• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Conclusie: De BVD verzamelt geen gegevens om er niks mee te doen

    “De BVD verzamelt geen gegevens om daar vervolgens niets mee te doen.” Dit zei minister Dales over het gebruik van BVD-informatie als bewijsmateriaal in de Groningse WNC-zaak. Ze voegde er nog aan toe niet bang te zijn dat de bevoegdheden tussen enerzijds politie en OM en anderzijds de BVD in het geding komen.
    Dat de minister er niet mee zit de grenzen aan BVD-optreden wat op te rekken is al eerder gebleken. In het geval van de Ziedende Bintjes ging ze in de Kamer veel verder dan Keller in Wageningen, door te verklaren dat alleen al het feit dat niet uitgesloten kan worden dat er een risiko van herhaling is, aanleiding genoeg is voor aandacht van de BVD.


    Het NOS-journaal van zaterdag 8 september 1990. liet het bericht over de komende uitbreiding van bevoegdheden van de BVD niet weinig suggestief gepaard gaan met beelden van de WNC-rellen in Groningen. Blijkbaar is het al vanzelfsprekend in welke richting de BVD zich bij de komende reorganisatie zal profileren.
    De in deze brochure aangehaalde voorbeelden geven aan dat de BVD al veel langer bezig is haar werkterreinen uit te breiden. De revoluties in het Oostblok zorgen voor een versnelde formalisering van de huidige praktijk. BVD-informatie wordt aangereikt om te dienen als bewijsmateriaal, misschien nog enigszins verhuld in een zaak als die tegen de WNC-arrestanten, die in het volle licht van de schijnwerpers wordt behandeld, maar onverbloemd en met zekere trots in het geval van de postwissel-fraudezaak.
    Waar het eindeloos opslaan van ‘zachte’ informatie en het illegaal bewaren van polaroid-kiekjes toe kan leiden bleek in de zaak van Jan Karel en ETA-bom. Op basis van één signalement en wat vage CID-informatie kan het gebeuren dat een volstrekt onschuldig iemand tot in lengte van jaren met het label ‘(mogelijk) terrorist’ rondloopt.
    Deze ontwikkeling, de politie die zich op het gebied van inlichtingendiensten begeeft, is minstens zo gevaarlijk als de ontwikkeling dat de BVD opsporingswerk doet. Verregaande samenwerking danwel overlapping in registraties en werkterrein leveren situaties op die oncontroleerbaar zijn.
    Het wereldbeeld van de gemiddelde BVD-er doet de rest. De fixatie op cryptische uitlatingen en conspiratieve bewegingen, waarbij heel links verwordt tot ‘Umfeld’ van mogelijk extremistische cellen, heeft vergaande gevolgen.
    Infiltrant Han kreeg de opdracht zich aktief op te stellen en sloeg vaak radikalere taal uit dan men in de groepen waarin hij infiltreerde gewend was. Hij deed met toestemming van de BVD mee aan gewelddadige akties, en soms gaf de BVD hem daar zelfs opdracht toe. Voor nachtelijke vernielingen op het kazerne-terrein Lunetten in Vught kreeg hij de komplimenten van zijn runners. Op Kamervragen over dit onderwerp komt geen antwoord; de Minister haalt twee akties door elkaar en weet van geen infiltraties.
    Als de BVD mensen opdracht geeft aan akties mee te doen is het nog maar één stap naar autonome geheime dienst-akties, in de ons omringende landen geen onbekend verschijnsel.
    Iedere benadering is er één. Het is een schemergebied, de door ons verzamelde benaderingen samen geven hooguit een indicatie van wat de BVD voor heeft met links. Wat de BVD daarnaast nog uitvoert is onduidelijk en daardoor des te beangstigender. Die zaken blijven immers helemaal in het duister.
    De taak van een geheime dienst is het verzamelen van informatie. Het grote gevaar schuilt in wat er met die gegevens gedaan wordt, en in de ongekontroleerde handelswijze van de veiligheidsdienst.