Voor de opvulling van het gat tussen de
wapenstok en het pistool lijkt zich eindelijk een oplossing aan te dienen.
Peperspray, een goedje gefabriceerd van het extract uit cayennepeper en
geleverd in handzame spuitbusjes, moet de politie nieuwe mogelijkheden
geven onwillige arrestanten tijdelijk uit te schakelen - zonder blijvend
letsel toe te brengen. Vanuit de politie is een stevige lobby op
gang gekomen om het middel in te voeren, wat niet wil zeggen dat alle politiemensen
onverdeeld voor zijn. De politiek was tot nu toe terughoudender: de ministers
vroegen om nader onderzoek door TNO.
Inmiddels zijn er twee onderzoeken van
TNO verschenen. In 1997 kwam het eerste TNO-rapport uit, een uitgebreid
literatuuroverzicht van buitenlands onderzoek naar de geschiktheid van
dit wapen als geweldsmiddel bij de politie. Het tweede TNO-rapport met
aanvullend onderzoek naar eventuele gevaren voor mensen met longaandoeningen
(op basis van experimenten met cavia's) is van november 1998.
De conclusie van het eerste TNO-rapport is ronduit positief: 'Peperspray lijkt over het algemeen een veilig wapen'. Het middel is volgens TNO voldoende effectief, zeer snel werkzaam, het heeft een korte werkingsduur, het geeft geen aanleiding tot acuut letsel en lijkt ook op lange termijn veilig. Die conclusie is koren op de molen van politiemensen die zich sterk maken voor invoering van peperspray.
De minister van binnenlandse zaken wacht
met het vormen van zijn oordeel nu nog op de uitkomsten van het onderzoek
van het Landelijk Selectie en Opleidingscentrum en het Korps Landelijke
Politie naar de vraag in welke situatie peperspray kan worden toegepast
en welke nazorg is vereist.
Vermoedelijk in januari 1999 zal er in
de Tweede Kamer worden gediscussieerd over de invoering dit nieuwe politiewapen.
Om te voorkomen dat de lobby voor invoering van peperspray aan kracht wint bij gebrek aan tegenargumenten, zijn in dit Jansen & Janssen dossier allerlei gegevens verzameld die de andere kant van de zaak belichten.
Nauwkeurige analyse van de TNO-onderzoeken
naar de risico's van peperspray bracht ons tot de conclusie dat de verslagen
van TNO niet objectief zijn en met name argumenten naar voren te brengen
die invoering van het nieuwe politiewapen ondersteunen.
Bovendien geeft de minister van binnenlandse
zaken -daar waar TNO nog voorzichtig is- een te sterk positief gekleurde
samenvatting van het tweede TNO-onderzoek. 'Geen beletselen voor de gezondheid'
geldt niet in het algemeen, maar slechts dan wanneer zeer nauw geformuleerde
richtlijnen voor het gebruik door de politie strikt worden opgevolgd.
In het Jansen & Janssen Dossier Peperspray
zijn ernstige incidenten uit het buitenland verzameld waaruit blijkt dat
het opvolgen van zulke precieze instructies in onoverzichtelijke situaties
niet altijd realistisch is.
Daarnaast wordt recent onderzoek uit het
buitenland besproken dat aantoont dat er wel degelijk medische gevaren
kleven aan de inzet van peperspray.
Uit ander onderzoek is gebleken dat politiemensen
de neiging hebben zich agressiever op te stellen als ze gewapend zijn met
peperspray, omdat ze zich zekerder van zichzelf voelen. Dat leidt eerder
tot een vermeerdering van gewelddadige confrontaties, dan tot de gewenste
vermindering.
Bovendien is er een tendens waar te nemen
dat politiemensen peperspray niet in-plaats-van potentieel dodelijk geweld
gebruiken, maar als een extra geweldsmiddel. Peperspray blijkt favoriet
als nieuw wapen om in te zetten tegen met name geweldloze demonstranten.
In Dossier Peperspray is een aantal voorbeelden opgenomen van dit soort
ernstige incidenten.
De belangrijkste argumenten tegen peperspray
staan hieronder kort samengevat. Elders in Dossier Peperspray komen ze
uitgebreider en gedocumenteerd terug.
1.
TNO deed literatuuronderzoek naar de geschiktheid
van peperspray als geweldsmiddel bij de politie. De conclusie van de Toxicologische
evaluatie is ronduit positief: 'Peperspray lijkt over het algemeen een
veilig wapen'. Het middel is volgens TNO voldoende effectief, zeer snel
werkzaam, het heeft een korte werkingsduur, het geeft geen aanleiding tot
acuut letsel en lijkt ook op lange termijn veilig.
Wie het TNO-rapport zelf leest komt tot
heel andere conclusies. De opsomming onder het kopje Gewenste Effecten,
lijkt eerder betrekking te hebben op de omschrijving van een soort van
martelwerktuig, dan op die van een fijn nieuw wapen voor de politie.
|
"De effecten op de
ogen zijn heftige tranenvloed, onvrijwillig sluiten van de ogen, tijdelijk
(snel voorbijgaande) verblinding. De ogen zijn gedurende enige tijd niet
meer te openen.
(Bron: eerste TNO-onderzoek)
|
3.
Om tot de conclusie te komen dat peperspray
'over het algemeen een veilig wapen' is heeft TNO onderzoeksliteratuur
uit het buitenland verzameld en de gegevens op een rijtje gezet. Waar onderzoeksgegevens
elkaar tegenspreken is TNO geneigd de conclusie te trekken die invoering
positief ondersteunt.
Bij de behandeling van de tientallen sterfgevallen
die in de literatuur steeds terugkomen, benadrukt TNO dat in slechts één
geval niet kan worden uitgesloten dat peperspray heeft bijgedragen aan
de dood van de arrestant. In alle andere gedocumenteerde gevallen wordt
de doodsoorzaak toegeschreven aan andere oorzaken.
Ondanks het gebrek aan medisch onderzoek
naar de rol van peperspray bij dit soort doodsoorzaken, concludeert TNO:
'kennelijk is het risico op acuut levensgevaar na gebruik van OC erg klein.'
Naar het verhoogde risico dat het gebruik
van peperspray oplevert bij genoemde doodsoorzaken werd tot voor kort niet
gezocht, eenvoudigweg omdat er te weinig bekend was over eventuele verergerende
effecten van peperspray.
4.
De onderzoekers van TNO hebben de neiging
tot creatief citeren. Soms is het aantrekkelijker om negatieve conclusies
weg te laten. Zo blijkt uit een studie uit 1993 dat wetenschappers van
het Amerikaanse leger zeer gereserveerd staan tegenover het gebruik van
peperspray. Gewaarschuwd wordt voor ernstige bijwerkingen: 'Mutagene en
carcinogene effecten, overgevoeligheid, toxische effecten op de hartslagaders,
de longen en het zenuwstelsel en mogelijk ook een dodelijke afloop'.
Volgens TNO laat dit onderzoek, samen
met dat van de FBI, zien 'dat het gebruik van peperspray veilig is'. De
inhoud van het rapport wordt verder niet behandeld.
5.
Vanuit de gezondsheidsoptiek zijn er geen
beletselen voor de invoering van peperspray, concludeert de minister van
binnenlandse zaken uit de bevindingen van TNO. De onderzoekers zelf zijn
een stuk voorzichtiger in hun aanbevelingen. Slechts onder bepaalde voorwaarden
levert peperspray geen gevaren op voor mensen met longproblemen. De betreffende
richtlijnen voor gebruik van TNO zijn zeer strikt geformuleerd:
* De politieagent dient nauwgezet te worden
geïnstrueerd en getraind voor correct gebruik van dit peperspray-wapen.
* Dit houdt onder meer in spuiten van
een afstand van 2-4 meter, gedurende 0,5-1 sec.
* Herhaald sprayen wordt niet zonder meer
aangeraden, hoewel zeker tot een totaal van 4 sec. de veiligheid geen probleem
zal zijn.
6.
Uit voorbeelden elders in dit Dossier
Peperspray blijkt dat deze richtlijnen stuk voor stuk behoorlijk problematisch
zijn. Uit buitenlandse onderzoeken blijkt dat als er al duidelijke instructies
zijn, de handhaving ervan vaak niet realistisch is.
7.
De voorschriften voor praktisch gebruik
zijn door TNO wel zéér nauw geformuleerd. Juist in een voor
politiemensen dreigende situatie kan het praktisch gezien ondoenlijk zijn
de aanbevolen afstand in acht te nemen en de wel zeer korte tijd aan te
houden die veilig wordt geacht om te sprayen.
8.
TNO adviseert nu nader experimenteel onderzoek
op menselijke vrijwilligers. De minister van binnenlandse zaken wil daar
vooralsnog niet aan beginnen, gezien de positieve ervaringen met peperspray
bij politie in het buitenland. In dit Dossier Peperspray verzamelde voorbeelden
bewijzen dat er ook veel niet zo positieve ervaringen zijn - met ernstige
gevolgen.
9.
Politieagenten moeten niet meer worden
blootgesteld aan peperspray bij trainingen.
Dat is de belangrijkste conclusie van
een onderzoek aan de Amerikaanse Duke-universiteit uit 1996 naar de gevolgen
van het gebruik van peperspray voor het menselijk lichaam (nog niet in
het TNO rapport opgenomen).
Omdat er toch geoefend moet worden, bevelen
de onderzoekers de volgende voorzorgsmaatregelen aan:
- Politieagenten te voorzien van een met
beschermende uitrusting, waaronder een bril.
- Medische observatie te organiseren voor
personen die mogelijk gevoelig reageren op peperspray.
- Agenten te trainen volgens de Amerikaanse
wetgeving betreffende de omgang met gevaarlijke chemische stoffen.
- Personen die last hebben van hoge bloeddruk,
astma, oog- problemen, borstinfecties of gevoelige luchtwegen zouden niet
in contact mogen komen met peperspray.
Over de gevolgen van peperspray voor gewone burgers laat dit onderzoek zich niet uit.
10.
Een intern memo van een van de grootste
peperspray fabrikanten, geciteerd in het onderzoek van de Amerikaanse mensenrechtenorganisatie
ACLU, concludeert dat er al serieuze risico's voor de gezondheid kunnen
ontstaan als iemand bespoten wordt met meer dan een enkele straal die een
seconde duurt.
11.
Pepersprayfabrikanten realiseren zich
wel degelijk dat er een risico zit aan het gebruik van peperspray, vertelde
advocaat Chris Haberman aan PolitieMagazine. Hij behartigt in Californië
de belangen van de familieleden van drie dodelijke ongevallen door peperspray.
Haberman: 'Nadat wij de zaak van de dood van Michael Coleman de pepersprayfabrikant
hadden ingelicht, werd de zaak razendsnel afgekocht. Autopsie wees namelijk
uit, dat het OC-ingrediënt in Coleman's bloed de toevoer van zuurstof
door de rode bloedlichaampjes zodanig had verlaagd, dat hij door de combinatie
met bloeddrukverhoging en ademhalingsmoeilijkheden was overleden.'
12.
Politieagenten hebben de neiging méér
gewelddadige confrontaties aan te gaan, als ze gewapend zijn met peperspray.
Dit blijkt uit recent Amerikaans onderzoek van de universiteit van North
Carolina uit 1997 (nog niet in het TNO rapport opgenomen).
De onderzoekers vragen zich af of bewapening
met peperspray het zelfvertrouwen van politiemensen dusdanig -overdreven-
positief beïnvloedt dat daardóór een dreigende situatie
ontstaat.
Bovendien bestaat het gevaar dat peperspray
niet zozeer als alternatief voor geweld wordt gebruikt, maar als extra
optie voor meer - en misschien onnodig -geweldsgebruik.
Ervaringen elders in dit Dossier Peperspray
opgenomen bevestigen dit vermoeden.
13.
Voormalig korpschef van Hulst (inmiddels
directeur van de BVD) staat niet te trappelen: 'De gretigheid waarmee het
wordt gepresenteerd maakt mij niet minder gereserveerd'. Hij vreest onder
meer dat invoering bij de politie het gebruik buiten de politie zal stimuleren.
14.
Voor het Politie Instituut Openbare Orde
en Veiligheid staat de meerwaarde van peperspray nog niet vast. Het PIOV
is gespecialiseerd in het trainen van mobiele eenheden en verzorgt cursussen
waarbij het gaat om geweldsaanwending en voorkomen van geweld. Woordvoerder
van de Burgt benadrukt dat het vooral gaat om 'het totaal van vaardigheden'
van politiemensen. Het komt er op aan om snel en goed te taxeren hoe dreigend
een situatie is.
15.
Ook de Nederlandse Politiebond is terughoudend.
Ondanks het feit dat de hedendaagse politieagent volgens voorzitter H.
van Duijn te vaak met lege handen staat, is peperspray allerminst de allesomvattende
oplossing. 'De politie-organisatie moet beter getoetst worden aan de hedendaagse
situatie. Dat betekent bijvoorbeeld dat er niet uren gewacht hoeft te worden
op inzet van Mobiele Eenheid. Dat heeft te maken met prioriteiten.'
16.
De Koninklijke Marechaussee bepleit het
gebruik armen en benen om te voorzien in het gat tussen pistool en wapenstok.
Op het symposium 'Onder Schot' een paar jaar geleden gaf een speciaal team
een demonstratie. Met snelle arm- en beenbewegingen uit diverse vechtsporten
werd de agressieve arrestant steeds in een mum van tijd overmeesterd en
geboeid afgevoerd.
17.
Er bestaat direct verband tussen de effectiviteit
van het wapen en de richtlijnen voor het gebruik van peperspray, zegt het
hoofd van de sectie Fire Arms en Chemical Weapons bij de Los Angeles Police
Department. 'Zolang die correct worden opgevolgd, hoeven zich geen uitwassen
voor te doen.' Niet gebruiken bij kinderen en ouderen met medische problemen,
van een meter afstand en niet dichterbij en niet te lang.
Dat er een grijs gebied ligt tussen de
richtlijnen en het gebruik in praktijk kan ook hij niet ontkennen. 'Daarbinnen
kunnen zich ongelukken voordoen', zegt hij in een artikel in PolitieMagazine
onder de kop: 'Een wolkje chemie met een bedenkelijk randje'.