Tweede Kamer der Staten-Generaal

Vergaderjaar 1999-2000

Aanhangsel van de Handelingen

1069

Vragen van de leden Vendrik en Halsema (GroenLinks) aan de minister van Justitie en de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat over de GSM als peitzender (ingezonden 17 maart 2000)
Antwoord van minister Korthals (Justitie), mede namens de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat. (Ontvangen 7 april 2000)

1. Kan door de dichtheid van antennes in stedelijke gebieden tot op 10 meter nauwkeurig worden bepaald waar een specifiek GSM~toestel zich bevindt? Zo neen, hoe nauwkeurig is de plaatsbepaling dan wel?

2.Welke mogelijkheden biedt de Wet op de Telecommunicatie voor het opvragen van verkeers- en/of verplaatsingsgegevens c.q. het plotten van routes? 3. Behelst de toegang van de opsporingsinstantie en/of politie tot de verplaatsingsgegevens van de klanten van telecombedrijven uitsluitend de inzage of ook het vastleggen c.q. kopiëren van (delen van) databestanden? Onder welke voorwaarden gelden dergelijke verkeers- en verplaatsingsgegevens als wettelijk bewijs in strafzaken? 4. Onder welke voorwaarden en bij welke instanties is de integratie van verschillende databestanden van telecombedrijven mogelijk c.q. toegestaan? Bestaan er plannen voor het inlijven van de databestanden van telecombedrijven in het kader van strafrechtelijk en/of pre-actief opsporings- c.q. inlichtingenonderzoek? 5. Kunt u de Kamer inzicht verschaffen in de wijze waarop aanvragen voor het plotten van routes c.q. het produceren van verplaatsingsoverzichten van hun klanten, al dan niet op aanvraag van de overheid in het kader van strafrechtelijk en/of pre-actief opsporings- c.q. inlichtingenonderzoek tot stand (zullen gaan) komen? Wie houdt er toezicht op de verwerking, archivering en vernietiging van de verstrekte gegevens? 6. Wat is uw opvatting over de introductie van een notificatieplicht en een gerechtelijke toetsing, zodat de betrokken burgers kennis kunnen nemen van het feit dat hun gangen zijn nagegaan, en in staat zijn tegen een dergelijke inbreuk op hun privacy in verweer te komen? Toelichting:

Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid De Wit ingezonden 14 maart 2000.