies inzake
    internationale gegevensverstrekking vanuit politieregisters d.d. 21
    juli 1990, 4.35 Brief d.d. 26 juli 1990 inzake
    melding CID-acties, 4.36 Brief d.d. 7 december 1990 inzake
    Detentie-situatie CID-subjecten, 4.37 Brief d.d. 4
    januari 1991 inzake eindrapportage werkgroep Herziening
    CID-regeling, 4.38 Modelreglement Grijze Veld
    Register RCID d.d. 14 februari 1991, 4.39 Brief d.d. 8 april 1991
    inzake CID KMar, 4.40 Brief d.d. 19 juni 1991
    inzake Eindrapport BFO, 4.41 -, 4.42 Brief d.d. 19.910.704 inzake
    herziening CID-regeling;4.43 Brief d.d. 13
    augustus 1991 inzake Concept Herziene CID-regeling en
    privacy-reglement informantenregister, 4.44
    Eindrapportage van de Werkgroep Modelinstructie CID d.d. november
    1991, 4.45 In-pact, Advies inzake
    onderzoek naar huidige en toekomstige ontwikkelingen van
    CID-applicaties, 6 december 1991, 4.46 Brief d.d.
    16 december 1991 inzake CID-functie in de toekomstige
    politiekorpsen, 4.47 Eindrapportage van de Werkgroep
    Modelinstructie CID d.d. december 1991, 4.48 Brief d.d. 8 januari
    1992 inzake Adviesaanvrage CID-status
    rijksrecherche, 4.49 Brief d.d. 18 februari 1992 inzake Rapport
    In-pact m.b.t. CID applicaties (4.45), 4.50 Brief
    d.d. 29 mei 1992 inzake Begeleiding CRI/CID-organisatie, 4.51 Brief
    d.d. 29 mei 1992 inzake relatie PID/RID
    en CID, 4.52 Brief d.d. 29 mei 1992 inzake Landelijk CRI-officier
    van justitie, 4.53 Eindrapportage
    Begeleidingscommissie Werkdrukonderzoek CID d.d. 29 juli 1992, 4.54
    Brief d.d. 28 september 1992 inzake
    CID Subjecten Index, 4.55 Brief d.d. 2 november 1992 inzake
    Adviesaanvrage m.b.t. het vertrekken van
    CID-gegevens aan het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties, 4.56
    Brief d.d. 5 november 1992 inzake het
    gebruik van politieregisters voor bestuurlijke doeleinden; Bijlage
    5: Overzicht van de onderwerpen waarover de
    Begeleidingscommissie CID adviezen heeft gegeven
    Ministerie van Justitie/Directie Politie, Aanbiedingsbrief; Bijlage
    1: Brief d.d. 1 juni 1995 van W. Sorgdrager
    (minister van Justitie) aan A.W.H. Docters van Leeuwen (voorzitter
    college van procureur-generaals) over het
    rijksrecherche-onderzoek CID Kennemerland; Bijlage 2: Ficq,
    C.R.L.R.M., Eerste tussenrapportage van
    genoemd rijksrecherche-onderzoek, 8 juni 1995; Bijlage 3: Zwerwer,
    S.; Pijl, D., Rapportage onderzoek
    CID-Kennemerland, 7 juni 1995; Bijlage 4: Brief d.d. 9 juni 1995
    van de minister van Justitie over het
    rijksrecherche onderzoek/bijzondere opsporingsmethode; Bijlage 5:
    Brief d.d. 15 juni 1995 van Docters van
    Leeuwen over de procedure m.b.t. het opsporingsmiddel
    gecontroleerde doorlevering
    Ministerie van Justitie/Directie Wetgeving; Patijn, A.,
    Aanbiedingsbrief d.d. 19 juli 1995; Bijlage 1:
    Voorontwerp Wijziging van de Wet politieregisters
    Ministerie van Justitie/Extern Wetenschappelijke Betrekkingen,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Verslag
    vergadering Begeleidingscommissie Bijzondere opsporingsmethoden
    d.d. 13 juni 1995
    Ministerie van Justitie/Sector Onderzoek & Analyse,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Hoorn, A.M. van,
    Tussenrapportage Evaluatie Wet Getuigenbescherming: pilot study,
    september 1995
    Ministerie van Justitie/Stafafdeling Wetgeving Publiekrecht,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Brief d.d. 3 mei 1995
    van C.D. van der Vijver van de Stichting Maatschappij en Politie,
    waarin de Concept-Rapportage wordt
    aangeboden van de projectgroep Veiligheid verzekeren en politie
    o.l.v. G.J. van Dinter
    Ministerie van Justitie/WODC, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Reijne,
    Z.; Kouwenberg, R.F.; Keizer, M.P., Tappen
    in Nederland: tussenrapportage, 1995; Bijlage 2: Brief d.d. 1
    november 1995 van H.G. van de Bunt over de
    status van genoemde rapportage
    Ministerie van Justitie/WODC; Cozijn, C., Wet en besluit
    Politieregisters: Een inventarisatie van knelpunten in
    de politiepraktijk, 1995
    Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing/Stichting Beroepsmoraal
    en Misdaadpreventie, Aanbiedingsbrief
    d.d. 8 juni 1995; Bijlage 1: Algemene informatie; Bijlage 2: Folder
    Werk jezelf niet in de problemen: De
    achtergrond, de aanpak en de middelen; Bijlage 3: Handreiking Hoe
    wapen ik mijn organisatie tegen
    criminaliteit; Bijlage 4: Eindrapport van de Stuurgroep
    beroepsmoraal en misdaadpreventie, november 1994
    Nederlandse Orde van Advocaten, Aanbiedingsbrief onderzoek
    opsporingsmethoden; Bijlage 1: Brief van E.
    Rotshuizen (Boonstra Rademakers) d.d. 22 juni 1995 met arrest HR 30
    mei 1995, nr. 99.800; Bijlage 2:
    Sjcrona Van Stigt De Roos & Pen: Arrest HR 06 juni 1995, nr.
    100.084; Bijlage 3: Sjcrona Van Stigt De Roos
    & Pen: Arrest HR 28 maart 1995, nr 98.610; Bijlage 4: Brief van
    B.C.W. van Eijck (Sjcrona Van Stigt De Roos
    & Pen) met het vonnis Rb Rotterdam 12 augustus 1993, nrs.
    10-060.209-93 en 10-069.797-92; Bijlage 5:
    Sjcrona Van Stigt De Roos & Pen: Arrest Hof Amsterdam 31
    oktober 1994, nr. 23-001.411-94; Bijlage 6: Brief
    van J. Goudswaard (Wladimiroff & Spong) met pleitnotities
    betreffende zitting Hof Amsterdam inzake nr.
    23-001.962-94; Bijlage 7: Brief van J.K. Gaasbeek (Gaasbeek &
    Gaasbeek) d.d. 10 juli 1995 met een selectie
    van grensoverschrijdende of grenszoekende opsporingsmethoden;
    Bijlage 8: Brief van P.W. van der Kruijs (Van
    der Kruijs Nooteboom Nelissen Renckens) met commentaar op het
    vonnis Rb Den Bosch 02 juli 1994, nr.
    01-037.039-94; Bijlage 9: Brief van A.M.M. Orie (Wladimiroff &
    Spong) inzake n geval van het opmaken van
    een vals pv; Bijlage 10: Brief van M.R. Mantz d.d. 12 juli 1995,
    met informatie over o.a. zijn eigen strafzaak;
    Bijlage 11: Brief van R.B. Milo (Poelman Denneman Bruinsma) inzake
    verslaggeving door de politie
    NPA; LSOP, Aanbiedingsbrief d.d. 13 juli 1995; Bijlage 1: Leerplan
    Zware georganiseerde criminaliteit
    jaargroep 1991, extrane 1992 en academici 1993; Bijlage 2: Leerplan
    extrane 1994; Bijlage 3: Leerplan
    jaargroep 1993; Bijlage 4: Leerplan jaargroep 1994; Bijlage 5:
    Leerplan jaargroep 1995/1996; Bijlage 6:
    Syllabus Beheersing zware georganiseerde criminaliteit
    (literatuurmap)
    NPA; LSOP, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Cursistennaslagwerk Module
    Opsporingstactiek en -techniek
    Methoden en organisatie, bestaande uit de onderdelen:
    opsporingstactiek, opsporingstechniek,
    slachtofferzorg
    Open Universiteit; Reyntjes, J.M., Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Tekst van de lezing gehouden op 14 maart 1995
    in het studiecentrum van de OU te Zwolle ter gelegenheid van het
    eerste lustrum van de studentenvereniging
    Recht Evenredig
    Parket Procureur-Generaal Gerechtshof ‘s-Gravenhage; Docters van
    Leeuwen, A.W.H., Aanbiedingsbrief; Bijlage
    1: Brief d.d. 23 juni 1995 aan R.J. Samsom (Ministerie van VWS)
    i.v.m. diens uitlatingen van dhr. Samsom
    over het, met medeweten van de betrokken OvJ, onkundig houden van
    de korpsleiding van voortgang bij
    bepaalde onderzoeken; Bijlage 2: Brief d.d. 3 juli 1995 van dhr.
    Samsom aan dhr. Docters van Leeuwen met
    een reactie op genoemde brief; Bijlage 3: Brief d.d. 31 mei 1995
    van dhr. Samsom aan de ministers van VWS
    en Justitie, alsmede aan de staatssecretaris van Binnenlandse
    Zaken, inzake drugbeleid/drugnota
    Parket Procureur-Generaal Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Verslag van de
    ressortvergadering ‘s-Hertogenbosch d.d. 25 januari 1989; Bijlage
    2: Zeijl, W.J.B. van, Notitie Tap-gegevens in
    CID-bestand, 11 januari 1989; Bijlage 3: Bader, Etienne,
    Overzichten telefoontapbeschikkingen, 11 november
    1988 (landelijk 1982-1987, Den Bosch 1975-1987, Roermond 1975-1987,
    Breda 1975-1987, Maastricht
    1975-1987)
    Parket van het Hof van Beroep (Belgi)/Nationale Magistraat;
    Duinslaeger, P., Aanbiedingsbrief d.d. 21
    november 1995; Bijlage 1: Notitie met een reactie op de
    ontwerptekst van de Enqutecommissie over de
    normering van de opsporingsmethoden in Belgi
    Pijl, D., Brief over het (niet) verlenen van toestemming door de
    rechter-commissaris voor het (blijven) toepassen
    van het middel telefoontap, 10 juli 1995
    Rechercheschool Zutphen, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Ondernemingsplan Rechercheschool; Bijlage 2:
    Jaarstukken 1994; Bijlage 3: Aanmeldingen en plaatsingscijfers
    1989-1995; Bijlage 4: Amelsvoort, A.G. van,
    Handleiding confrontatie, 1994; Bijlage 5: Boekjes Wat u over de
    confrontatie moet weten; Bijlage 6:
    Amelsvoort, A.G. van, Project confrontatie: augustus 1992 februari
    1995; Bijlage 7: Programma cursus
    algemene recherche; Bijlage 8: Programma module algemeen juridisch
    kader; Bijlage 9: Infiltratiecursus;
    Bijlage 10: Cursusmap Pseudokoop, naast regelgeving en
    jurisprudentie o.a. opgenomen: 10.1 Regiopolitie
    Rotterdam-Rijnmond; Vlieger, Jaap de, Drugsterminologie, 1 januari
    1994, 10.2 Frielink, De anonieme getuige
    na Kostovski, In: Delikt en Delinkwent 20 (1990) 5
    Rechercheschool Zutphen, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Studiegids
    1994; Bijlage 2: Kiezen of delen:
    grondgedachten voor recherche-onderwijs; Bijlage 3: Terugblik op
    1991: Jaarverslag Rechercheschool; Bijlage
    4: Lesmap van de CID-cursus, zoals deze tot 1994 werd verstrekt en
    het bijbehorende lesprogramma, o.a.
    bevattend: 4.1 Roest, F., Notitie Van verdenking naar vervolging
    mede gebaseerd op cid-informatie, 27 juli
    1987, 4.2 Pels, Paul, Eigen winkels, In: Politie Magazine 2 (1993)
    11/12 (juli/aug) p. 4-7; 3 (1993) 1 (sept) p.
    14-17; 2 (okt) p. 9-11; 4.3 Huizing, Bert, Mensen na de
    IRT-affaire: De boeren hebben gewonnen, dat wel…, In:
    Politie Magazine 3 (1994) 9 (mei) p. 4-9, 4.4 Huijse, G., Regeling
    Tip-, toonen voorkoopgelden, januari 1992,
    4.5 Het runnen van informanten; Bijlage 5: Lesmap administratief
    personeel werkzaam bij een CID, o.a.
    bevattend: 5.1 De contactrechercheur, 5.2 Misdaadanalyse t.b.v.
    kursus administratief cid-personeel; Bijlage 6:
    Basiscursus sectie Technische Ondersteuning (STO), o.a. bevattend:
    6.1 CPRC, TORO: Technische
    Ondersteuning Recherche Operaties, februari 1989, 6.2 Ministerie
    van Justitie, Notitie Landelijke technische
    ondersteuningseenheid (LTO), 6 juli 1988; Bijlage 7: Lesmap
    opleiding voor Observatierechercheurs
    Rechercheschool Zutphen/Vakgroep recht; Egberink, A.G.M.;
    Ministerie van Justitie/Directie Politie; Wooldrik,
    H.P., Bijlage 1: Brief d.d. 29 november 1994 van dhr. Egberink aan
    dhr. Wooldrik over de juridische
    toelaatbaarheid van audio-visueel registreren van
    verdachtenverhoren; Bijlage 2: Brief d.d. 12 april 1995 van
    dhr. Wooldrik aan dhr. Egberink met een reactie op bovengenoemde
    brief
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland, Bijlage 1: Wessels, Dirk;
    Hengst, Stephan der, Voortschrijdend inzicht
    t.b.v. bestrijding (georganiseerde) criminaliteit, 11 november
    1994; Bijlage 2: Koningh, B.Th. de; Welten,
    B.J.A.M., Visie op de recherchefunctie 1994, november 1994; Bijlage
    3: Velsen, R.J.T. van; Visser, B.; Kerk,
    A.O. van der, De criminele informatiehuishouding: Definitief
    concept, 1 juni 1994; Bijlage 4: Leeuwrik, A.H.;
    Otten, G.A.M., Invoeringsplan Dienst Centrale Executieve &
    Ondersteunende recherche, 28 juni 1993
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland; J. van Looyen, CID-cursus,
    bestaande uit: Deel 1: Algemene informatie,
    wetgeving, jurisprudentie; Deel 2: Cursusmodule, opgesplitst in
    deelonderwerpen
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland; Looijen, Jan van, Vragenlijst
    t.b.v. CID-officieren van justitie, 1995
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland; Riessen, J.C. van, Bijlagen van
    J.C. van Riessen over Wierenga: 1.
    Riesen, J.C. van, Inleiding, 22 augustus 1994; 2. Rapporten Delta
    Operatie d.d. 10 februari 1994, 22 januari
    1994 en 8 november 1993; 3. Nordholt, E.E., Rapport aan de
    Commissie Wierenga, 28 februari 1994; 4.
    Ambtsbericht PG Van Randwijck d.d. 17 maart 1994; 5. Ambtsbericht
    HOvJ Vrakking d.d. 14 maart 1994; 6.
    Voorlopige standpuntbepaling OM inzake infiltratie d.d. 8 maart
    1994; 7. Advies Th.A. de Roos d.d. 23 maart
    1994
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland/AT Noord-Holland, Bijlage 1:
    Convenant samenwerkingsverband tussen
    het regionale politiekorps Amsterdam-Amstelland en de regionale
    politiekorpsen Gooi en Vechtstreek,
    Kennemerland, Noord-Holland Noord en Zaanstreek-Waterland,
    aangaande Arrestatieteam-werkzaamheden
    d.d. 14 september 1994; Bijlage 2: Aanvraagformulieren inzet AT
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland/Centrale Recherche; Kastel,
    J.A.P., Reactie op NRC-artikel d.d. 30
    september 1995 Rechercheurs klagen top korps Amsterdam aan
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland/Dienst Centrale Recherche,
    Aanbiedingsbrief, Bijlage 1: Jaarplan 1995
    Kernteam Amsterdam-Amstelland/Gooi en Vechtstreek; Bijlage 2:
    Rapportage 2e helft 1994 genoemd
    kernteam
    Regiopolitie Amsterdam-Amstelland/IRT; Woelders, W.H.,
    Proces-verbaal van bevindingen CID-informatie, 2
    oktober 1995
    Regiopolitie Brabant-Noord, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Organogram
    regiokorps Noord-Brabant Noord; Bijlage
    2: Organisatiebeschrijving dienst Zware criminaliteit en de RCID;
    Bijlage 3: Functiebeschrijvingen districten,
    RCID en dienst ZC; Bijlage 4: Rapport IIB van de dienst ZC; Bijlage
    5: Speerpuntenbeleid 1994; Bijlage 6:
    Notitie Kijkoperaties d.d. 18 november 1994; Bijlage 7:
    Driehoeksoverleg ZC; Bijlage 8: Verslagen
    Recherche-overleg; Bijlage 9: Inrichting, organisatie, taak en
    inzetprocedures interregionaal Arrestatieteam
    Zuid
    Regiopolitie Flevoland, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Organisatie
    ZwaCri; Bijlage 2: Notitie bestrijding ZwaCri
    Structuur in bestrijding zware georganiseerde criminaliteit, 28
    februari 1995; Bijlage 3: Halfjaarverslag 1994/II:
    juli-december; Bijlage 4: PV opgemaakt d.d. 9 maart 1995 door J.
    van Lith (RCID Flevoland), betreffende een
    aantal bijzondere opsporingsmethoden, gebruikt bij het
    Aster-onderzoek door het RRT 7 van de politie
    Flevoland inzake een softdrugs-organisatie
    Regiopolitie Gelderland Midden, Aanbiedingsbrief; Deel I (tactische
    recherche): Bijlage A: Beschrijving
    organisatie tactische recherche afdelingen; Bijlage B: Lijst
    medewerkers afdelingen georganiseerde
    criminaliteit; Bijlage C: C.1 Regionaal beleidsplan 1994, C.2
    Kaderbrief 1993-1994, 11 maart 1993, C.3 Vier
    jaren visie Arrondissementsparket Arnhem voor de politieregio,
    november 1993; Bijlage D/E: D.1 Adviesgroep
    o.v.v. A.J. Henzen, De schakel(ing) met de omgeving: een voorzet
    voor de hoofdlijnen van de organisatie van
    het regiokorps Gelderland-Midden, oktober 1991, D.2 Stappenplan
    zware & groepscriminaliteit (units Zwacri en
    Groecri); D.3 Nota inzet bijzondere opsporingsmiddelen/methoden, 6
    april 1995; Bijlage F: Voorbeelden van
    relevante externe en interne overlegvormen; Bijlage G: G.1
    Jaarverslag 1994, G.2 Tussenrapportage units
    georganiseerde criminaliteit, 2 oktober 1994; Deel II (CID):
    Bijlage 1: Schema beslissingsproces projecten
    Groeps- en Zware Georganiseerde criminaliteit; Bijlage 2/5: Twee
    dossiers uit ACIS; Bijlage 6: Twee
    fenomeendossiers betreffende Turkse en Chinese groepen; Bijlage
    7/9: Voorbeelden van PV’s opgemaakt bij
    informatieverstrekking en m.b.t. CID-informatie t.b.v.
    strafrechter; Bijlage 10: Overzicht OT-inzet in 1994 en
    1995, alsmede de betreffende informatiesets en
    observatie-rapporten; Bijlage 11/14: Stukken rond aanhouding
    door een AT; Bijlage 12/15: Overzicht assistenties Technische
    ondersteuning, alsmede vastlegging; Bijlage 13:
    Voorbeelden van observatierapporten; Bijlage 16: Voorbeelden
    dagrapporten runners; Bijlage 20: 20.1
    Actiepunten CID voor 1994, 20.2 Rapport Beleid, stand van zaken;
    een nieuwe impuls; Bijlage 21:
    begrotingsstukken CID betreffende onkosten runners en informanten;
    Bijlage 22: Overzichten Tip-, toon- en
    voorkoopgelden; Bijlage 23: Enkele rapporten ter zake van betaling
    van gelden aan informanten
    Regiopolitie Gelderland Midden, Huishoudelijk reglement CID
    Regiopolitie Gelderland-Midden/AT, Bijlage 1: (Concept) Notitie
    totstandkoming Groep Bijzondere Opdrachten
    (GBO) en arrestatieteam, inclusief functiebeschrijvingen; Bijlage
    2: Centrum voor Politiewetenschappen (VU);
    Timmer, Jaap, Onderzoek Politioneel vuurwapengebruik gewogen en
    getoetst, maart 1995; Bijlage 3:
    Overzicht inzet AT vanaf september 1994; Bijlage 4:
    Inzetaanvraag/checklist optreden AT/GBO, alsmede
    CID-informatierapport
    Regiopolitie Gooi en Vechtstreek, Bijlage 1: Organisatieplan, juni
    1993; Bijlage 2: Korpsbeleidsplan 1995;
    Bijlage 3: Korpsbeleidsplan 1994; Bijlage 4: Jaarverslag 1994 Regio
    Recherche/RCID; Bijlage 5: Vademecum
    Divisie EST, oktober 1994; Bijlage 6: CID: nader beschouwd
    Regiopolitie Haaglanden; Stadsgewest Haaglanden, Regionale
    handhavingsstrategie Haaglanden, 1993
    Regiopolitie Haaglanden, Bijlage 1: Bureau ICAR, Research voor het
    Kernteam Haaglanden, 25 oktober 1993;
    Bijlage 2: Paper Colombia; Bijlage 3: Paper Zuid-Amerika; Bijlage
    4: Bureau ICAR, Plan van aanpak voor een
    onderzoek t.a.v. de criminaliteitsproblematiek in de horeca in de
    regio Haaglanden, juni 1994; Bijlage 5:
    Structuur van het Hellas-onderzoek; Bijlage 6: Fenomeenonderzoek
    georganiseerde/zware milieucriminaliteit:
    Fase 1: Afbakening, 10 februari 1995
    Regiopolitie Haaglanden, Hollands Midden, Rotterdam-Rijnmond,
    Zeeland en Zuid-Holland Zuid/AT,
    Convenant eenvormige AT-zorg in het ressort ‘s-Gravenhage, 1994
    Regiopolitie Haaglanden/AT, Aanvraagformulier inzet
    arrestatieteam
    Regiopolitie Haaglanden/Kernteam, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Ontwerp-organisatie Kernteam Haaglanden
    1993 (Prisma-project); Bijlage 2: Rapportage Kernteam Haaglanden 1
    juli – 31 december 1993; Bijlage 3: Plan
    van aanpak Kernteam Haaglanden 1994; Bijlage 4: Rapportage
    1994/Plan van aanpak Kernteam Haaglanden
    1995
    Regiopolitie Haaglanden/Operationele informatie, Aanbiedingsbrief;
    Bijlage 1: Organogram politie
    Haaglanden; Bijlage 2/5: Inrichtingsplan bureau
    Informatie-inwinning, 16 maart 1994; Bijlage 2a: Boekje over
    de inrichting van het onderdeel Operationele Informatie; Bijlage 3:
    Beschrijvingen van (R)CID-functies; Bijlage
    4: Jaarverslag (R)CID 1991; Bijlage 4.a: Jaarverslag (R)CID 1992;
    Bijlage 4.b: Jaarverslag (R)CID 1993; Bijlage
    6/7: Handboek (R)CID Haaglanden, 1 juli 1994; Bijlage 8/9: -;
    Bijlage 10: Profielschets/selectieprocedure
    (R)CID-rechercheur; Bijlage 10.a: Managementrapportage (R)CID 1993;
    Bijlage 10.b: Managementrapportage
    (R)CID 1e halfjaar 1994; Bijlage 10.c: CID-handleiding
    Arrondissementsparket Den Haag (januari 1995); Bijlage
    10.d: Stuken m.b.t. discussie Nationale Ombudsman – Korpschef
    Haaglanden over verstrekking CID-informatie;
    Bijlage 11: Afspraken m.b.t. OI-functionaliteiten in het
    Prisma-project; Bijlage 11a: Afspraken gemaakt op 2
    juni 1993 m.b.t. bijzondere recherche-opdrachten; Bijlage 11b:
    Verslag managementgesprek chef OI –
    korpsdirectie gehouden op 23 september 1993, betreffende het 1e
    halfjaar 1993; Bijlage 12: –
    Regiopolitie Hollands-Midden, Bijlage 1: Brieven betreffende inzet
    personeel t.b.v. RRT-onderzoeken; Bijlage
    2: Brieven betreffende inzetcriteria en afspraken; Bijlage 3:
    Frnklin-team: Verslag Evaluatievergadering d.d. 5
    februari 1992; Bijlage 4: Bernymatteam: Startrapportage d.d. 24
    september 1992, 1e Voortgangsrapportage
    d.d. 12 december 1992; Bijlage 5: Northsea-team:
    Voortgangsrapportage d.d. 1 oktober 1992 en 2e
    Voortgangsrapportage d.d. 12 december 1992; Bijlage 6:
    Salmonella-team: Aanvangsrapportage d.d. 13 april
    1992, 1e Voortgangsrapportage d.d. 18 mei 1992, Eindrapportage d.d.
    3 augustus 1992; Bijlage 7: Mafa-team
    (Meko/Marestate): Aanvangsrapportage d.d. 3 oktober 1991, 1e
    Voortgangsrapportage d.d. 20 november 1991,
    2e Voortgangsrapportage d.d. 12 maart 1992, Overzicht inconveninten
    d.d. 3 augustus 1992, Evaluatieverslag
    d.d. 28 oktober 1992, Eindrapportage d.d. 18 november 1992; Bijlage
    8: Kubota-team: Voortgangsrapportages
    d.d. 17 juni 1991, 24 augustus 1991, 14 oktober 1991, 28 november
    1991, Evaluatieverslag d.d. 31 oktober
    1991, Eindrapportage d.d. 1 februari 1992; Bijlage 9:
    Managementrapportages 1994 per kwartaal; Bijlage 10:
    Notitie Aanpak zware en/of georganiseerde kriminaliteit in Hollands
    Midden; Bijlage 11: Brief d.d. 20
    november 1992 waarin door de Werkgroep BOR/Integrale Aanpak worden
    aangeboden de notities
    Kwaliteitszorg, Integrale aanpak en Bedrijfskundig onderzoek
    recherche; Bijlage 12: Organogram en
    Functiebeschrijvingen; Bijlage 13: beleidsplan Korpsrecherche 1995;
    Bijlage 14: Beleidsplan Korpsrecherche
    1994; Bijlage 15: Beleidsplan Korpsrecherche 1993; Bijlage 16:
    Jaarverslag RRT over de periode 1 februari
    1991 – 1 februari 1992; Bijlage 17: Convenant politiesamenwerking
    Zuid-Holland Midden; Bijlage 18: Eijk,
    Martin van, Draaiboek MOT: apert verdachte transacties
    Regiopolitie Hollands-Midden, Bijlage 1: Rapportage Knel- en
    aandachtspunten Politile infiltratie in het
    ressort ‘s-Gravenhage, 22 februari 1993; Bijlage 2: Rapportage van
    de Werkgroep infiltratie ressort
    ‘s-Gravenhage, 23 januari 1995
    Regiopolitie IJsselland, Bijlage 1: Notitie met informatie over de
    Unit Opsporing, 27 april 1995; Bijlage 2:
    Organogram Divisie Zware Criminaliteit; Bijlage 3: Globaal
    overzicht diverse fasen in een rechercheproject;
    Bijlage 4: Inrichtingsplan Divisie ZGC; Bijlage 5: Beschrijving
    taken/prestatie eenheden en kosten divisie ZGC;
    Bijlage 6: Functiebeschrijvingen; Bijlage 7: Deelconvenant
    Regionaal recherche team (1989); Bijlage 8:
    Huishoudelijk reglement d.d. 9 februari 1990 als bedoeld in art. 3,
    lid 5, van het deelconvenant; Bijlage 9:
    Jaarverslag 1994 van de Divisie Zware Criminaliteit; Bijlage 10:
    Jaarverslag 1993 van de Divisie Zware
    Criminaliteit
    Regiopolitie IJsselland/AT Noord-Oost Nederland, Aanbiedingsbrief
    d.d. 13 april 1995, met o.a. het convenant
    AT NON; Bijlage 1: Jaarverslag 1994 Interregionaal AT Noord-Oost
    Nederland; Bijlage 2: Brochure met
    informatie over het AT
    Regiopolitie IJsselland/IRT Noord & Oost Nederland,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: 1.1 Convenant IRT NON, 1.2
    Overzicht overlegstructuren betreffende onderhavig IRT, 1.3
    Projectplan, 1.4 Projectplan Recherche
    Ondersteuning, 1.5 Plan van aanpak IRT NON, januari 1995, 1.6
    Begroting 1995 IRT NON, Bijlage 2:
    Ondernemingsplan Fenomeenonderzoek IRT NON; Bijlage 3:
    Fenomeenonderzoek Fase nul: globaal overzicht
    Oosteuropese georganiseerde criminaliteit in Nederland, februari
    1995; Bijlage 4: Fenomeenonderzoek Fase
    nul: globaal overzicht Turkse- en Turks-Koerdische georganiseerde
    criminaliteit in Nederland, februari 1995
    Regiopolitie Kennemerland, Bijlage 1: Brief d.d. 29 september 1995
    aan I. Brakman over de uitspraken van O.
    Dros tegenover de Enqutecommissie over de rol van de media; Bijlage
    2: Brief d.d. 26 september 1995 over
    gecontroleerde doorlevering door het KTR in november 1993; Bijlage
    3: Brief d.d. 5 oktober 1995 met het
    Convenant d.d. 8 december 1994 tussen FIOD en RCID Haarlem; Bijlage
    4: Brief d.d. 14 maart 1995 inzake
    transport van verdovende middelen
    Regiopolitie Kennemerland/Kernteam Randstad Noord & Midden,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage I: Projectplan
    Kernteam noord & midden, 22 april 1994; Bijlage II: Organogram
    d.d. 23 februari 1995; Bijlage III: Brief d.d.
    21 oktober 1994 van de hoofdofficier van justitie omtrent de stand
    van zaken rond het kernteam; Bijlage IV:
    Functiebeschrijvingen d.d. 28 oktober 1994; Bijlage V: Convenant
    d.d. 1 juli 1994 inzake de oprichting van
    een politieteam t.b.v. de bestrijding van de georganiseerde
    criminaliteit; Bijlage VI: Convenant d.d. 23 januari
    1995 inzake het Kernteam Randstad Noord & Midden; Bijlage VII:
    Convenant d.d. 18 januari 1995 inzake
    structurele samenwerking tussen de FIOD en genoemd Kernteam;
    Bijlage VIII: Convenant inzake de voorlopige
    positionering van de CID van het Kernteam in relatie tot de RCID
    van het beheerskorps; Bijlage IX:
    Personeelsstatuut d.d. 27 december 1994
    Regiopolitie Limburg-Noord, Bijlage 1: Globaal inrichtingsplan
    politie Limburg-Noord en Modelfunctieboek, 18
    juni 1992; Bijlage 2: Globaal inrichtingsplan ROOZ d.d. 17 november
    1992 en Bijlagen-boek d.d. 18 januari
    1993; Bijlage 3: Evaluatie-verslag van het RRT 3 onderzoek, juli
    1994; Bijlage 4: Project mensenhandel: Korte
    termijn actie; Bijlage 5: Project Horizon; Bijlage 6: Projectplan
    Monopoly-team, 23 oktober 1992 en
    Voortgangsrapportage januari 1994 – juli 1994; Bijlage 7: Project
    Fraude-onderzoek; Bijlage 8: Vademecum
    Aanpak Hennepproblematiek, 25 januari 1995; Bijlage 9:
    Concept-verslagen Commissie Zware Georganiseerde
    Criminaliteit (CoZwaCri); Bijlage 10: Nota Capaciteitsverdeling OT,
    februari 1994; Bijlage 11: Werkplan buro
    dieptespecialisme criminaliteit 1995; Bijlage 12: Verslag
    studieconferentie Lanaken II 14 april 1994 en 15 april
    1994 en De bouwstenen van Lanaken 1993: Strategisch beleidskader
    voor de politie 1993-1998; Bijlage 13:
    Regionale Formatie 1995; Bijlage 14: Brieven van de PG Den Bosch
    inzake de doorlichting lopende
    onderzoeken en de instelling van de Centrale Toetsingscommissie
    (CTC); Bijlage 15: Handleiding
    Kijkoperaties, 20 september 1994; Bijlage 16: Notitie
    Grensoverschrijdende activiteiten door
    politieambtenaren, 28 oktober 1994; Bijlage 17: -; Bijlage 18: 1e
    Bedrijfsvoeringsplan 1994: Werken aan
    kwaliteit: de meerwaarde van ROOZ: De organisatie in ontwikkeling,
    20 oktober 1993; Bijlage 19: Beleidsplan
    1995
    Regiopolitie Limburg Zuid, Bijlage 1: Organogram; Bijlage 2:
    Beleidsplan 1995; Bijlage 3: Jaarverslag 1994;
    Bijlage 4: Jaarrekening 1994; Bijlage 5: Convenant Regionaal
    Recherche Team Limburg-Zuid; Bijlage 6:
    Jaaropgave 1994 regeling tip-, toon- en voorkoopgelden; Bijlage 7:
    Gedragscode omgaan met informanten;
    Bijlage 8: Voorbeelden twee PV’s binnengekomen informatie; Bijlage
    9: Voorstel dienstrooster CID; Bijlage 10:
    Beveiligingsinstructie CID Limburg Zuid; Bijlage 11: Afdeling CID,
    Notitie Communicatie; Bijlage 12: CID,
    Notitie Verstrekken van informatie; Bijlage 13: RCID,
    Projectvoorstel Milieucriminaliteit; Bijlage 14: Een beroep
    met risico’s
    Regiopolitie Limburg Zuid/Divisie Regionale Recherche,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Organogram Divisie
    Regionale Recherche; Bijlage 2: Overzicht medewerkers die aanwezig
    waren bij het gesprek met (staf)leden
    van de Enqutecommissie d.d. 10 mei 1995
    Regiopolitie Midden en West Brabant/Divisie Georganiseerde
    criminaliteit, Aanbiedingsbrief, Bijlage 1:
    Jaarplan 1994 Divisie Georganiseerde criminaliteit; Bijlage 2:
    Jaarrapportage 1994 Divisie GC; Bijlage 3:
    Jaarplan 1995 Divisie GC; Bijlage 4: Projectplan Vorming Divisie
    GC, januari 1993; Bijlage 5:
    Functiebeschrijvingen Diviesie GC; Bijlage 6: Namenlijst executieve
    medewerkers Divisie GC; Bijlage 7:
    Formatie-overzichten; Bijlage 8: Jaarplan 1996 Divisie GC
    Regiopolitie Noord en Oost Gelderland, Bijlage 1: Organogram
    regiokorps Noord en Oost Gelderland, Divisie
    recherche ondersteuning en zware criminaliteit en RCID; Bijlage 2:
    Formulier CID-informatierapport; Bijlage 3:
    Verslag Kernoverleg recherche d.d. 3 februari 1995
    Regiopolitie Noord-Holland Noord, Bijlage 1: Organogrammen; Bijlage
    2: Beleidsplan Divisie
    Criminaliteitsbestrijding 1995-1998, oktober 1994; Bijlage 3:
    Ondersteuningsplan Criminele Inlichtingendienst
    1995; Bijlage 4: Jaarplan Begroting 1995 BFO; Bijlage 5: Jaarplan
    1995: unit criminaliteitspreventie/divisie
    criminaliteitsbestrijding, september 1994; Bijlage 6:
    Ondersteuningsplan Technische Recherche 1995; Bijlage
    7: Beleidsplan Jeugd- en zedenzaken 1995; Bijlage 8: Voorbeeld van
    een Proces-verbaal opgemaakt n.a.v een
    observatie; Bijlage 9: Opzet fenomeenonderzoek speelautomaten en
    illegale goknetwerken; Bijlage 10:
    Evaluatie onderzoek Kerry Hills d.d. 18 april 1995; Bijlage 11:
    Voorbeeld grijze veld-dossiers; Bijlage 12:
    Voorbeelden subjecten-dossiers; Bijlage 13: Informatierapport
    betreffende observatie; Bijlage 14: Observatie
    Olienoot
    Regiopolitie Noord-Holland Noord/Centrale Operationele Diensten,
    Aanbiedingsbrief d.d. 7 maart 1995;
    Bijlage 1: Functiebeschrijving Rechercheur RCID; Bijlage 2:
    Organogram; Bijlage 3: Ondersteuningsplan
    Regionale Inlichtingen Dienst (RID)
    Regiopolitie Rotterdam-Rijmond, Fragment uit het proces-verbaal
    inzake de Laundry-zaak (Kobus L.) m.b.t. een
    gesloten deal Regiopolitie
    Rotterdam-Rijmond/Regionale Recherche Dienst, Aanbiedingsbrief;
    Bijlage 1: Brief d.d. 8 februari 1995 aan
    de Hoofdofficier van Justitie met een reactie op de nota Evaluatie
    kernteams; Bijlage 2: Functiebeschrijvingen;
    Bijlage 3: Convenant Interregionale Recherche Team d.d. 1 juli
    1993; Bijlage 4: Concept-convenant Kernteam
    Rotterdam-Rijnmond/Zuid-Holland Zuid; Bijlage 5: Raad van
    Hoofdcommissarissen, Notitie Organisatorische
    inbedding, 23 september 1995; Bijlage 6: Handboek RCID; Bijlage 7:
    Dienstorder Omgang met Informanten;
    Bijlage 8: Dienstorder Tipgeld; Bijlage 9: Inzetcriteria
    Infiltratie; Bijlage 10: Plan van aanpak EU-fraude;
    Bijlage 11: Horeca en criminaliteit in Rotterdam; Bijlage 12:
    Gokfaciliteiten in de regio Rotterdam-Rijnmond;
    Bijlage 13: Projectplan Transport (concept); Bijlage 14: Europees
    Sociaal Fonds; Bijlage 15: Jaarplan 1995
    Regionale Recherche Dienst van de Regiopolitie
    Rotterdam-Rijnmond
    Regiopolitie Twente, Schema’s Politie recherche funktie, 1995
    Regiopolitie Utrecht/Divisie Recherche, Aanbiedingsbrief; Bijlage
    1: Brief van KPMG d.d. 30 maart 1995 met
    de opdrachtbevestiging t.a.v. een bijzonder onderzoek, alsmede de
    algemene voorwaarden; Bijlage 2:
    Concept-raamovereenkomst
    Regiopolitie Zeeland, Aanbiedingsbrief d.d. 18 april 1995; Bijlage
    1: Documentenonderzoek CID
    Regiopolitie Zuid-Holland Zuid/Dienst Operationele Ondersteuning,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage geel 1:
    Schouten, J., Contourennota Aanpak eigentijdse criminaliteit, 26
    september 1994; Bijlage geel 2: Maliepaard,
    G., Lange termijn visie voor de RCID Zuid-Holland Zuid, 15 januari
    1995; Bijlage blauw 1: Formulier
    CID-Informatierapport; Bijlage blauw 2: Formulier Melding
    CID-actie; Bijlage blauw 3: Formulier Melding
    tipgeld; Bijlage blauw 4: Formulier Opvragen telefoonnummers;
    Bijlage rood 1: Organisatieschema Dienst
    Operationele Ondersteuning per 1 februari 1995; Bijlage groen 1:
    Functiebeschrijving chef RCID; Bijlage groen
    2: Functiebeschrijving rechercheur criminele informatie-inwinning
    (runner); Bijlage groen 3: Functiebeschrijving
    medewerker misdaadanalyse; Bijlage groen 4: Functiebeschrijving
    medewerker regio-bevraging
    herkenningsdienstsysteem; Bijlage groen 5: Functiebeschrijving
    medewerker administratie Dienst Operationele
    Ondersteuning
    Regiopolitie Zuid-Holland Zuid/RCID, Bijlage 1: Rapportage d.d. 8
    juni 1995 met een reactie op de in bijlage
    2 opgenomen brief; Bijlage 2: Brief d.d. 10 april 1995 van een
    informant met een opsomming van voor de CID
    verrichte zaken
    Rijksrecherche, Nota aan de Procureur-generaal met de planning en
    opzet van het onderzoek naar RCID
    Kennemerland, 1995
    Rijksrecherche Leeuwarden; Eringa, Piet; Rijksrecherche Amsterdam;
    Rijksrecherche ‘s-Gravenhage;
    Rijksrecherche ‘s-Hertogenbosch; Rijksrecherche Arnhem, Bijlage 1:
    Brief met chronologisch overzicht
    onderzochte zaken RR Leeuwarden; Bijlage 2: Chronologisch overzicht
    onderzochte zaken RR Amsterdam;
    Bijlage 3: Brief met chronologisch overzicht onderzochte zaken RR
    Den Haag; Bijlage 4: Brief en chronologisch
    overzicht onderzochte zaken RR Den Bosch; Bijlage 5: Chronologisch
    overzicht onderzochte zaken RR Arnhem
    Rijksrecherche Arnhem, Aanbiedingsbrief d.d. 10 mei 1995; Bijlage
    1: Chronologisch overzicht uitgebrachte
    rapporten; Bijlage 2: Overzicht uitgebrachte rapporten per
    soort
    Rijksrecherche ‘s-Gravenhage, Aanbiedingsbrief d.d. 19 mei 1995;
    Bijlage 1: Overzicht relevante onderzoeken
    vanaf 1985
    Rijksrecherche ‘s-Hertogenbosch, Aanbiedingsbrief; Bijlage 1:
    Overzicht onderzoeken RR Den Bosch 1985-1995
    Rijksuniversiteit Utrecht/Willem Pompe Instituut voor
    Strafwetenschappen; Swart, A.H.J., Aanbiedingsbrief;
    Bijlage 1: Notitie Uitwisseling van informatie en operationele
    ondersteuning in internationaal verband, 25
    januari 1995
    Sjcrona Van Stigt De Roos & Pen; Sjcrona, J.M., Reactie op de
    conclusie van Advocaat-Generaal van Dorst
    in de bij de Hoge Raad aanhangige Zaak Zwolsman, 7 november
    1995
    SSR; Aanbiedingsbrief d.d. 31 mei 1995 betreffende studiemateriaal
    vijfdaagse cursus: RC in strafzaken;
    Bijlage 1: Teksten wetsvoorstellen 23.251 en 23.047; Bijlage 2:
    Reader bestaande uit de volgende bijdragen:
    2.1 Blom, T.; Doelder, H. de, Het in beslagnemen van geschriften,
    In: Delikt en Delinkwent 21 (1991) 8, 2.2
    Blom, T.; Doelder, H. de, Meer over: Europees beslag op geschriften
    bij bedrijven, In: Delikt en Delinkwent 22
    (1992) 4, 2.3 Valkenburg, W.E.C.A., Enige opmerkingen over de Wet
    getuigenbescherming, In: Delikt en
    Delinkwent 25 (1995) 4, 2.4 Handleiding Plukze internationaal, 2.5
    Kleine rechtshulp d.d augustus 1992;
    Bijlage 3: Groot, F.C.V. de, Handleiding plukze, mei 1995
    SSR; Arrondissementsparket Groningen/Parket van de Officier van
    Justitie, Aanbiedingsbrief d.d. 24 mei 1995,
    met het cursusprogramma Georganiseerde criminaliteit; Bijlage 1:
    Sheets van H.A. Jansen m.b.t.
    Doelstellingen, visie en bijpassende structuur en organisatie in de
    opsporing en bestrijding van georganiseerde
    criminaliteit; Bijlage 2: Casus; Bijlage 3: Reader: Bijlage 4:
    Gegevens uit MOT: Van ongebruikelijke naar
    verdacht: Rol van de LOvJ; Bijlage 5: Smid, H.A.C., De officier en
    financieel rechercheren: Wat MOT je?;
    Bijlage 6: Arrondissementsparket Den Haag, CID-Handleiding, april
    1994; Bijlage 7: Groot, F.V. de, CID
    Jurisprudentie, oktober 1994
    Stafbureau Openbaar Ministerie/Landelijk Officier van Justitie,
    Aanbiedingsbrief; Bijlage 1: Vraagbrief
    Enqutecommissie; Bijlage 2: Overzicht rechtshulpverzoeken 1994;
    Bijlage 3: Brief d.d. 21 maart 1995 van
    P.A.J. Broeders betreffende liaison-officieren groep Nederlandse
    Antillen; Bijlage 4: Informatie over de
    Politile International Working Group; Bijlage 5: Schema’s
    betreffende activiteiten van de Afdeling Nationale
    Cordinatie Politile Infiltratie; Bijlage 6a: Jaarverslag 1992
    Landelijk Informatiepunt Observatie (LIPO) en het
    Landelijk Cordinatiepunt Grensoverschrijdende Observatie (LCGO);
    Bijlage 6b: Jaaroverzicht 1993 LCGO en
    LIPO; Bijlage 6c: Voorlopige cijfers van het LIPO en LCGO over
    1994; Bijlage 7: Schema Infiltraties op
    Nederlands grondgebied door buitenlandse opsporingsdiensten
    Stichting Adviesburo Drugs, Aanbiedingsbrief d.d. 18 mei 1995;
    Bijlage 1: Brief aan Frans Bosman (Parool),
    recensist van het boek Chacktow?: verhaal van een drugsdealer;
    Bijlage 2: Ingezonden brief Pers die
    meedoet aan politieacties is niet lastig meer, In: Het Parool
    (1994) (3 mei); Bijlage 3: Rapport Hasjcoffeeshops
    en hun bezoekers: Beschouwingen over gebruik en handel van hash in
    Nederland en een onderzoek naar de
    sociale functies van 115 Amsterdamse hashcoffeeshops, 5 januari
    1994; Bijlage 4: Rapport Het middel ectasy
    bestaat niet, november 1991
    Tweede Kamer der Staten-Generaal/Vaste Commissie voor Justitie,
    Verslag van een vertrouwelijk gesprek d.d.
    5 april 1995 van de vaste commissie met de procureurs-generaal,
    waarin naast de leden van genoemde
    commissie het woord hebben gevoerd: A.W.H. Docters van Leeuwen (PG
    Den Haag), R. Ficq (PG Arnhem) en
    R. Gonsalves (PG Den Bosch)
    Van Korlaar Advokaten; Ph. van Zinnicq, Aanbiedingsbrief; Bijlage
    1: Brief d.d. 1 september 1994 aan de
    minister van LNV met het verzoek van clint (ex-medewerker AID) te
    komen tot beindiging van het door de AID
    in strijd handelen met de Wet Persoonsregistratie; Bijlage 2: Brief
    d.d. 24 januari 1994 aan de AID; Bijlage 3:
    Dossier van clint omtrent verslagen en brieven inzake
    opsporingsmethoden AID
    Vlu, A.J.M.; Spoel, Tj.E. van der, Notitie 1: Over ongeoorloofde
    pseudokoop door Duitse
    opsporingsambtenaren; Notitie 2: Clint als politie-informant;
    Notitie 3: Inzake de Sinis-zaak pleitnotities d.d.
    11 mei 1995 en notitie van de teamleider d.d. 9 augustus 1991;
    Notitie 4: Over verwijdering van CID-subjecten
    uit de registers; Notitie 5: CID-informatie en opsporingsmethoden
    in de Laundry-zaak
    Vergadering van de Procureurs-Generaal, Bijlage 1: Tekst van de
    Handleiding kijkoperaties, zoals aangenomen
    in de PG-vergadering d.d. 7 december 1994; Bijlage 2:
    Correspondentie inzake de toepassing van onderhavige
    handleiding (d.d. 16 november 1994 Parket PG Den Bosch en d.d. 29
    november 1994 van het Secretariaat
    PG-vergadering); Bijlage 3: M.b.t. inkijkoperaties relevante delen
    uit de PG-vergaderingen d.d. 7 december
    1994 en 21 december 1994
    Vergadering van de Procureurs-Generaal, Bijlage 1: Brief d.d. 7
    december 1994 van de PG aan de
    Hoofdofficieren van justitie over de doorlichting lopende
    onderzoeken van regionale en interregionale
    rechercheteams (kernteams); Bijlage 2: Brief d.d. 2 februari 1995
    aan het College van Procureurs-generaal met
    een modelformulier bijzondere opsporingsmethoden; Bijlage 3:
    Modelbrief Instelling Centrale
    Toetsingscommissie CTC d.d. 7 december 1994; Bijlage 4: Brief d.d.
    februari 1995 met een overzicht van
    gegevens die per bijzondere opsporingsmethode vermeld dienen te
    worden; Bijlage 5: Brieven d.d. 15 en 19
    mei 1995 met het verzoek alle nog niet gemelde zaken alsnog te
    melden
    Werkgroep Infiltratie, Verslagen Werkgroep Infiltratie in de
    periode 23 mei 1991 t/m 25 maart 1993
    Werkgroep Infiltratie, Wit, L.A.J.M. de, Concept-Rapport van de
    Werkgroep Infiltratie, 15 juli 1993
    Werkgroep Infiltratie; Wit, L.A.J.M. de, Interimadvies Infiltratie,
    8 maart 1994
    Werkgroep Infiltratie; Wit, L.A.J.M. de, Vervolgadvies Infiltratie,
    april 1994
    Werkgroep Infiltratie; Wit, L.A.J.M. de, Centrale commissie
    bijzondere opsporingsmethoden: Deelrapport
    Werkgroep De Wit, 7 oktober 1994
    Werkgroep Infiltratie; Wit, L.A.J.M. de, Eindrapportage van de
    Werkgroep Infiltratie, april 1995

    lees meer

    Bijlage V – Hoorn van de haak

    Hoorn van de haak

    HR 21 maart 1989, NJ 1989, 864 M.nt. ThWvV
    (Art. 125 g Sv)
    Telefoonverbinding bleef open na telefoongesprek, waardoor de
    politie huiskamergesprekken kon afluisteren. In het cassatiemiddel
    wordt aangevoerd dat i.c. geen telefoongesprekken als bedoeld in
    art. 125g Sv waren afgeluisterd. Bewijsmateriaal afkomstig uit
    opgenomen gesprekken derhalve onrechtmatig verkregen. Het hof
    verwerpt het verweer:

    lees meer

    Bijlage V – 2.1 Algemene inleiding

    2 JURIDISCH KADER

    2.1 Algemene inleiding

    Opsporing is volgens de commissie het verzamelen, registreren en
    verwerken van gegevens en informatie door bevoegde ambtenaren
    omtrent vermoedelijk gepleegde strafbare feiten of te plegen zeer
    ernstige strafbare feiten in enig georganiseerd verband met het
    doel te komen tot een strafrechtelijke sanctie. Dat het gaat om
    opsporingshandelingen houdt in dat de gegevensverzameling en/of
    -verwerking wordt benut voor een strafprocesrechtelijke afdoening
    door de justitile autoriteiten of de strafrechter. Dit hoofdstuk
    betreft de juridische achtergronden van de navolgende
    opsporingsmethoden: a. observatie; b. runnen van informanten; c.
    infiltratie; d. andere wijzen van informatie-inwinning, waaronder
    misdaadanalyse, fenomeenonderzoek en financieel rechercheren. Deze
    onderwerpen omvatten tal van deelonderwerpen die elk op zich ook
    als opsporingsmethoden worden aangemerkt.

    lees meer

    Bijlage V – 7.1 Inleiding

    HOOFDSTUK 7 DE DELTA-METHODE:

    DOORLATEN VAN DRUGS ONDER REGIE VAN POLITIE EN
    JUSTITIE

    7.1 Inleiding

    De commissie heeft intensief onderzoek gedaan naar de methode
    van het bewust doorlaten van drugs onder verantwoordelijkheid van
    politie en justitie, waarbij gestuurde informanten of beter gezegd
    burgerinfiltranten behulpzaam zijn. Deze methode, die bekend is
    geraakt als de Delta-methode, heeft mede ten grondslag gelegen aan
    de opheffing van het interregionaal rechercheteam
    Noord-Holland/Utrecht (IRT), eind 1993. Bij haar aantreden in
    december 1994 stond voor de commissie vast dat ook de methode die
    gebruikt werd door het opgeheven IRT nader onderzocht moest worden.
    Zij kon toen nog niet voorzien dat deze delta-methode ook na de
    opheffing van het IRT door de CID in Kennemerland was voortgezet.
    Daarvoor kreeg zij de eerste aanwijzingen in maart 1995. De
    commissie beschikte over informatie dat een informant in Rotterdam
    actief was geweest bij het doorlaten van drugs nadat het IRT was
    opgeheven. Het ging hier om de zaak die later bekend werd onder de
    naam Bever. Op grond van deze gegevens en nieuwe feiten rond
    sigarettensmokkel is een rijksrecherche-onderzoek begonnen op
    aanvraag van de korpschef en de hoofdofficier van justitie in
    Haarlem en de hoofdofficier te Rotterdam. Nadat deze zaak in de
    openbaarheid was gekomen, heeft het College van procureurs-generaal
    een algemeen rijksrecherche-onderzoek gelast naar het functioneren
    van de CID Kennemerland. Vanaf het begin is de commissie in de
    persoon van haar voorzitter en de vice-voorzitter op de hoogte
    gehouden van de voortgang van het rijksrecherche-onderzoek. De
    commissie heeft gekozen voor een breder onderzoek dan de
    rijksrecherche. Niet alleen de politieregio Kennemerland was
    onderwerp van onderzoek, maar de commissie heeft ook gekeken naar
    enkele andere regio’s waar sprake was van het doorlaten van drugs
    onder regie van de politie, zoals Rotterdam, Gooi en Vechtstreek,
    Twente en Haaglanden. Noot De commissie wilde niet het
    onderzoek van de commissie-Wierenga, die onderzoek deed naar de
    redenen voor de opheffing van het IRT, volledig over te doen. De
    bestuurlijke en organisatorische verhoudingen rondom het IRT zijn
    derhalve geen direct onderwerp van onderzoek geweest van de
    commissie. De methode van het IRT en het oordeel van de
    commissie-Wierenga hierover daarentegen des te meer. Het onderzoek
    van de commissie naar deze methode leverde veel gegevens op. De
    commissie heeft noodgedwongen een selectie moeten maken uit deze
    gegevens. Tijdens het onderzoek naar deze methode werd de commissie
    geconfronteerd met elkaar tegensprekende verklaringen van leden van
    het OM en politiefunctionarissen. Indien mogelijk heeft de
    commissie een oordeel gegeven over de verschillende verklaringen.
    In een aantal gevallen bleek het niet mogelijk tot een oordeel te
    komen. Sommige feiten waren niet meer te achterhalen. Desondanks
    wordt in dit hoofdstuk een zo goed mogelijke chronologische
    weergave gegeven van de gebeurtenissen.

    lees meer

    Bijlage VI – 11.4 Samenwerking en controle

    11.4 Samenwerking en controle

    11.4.1 Ministerie van Binnenlandse Zaken

    Het ministerie van Binnenlandse Zaken is zeer terughoudend ten
    aanzien van de CID-en en het gebruik van opsporingsmethoden. In een
    interne notitie over de verantwoordelijkheid van de korpschef en
    korpsbeheerder voor de toepassing van opsporingsmethoden komt dit
    tot uiting: de korpsbeheerder kan ten aanzien van CID-activiteiten
    alleen worden aangesproken op de beheersaspecten en niet op de
    inhoud ervan. Het ministerie van Binnenlandse Zaken moet zich naar
    de mening van de korpsbeheerders niet te zeer bewegen op het gebied
    waarvoor de burgemeesters en korpsbeheerders zelf verantwoordelijk
    zijn.

    lees meer

    Bijlage VI – 5.6 Conclusies

    5.6 Conclusies

    1. Een aantal deeltaken is in de loop van de tijd van de
    klassieke recherche afgesplitst. Zij betreffen naast de
    activiteiten rond de inwinning van criminele inlichtingen die een
    speciale expertise vereisen: de observatie (volgerij), het optreden
    in gevaarlijke situaties (aanhouding, maar ook heimelijke betreding
    van plaatsen), het financile onderzoek, het heimelijk plaatsen van
    technische hulpmiddelen (videocamera’s, peilbakens,
    afluisterapparatuur en dergelijke), en de infiltratie. Zij worden
    toegepast achtereenvolgens door de observatieteams (OT), de
    arrestatieteams (AT), de bureaus financile ondersteuning (BFO), de
    secties technische ondersteuning (STO) en de politile infiltratie
    teams (PIT).

    lees meer

    Bijlage VII – I.1. De achtergrond van dit rapport

    I. ALGEMENE INLEIDING

    I.1. De achtergrond van dit rapport

    In het begin van de jaren tachtig begon zowel in de politieke
    kringen als in kringen van politie en justitie de gedachte post te
    vatten dat ook in Nederland de georganiseerde criminaliteit een
    onrustbarend verschijnsel aan het worden was. De regering nam deze
    gedachte over in haar beleidsplan Samenleving en
    criminaliteit
    (1985). In dit plan werd – met het oog op de
    bestrijding van dat probleem – onder meer gepleit voor versterking
    van de bovenlokale, regionale recherchesamenwerking. Gaandeweg
    gingen er bij politie en justitie echter stemmen op dat het nodig
    was om ook interregionaal werkende rechercheteams op te richten. De
    noodzaak hiervan werd het scherpst gevoeld in Amsterdam. En dus was
    het niet zo verwonderlijk dat in november 1987 – naar aanleiding
    van een analyse van de situatie in de stad en haar omgeving – werd
    beslist om het Interregionale Recherche Team Noord-Holland/Utrecht
    (IRT) op te richten. De opheffing van dit team in 1993 leidde tot
    de instelling van de Bijzondere Onderzoekscommissie IRT. In het
    rapport van deze commissie wordt het probleem van de georganiseerde
    criminaliteit in Nederland begrijpelijk niet aan een nader
    onderzoek onderworpen. Tijdens de politieke discussie die volgde op
    de publikatie van dit rapport in maart 1994, werd door alle
    politieke partijen wel bij herhaling gewezen op het probleem van de
    georganiseerde criminaliteit maar ging de meeste aandacht ook nog
    uit naar de opsporingsmethoden die door politie en justitie in de
    sfeer van deze criminaliteit worden gebruikt. Tegen de achtergrond
    hiervan is het niet vreemd dat in het rumoerige Kamerdebat over de
    opheffing van het IRT op 7 april 1994 door de meerderheid een motie
    werd aangenomen waarin wordt gevraagd om een parlementair onderzoek
    naar de bedoelde opsporingsmethoden, het kader waarbinnen hun
    toepassing wordt gecontroleerd en getoetst, en de daadwerkelijke
    hantering van deze methoden. Ter uitvoering van deze motie stelde
    de vaste commissie voor Justitie op 1 juni 1994 een werkgroep onder
    leiding van M. van Traa in om een vooronderzoek te verrichten naar
    de toedracht van de zoven genoemde kwesties – de Werkgroep
    vooronderzoek opsporingsmethoden.

    lees meer

    Bijlage VII – VII. CONTRA DE NEDERLANDSE OVERHEID

    VII. CONTRA DE NEDERLANDSE OVERHEID

    Met name in hoofdstuk IV, waarin de actuele verschijningsvormen
    van traditionele georganiseerde criminaliteit zijn besproken, is
    bij herhaling gewezen op de talrijke manieren waarop criminele
    groepen hun illegale optreden niet alleen proberen te beveiligen
    tegen concurrerende groepen, tegen rippers enzovoort, maar
    ook proberen af te schermen tegen de overheid. De maatregelen die
    hiertoe worden getroffen variren van de voortdurende wisseling van
    auto’s om mogelijke politile observatie te bemoeilijken tot de
    intimidatie van medestanders om tegen te gaan dat zij informanten
    van de politie zouden worden. Al zulke modi operandi kunnen
    algemeen als defensieve voorzorgsmaatregelen worden
    gekenschetst. Het zijn maatregelen die moeten bewerkstelligen dat
    de betrokken illegale activiteiten zoveel mogelijk geheim blijven
    voor de overheid. Typisch voor veel georganiseerde criminaliteit is
    nu echter dat de activiteiten in kwestie welhaast per definitie
    niet geheim kunnen blijven, omdat de goederen en diensten waarom
    het gaat, op enig moment op de markt moeten worden gebracht – het
    weze drugs, het weze vrouwen, het weze wapens. In tegenstelling tot
    wat vaak wordt gedacht, is ook georganiseerde criminaliteit in
    bepaalde opzichten dus zeer zichtbare criminaliteit. En om de grote
    risico’s die haar zichtbaarheid oplevert, te neutraliseren zijn
    groepen die deze criminaliteit bedrijven, steeds enigermate
    genoodzaakt om hun beveiliging op te voeren door in aanvulling op
    defensieve tegenmaatregelen ook offensieve tegenmaatregelen
    te treffen, zeker op momenten waarop de kans toeneemt dat de
    overheid effectief tegen hen in het geweer komt. Dan gaat het niet
    meer om maatregelen die worden getroffen om het eigen optreden voor
    de overheid te verheimelijken, maar om maatregelen die worden
    getroffen om het optreden van de overheid te bestrijden. Mede
    hierom is in de definitie van georganiseerde criminaliteit die in
    dit onderzoek is gehanteerd, ook zo’n belangrijke plaats toegekend
    aan deze maatregelen, die verder als contrastrategien worden
    aangeduid (zie hoofdstuk II).

    lees meer

    Bijlage VIII – 1.2. De verdere opbouw van deze studie

    1.2. De verdere opbouw van deze studie

    Om een beeld te geven van de rol die autochtone criminele
    groepen spelen in de georganiseerde criminaliteit in Nederland, is
    deze studie als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 wordt, zoals al
    eerder werd aangegeven, ingegaan op de geschiedenis van de
    georganiseerde criminaliteit in Nederland. De reden hiervan is niet
    ver te zoeken. Niet alleen de georganiseerde criminaliteit van
    buitenlandse groepen en binnen etnische gemeenschappen heeft een
    geschiedenis, maar ook de georganiseerde criminaliteit die door
    autochtone groepen wordt bedreven. En het is belangrijk om,
    voorzover mogelijk, haar geschiedenis hier te releveren, met name
    om de xenofobe gedachte tegen te gaan dat de criminaliteit in
    kwestie hier de voorbije decennia door vreemdelingen en
    buitenlanders is gemporteerd. Hoofdstuk 3 bevat een analyse van de
    top van de georganiseerde criminaliteit in Nederland. Deze analyse
    komt neer op een beschrijving – zoveel mogelijk conform het
    analyse-schema dat algemeen in dit onderzoeksproject wordt
    gehanteerd – van een klein aantal criminele groepen die in
    Nederland tot de meest belangrijke worden gerekend. Dit hoofdstuk
    biedt dus geen kwantitatief inzicht in de samenstelling van die
    top, maar een kwalitatief inzicht. Mede omdat de onderlinge
    verhoudingen aan de top niet duidelijk zijn, worden, ook bij wijze
    van overgang naar hoofdstuk 5, in hoofdstuk 4 enkele criminele
    netwerken beschreven die functioneren op het midden-niveau van de
    georganiseerde
    criminaliteit. Ogenschijnlijk gaat het hier slechts om een
    wanordelijk samenstel van lokale cliques die interregionaal
    opereren, maar bij nader onderzoek is er op hoger niveau,
    top-niveau, (waarschijnlijk) meer verband dan men zo vermoedt. In
    dit hoofdstuk wordt ook ingegaan op de rol van de Hells Angels, als
    landelijke groepering, in de Nederlandse georganiseerde
    criminaliteit. Hoofdstuk 5 is gewijd aan de basis van de
    georganiseerde criminaliteit in Nederland. Deze basis wordt gevormd
    door de honderden lokaal en regionaal opererende criminele groepen
    en criminele figuren, die op zichzelf niet kunnen worden gerekend
    tot wat ook in dit onderzoeksproject de georganiseerde
    criminaliteit wordt genoemd, maar zij bij tijd en wijle allerlei
    hand- en spandiensten verlenen aan de belangrijke autochtone
    criminele groepen, en dat zij ook onophoudelijk zorgen voor hun
    nieuwe aanwas. De top van de georganiseerde criminaliteit in een
    land kan niet bestaan zonder een basis.

    lees meer

    Bijlage VIII – V. DE CHINESE GEORGANISEERDE CRIMINALITEIT IN NEDERLAND

    V. DE CHINESE GEORGANISEERDE CRIMINALITEIT IN
    NEDERLAND

    In het verleden werd Nederland bij tijd en wijle nadrukkelijk
    geconfronteerd met de gewelddadige gevolgen van de oorlogen die
    Chinese criminele groepen tegen elkaar voerden om de macht in
    bepaalde sectoren van hun illegale bedrijvigheid. In 1918 kwamen er
    drie Chinezen in deze stad om als gevolg van een conflict tussen
    een geheim Chinees genootschap en zijn slachtoffers. En in 1922
    vielen hier opnieuw verschillende doden en gewonden, ditmaal bij de
    strijd om de macht tussen de groepen Sam Tin en de Po-on. Beter in
    het geheugen liggen de moorden die in 1975-1976 in deze stad
    plaatsvonden. Eerst werd – op 3 maart 1975 – Chung Mon, de grote
    baas (tai lo) van de 14K-triade, doodgeschoten door moordenaars van
    de Wo Lee Kwan. Een jaar later – op 3 maart 1976 onderging zijn
    opvolger, Chan Yuen Muk, het zelfde lot: huurmoordenaars schoten
    hem dood op de Geldersekade. Ook in de jaren tachtig hing er
    oorlogsdreiging in de lucht. Ditmaal vooral tussen de Tai Huen Chai
    enerzijds en de 14K en Ah Kong anderzijds. Tot een regelrechte
    ontlading van de spanningen kwam het niet. Die bleven, zoals uit
    allerhande incidenten bleek, maar voortzinderen. Ondertussen
    manifesteerden zich echter nieuwe fenomenen: gewelddadige
    overvallen op Chinese restaurants, moorden op Chinezen in hun
    priv-woning, systematische afpersing van Chinese zakenlieden. Dit
    gebeurde niet alleen in Amsterdam, maar ook in de rest van
    Nederland. Deze hausse van geweld was in juni 1994 aanleiding tot
    de oprichting van het ZOA (Zuid-Oost-Azi)-project bij de CRI.
    Voorzover hierna de hedendaagse situatie in Nederland ter sprake
    wordt gebracht, berust haar beschrijving voor een groot deel op de
    gegevens die in het kader van dit project zijn verzameld. Daarnaast
    is onbeschroomd gebruik gemaakt van een aantal rapportages over het
    probleem afkomstig uit ettelijke regionale politiekorpsen. En dit
    alles is aangevuld met gesprekken met diverse politiespecialisten.
    Met het oog op een goed begrip van de situatie in ons land wordt
    hierna echter eerst de herkomst van de Chinese georganiseerde
    criminaliteit belicht, en vervolgens de wijze waarop zij in andere,
    ook omringende, landen wordt bedreven en verder hoe zij, door
    analisten, wordt genterpreteerd (Van Straten, 1976; Van der Roer,
    1989).

    lees meer

    Bijlage VIII – X.1. Joegoslavi

    X.1. Joegoslavi: permanent toneel van geweld

    Joegoslavi staat niet bekend als een land dat van oudsher
    bepaalde vormen van georganiseerde criminaliteit heeft gekend. En
    ook in de criminologische literatuur zijn van een dergelijke
    traditie geen sporen te ontdekken. Hierom zou men kunnen denken dat
    er geen reden is om nog langer stil te staan bij het verleden van
    het voormalige Joegoslavi. Maar dit is een misvatting. Zeker om de
    ongehoorde gewelddadigheid van de Joegoslavische bendes te kunnen
    begrijpen, is het van groot belang voortdurend te beseffen dat ook
    het Joegoslavische deel van de Balkan al eeuwen geen vreedzaam
    gebied is. Integendeel, het is een deel van Europa waar bijna
    onophoudelijk oorlog is gevoerd, was het niet tussen de
    opeenvolgende Europese grootmachten zelf, dan wel tussen de staten
    en de volkeren die hier waren gevestigd of daar waren
    neergestreken. Het valt buiten het bestek van dit rapport om de
    geschiedenis van deze haast permanente strijd in herinnering te
    roepen, maar – met het oog op een goed begrip van het optreden van
    Joegoslavische bendes in Nederland – is het wel van belang een paar
    punten aan te stippen (Detrez, 1993; Weithmann, 1993). Ten eerste
    dat deze gewelddadige geschiedenis niet zonder gevolgen is gebleven
    voor de cultuur in voormalig Joegoslavi. Recente studies geven
    immers aan dat geweld, tomeloos geweld, ja, de keuze voor de
    toepassing van zulk geweld, in brede lagen van de bevolking niet
    zonder meer als een negatieve keuze, als iets verwerpelijks, wordt
    beschouwd. Van de Port heeft in zijn onderzoek naar het gedrag van
    Servirs in zigeunercafs in Klein-Joegoslavi, laten zien hoe het
    beeld van de wilde zigeuner voor vele Serven een soort projectie is
    van hun eigen, door de geschiedenis mee-gevormde driftleven,
    waaraan in tijden van vrede slechts op bepaalde plaatsen, zoals de
    zigeunercafs, mag worden toegegeven, maar dat in tijden van oorlog
    volop mag worden botgevierd, ook voor het oog van de buitenwereld
    (Van de Port, 1994). In de tweede plaats moet worden onderstreept
    dat het gebruik van ongehoord geweld door velen in voormalig
    Joegoslavi niet enkel legitiem wordt geacht in tijd van oorlog. In
    zijn studie naar de geschiedenis van de machtsverhoudingen in een
    dorp op het Bosnische platteland, Medjugorje, heeft Bax aangetoond
    dat hier de oorlog bij wijze van spreken net zo normaal is als de
    vrede elders in Europa. Concreet beschrijft hij dat in het genoemde
    dorp, waar in 1981 een zogenaamde Maria-verschijning plaatsvond,
    enkele clans verwikkeld geraakten in een strijd op leven en dood om
    de inkomsten die op allerlei manieren konden worden gehaald uit de
    bedevaarten van vrome pelgrims. In zo’n tien jaar tijd leverde deze
    strijd 140 doden op, 60 vermisten en 600 vluchtelingen op, en dit
    op een bevolking van ongeveer 3.000 mensen! (Bax, 1995). En passant
    toonde Bax met dit voorbeeld eveneens aan dat ook onder Tito
    openbare orde en rust in Joegoslavi een zeer relatief begrip was
    (Bax, 1995).

    lees meer

    << oudere artikelen