• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Dutch Desk Europol 1996

    1. ALGEMEEN EDU EUROPOL

    Tijdens het jaar 1996 zijn de volgende z.g. ‘joint actions’ en resoluties aangenomen, welke invloed hebben op de werkzaamheden verricht binnen de organisatie EDU Europol:

    • verruiming van het mandaat van EDU Europol met mensenhandel.
    • het aanleggen en bijhouden van een register van specialistische kennis en vaardigheden inzake de bestrijding van de internationaal georganiseerde criminaliteit, teneinde de samenwerking en uitwisseling van expertise te vergemakkelijken (z.g. centre of excellence).
    • De uitwisseling van informatie over de chemische samenstelling van drugs met het oog op verbetering van de samenwerking tussen de Lidstaten bij de bestrijding van de illegale drugshandel.
    • Voorkoming en opsporing van de illegale teelt en produktie van drugs. (resolutie)
    • De aanpak van het drugstoerisme (resolutie)
    • De samenstelling van een handboek inzake gecontroleerde leveringen (Besluit)

    Toen duidelijk werd dat er politieke belangstelling bestond voor de uitbreiding van het mandaat met mensenhandel (n.a.v. sexueel misbruik van kinderen) is EDU Europol verzocht een strategie te bepalen voor activiteiten ter ondersteuning van de bestrijding van dit verschijnsel. Op 13 oktober 1996 heeft EDU een eerste bijeenkomst van deskundigen uit de Lidstaten georganiseerd, hetgeen heeft geleid tot:

    • Een vergadering op 3 december 1996 met alle relevante organisaties ter verduidelijking van ieders activiteiten en de toekomstige rol van Europol, ten einde overlappingen van werkzaamheden te voorkomen;
    • De voorbereiding van werkzaamheden van een projectgroep.

    Tijdens de topconferentie in Florence dd 21/22 juni 1996 is een compromis bereikt over de rol van het Europees Hof van Justitie, waarmee naar verwachting het laatste obstakel voor de ratificatie van de Conventie is weggenomen. Het Verenigd Koninkrijk heeft de Conventie als eerste lidstaat van de EU geratificeerd op 10 december 1996.

    In verband met de bestrijding van de georganiseerde criminaliteit, in het bijzonder de handel in drugs, sexuele misdrijven tegen kinderen en mensenhandel, heeft de Europese Raad in Dublin (dd 13/14 december 1996) verklaard dat Europol dient te worden toegerust met operationale bevoegdheden om zich samen met de nationale autoriteiten daarvoor in te zetten.

    Europol EDU heeft zich ingezet voor de tenuitvoerlegging van de beleidslijnen die zijn vastgelegd in het document Cordroque 69 goedgekeurd door de Europese Raad van Madrid dd 15/16 december 1995.

    De activiteiten en werkmethoden van EDU Europol staan in het middelpunt van de politieke belangstelling. Daarin zal naar verwachting gedurende de resterende ratificatieprocedure geen verandering komen, aangezien de EDU wordt beschouwd als de voorloper van en het model voor het toekomstige Europol, alsmede als proeftuin voor de toekomstige werkzaamheden van Europol. In de loop van het jaar 1996 hebben dan ook tal van ministers, nationale en Europese parlementsleden en journalisten een bezoek gebracht aan EDU Europol.

    1.1 Algemeen Dutch Desk

    Nadat de Dutch Desk per einde 1995 was uitgebreid met 2 correspondenten, werden gedurende de eerste maanden van 1996 na enige aanloopproblemen de elektronische verbindingen tussen de CRI en het Europolhuis tot stand gebracht. Hierdoor werd het mogelijk om on-line de volgende bestanden te raadplegen: HKS, NSISILIST, OPS en IIPS en om de Kamers van Koophandel en de PTT (telefoonnummer tenaamstelling) te bevragen. Tevens kon vanaf dat moment het CRI informatiesysteem IIPS dagelijks up-to-date gevoed worden met informatie aangeleverd door overige Europolpartners.

    Per 1 maart 1996 werd XXXXXXX (*gezwart door KLPD)afkomstig van de regiopolitie Utrecht, voor een periode van 2 jaar gedetacheerdbij de DCRI. Zijn taak bestaat naast de leiding van de Desk uit coordinerende activiteiten tussen de Dutch Desk, de DCRI, de Regio’s en de BOD-en met betrekking tot onderwerpen waarbij Europol een rot speelt. Hij is bereikbaar deels aan kantoor bij de DCRI in Zoetermeer en deels bij de Dutch Desk aan de Raamweg.

    Per 1-1-96 werd een nieuw geautomatiseerd registratiesysteem bij Europol in gebruik genomen. Alle inkomende verzoeken en uitgaande antwoorden worden o.a. voor statistische doeleinden geregistreerd op aantal, onderwerp en niveaukwalificatie. Dit systeem is aanzienlijk nauwkeuriger dan het oude systeem, waarbij aanvullende verzoeken op een eerder gedaan verzoek niet apart werden geregistreerd. Deze wijziging dient in aanmerking genomen te worden bij een vergelijking van de cijfers genoemd in dit jaarverslag met de cijfers van vorig jaar.

    Er werd weer veel vergaderd gedurende het afgelopen jaar, onder andere betrof dit de reguliere ELO-meetings, diverse bijeenkomsten op operationeel niveau in verband met lopende onderzoeken en thematische werkgroepvergaderingen. Daarnaast vonden de volgende door externen bijgewoonde vergaderingen in 1996 bij Europol plaats:

    • Diverse projectboardmeetings i.v.m. de toekomstige computersystemen bij Europol;
    • Expertmeetings ter zake van ‘confidentiality’;
    • Turken expert meeting;
    • Halfjaarlijkse HENU meetings (Heads Europol National Units = HCRI);
    • Balkan Project meeting;
    • Meeting t.a.v. georganiseerde autodiefstallen;
    • STAR meeting (Stõndige Arbeitsgruppe Rauschgift), met medewerking van het 2e Kamerlid W. Rouvoet.
    • Meeting m.b.t. mensensmokkel;
    • Meeting m.b.t. uitwisselbaarheid opsporingstechnieken.

    Van alle vergaderingen werden de verslagen en notulen ter beschikking gesteld van belanghebbenden en afschriften blijven bewaard aan de Dutch Desk.

    • De Dutch Desk ontving de volgende officiele bezoeken:
    • Een delegatie van de Registratiekamer;
    • De Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken Mr. Patijn;
    • De Nederlandse Ambassadeur bij de EU in Brussel, de heer Bot, met gevolg;
    • Politiedelegaties van de regio’s Limburg- Zuid en Kennemerland.
    • Een delegatie van de Afdeling Internationale Strafrechtelijke Samenwerking van het Ministerie van Justitie (J. Peek c.s.)
    • De Economische Controledienst (ECD)
    • De heer Borghouts, Secretaris-Generaal BIZA;
    • Het College van Procureurs Generaal o.I..v.. Mr. Docters van Leeuwen.

    Tijdens deze bezoeken werd door medewerkers van de Dutch Desk een presentatie verzorgd.

    2. UITWISSELING INFORMATIE/CIJFERS

    In 1996 werden door Europol EDU 2053 uitgaande verzoeken behandeld. Omdat veel verzoeken multilateraal worden uitgezet genereerde dit aantal uitgaande verzoeken in totaal 4603 antwoorden.
    Ter vergelijking, in 1995 bedroegen deze aantallen respectievelijk 1470 en 3197.
    Duitsland en het Verenigd Koninkrijk waren met respectievelijk 507 en 453 uitgaande verzoeken veruit koplopers.

    2.1 Indeling naar onderwerp

    Het totaal aantal van 2053 was als volgt gerelateerd:

    • 1466 aan drugs;
    • 167 aan illegale immigratie;
    • 257 aan moneylaundering;
    •  4 aan nucleaire onderwerpen
    • 159 aan autodiefstallen.

     

    2.2 Indeling naar subject

    Het aantal door EDU Europol behandelde informatie verzoeken kunnen naar onderwerp als volgt worden onderscheiden:

    • 71 % drugs
    • 13% moneylaundering
    • 8% illegale immigratie
    • 8% autodiefstallen

    In 4 gevallen werd informatie verzocht inzake proliferatie.

    2.3 Indeling naar kwalificatie

    Een verzoekend land kent een kwalificatie toe die het gewicht van de vraagstelling aangeeft. Er zijn geen duidelijke criteria vastgesteld en met de verschillende percepties van ‘zware of ernstige georganiseerde criminaliteit’ in de diverse Europese landen mag deze kwalitatieve toekenning dan ook niet als objectief worden beoordeeld. De 3 hierna te noemen categorieen worden door EDU Europol aangehouden:

    Categorie 1: Eenvoudig verzoek, b.v. tenaamstelling kenteken of telefoonnummer.

    Categorie 2: Meer gecompliceerd verzoek, waarbij aanvullende initiatieven van de ELO en zijn Europol National Unit cq analytische ondersteuning toegevoegde waarde geven.

    Categorie 3: (Analytische) Ondersteuning en coordinatie van internationale onderzoeken.

    Gedurende het jaar 1996 werden de volgende kwalificaties toegekend:

    • 78% categorie 1
    • 16% categorie 2
    • 6% categorie 3

    Ten opzichte van 1995 is nauwelijks enige verschuiving te zien met betrekking tot deze kwalificaties.

    2.4 Indeling bilateraal versus muitilateraal

    Van het totale aantal van 2053 uitgaande informatieverzoeken over het jaar 1996 werd 70% bilateraal en 30 % multilateraal uitgezet. Over het jaar van 1995 bedroeg dit respectievelijk 72% en 28%.

    2.5 Betrokkenheid Dutch Desk

    In 921 zaken van het totaal van 2053 was de Dutch Desk (mede)betrokken In 113 zaken was het initiatief van de Dutch Desk uitgegaan, 81 hiervan waren van eenvoudige aard, 23 meer gecompliceerd en 9 vergden intensieve coordinatie. De behandelde onderwerpen waren drugs (76) illegale immigratie (15) moneylaundering (18) en gestolen auto’s (4)
    NB. Ter vergelijking : Gedurende het jaar 1995 werden door de Dutch Desk 71 ‘zaken'(lees: verzoeken om informatie) geinitieerd.

    2.6 Door Dutch Desk ontvangen informatieverzoeken

    Dit schema geeft de verhouding weer tussen de 15 lidstaten met betrekking tot het aantal ontvangen verzoeken om informatie.

    De Dutch Desk ontving van de andere Europolpartners gedurende het afgelopen jaar 921 verzoeken om informatie (Op een totaal van 2053 uitgezonden informatieverzoeken!) Dit resulteerde in een totaal van 1350 door de Dutch Desk verzonden antwoorden.

    Net als in 1995 (toen 683 inkomende verzoeken) is Nederland veruit koploper voor wat betreft het aantal ontvangen verzoeken dat (mede) gericht was aan de Dutch Desk.

    Zoals ook reeds aangegeven in het jaarverslag 1995 wordt dit hoge aantal naar onze inschatting mede veroorzaakt door het geografische gegeven dat Europol binnen Nederland gesitueerd is. Zo werden relatief veel bilaterale verzoeken, welke voorheen via andere kanalen werden ingestoken, ontvangen van de Britse en Duitse Desk.

    2.7 Door Dutch Desk verzonden informatieverzoeken

    Dit schema geeft de verhouding weer tussen de 18 lidstaten met betrekking tot het aantal uitgezonden verzoeken om informatie.

    De door de Dutch Desk in behandeling genomen 113 zaken resulteerde in 236 uitgezonden verzoeken om informatie. Deze uitgaande verzoeken resulteerden in een aantal van 366 ontvangen antwoorden.

    (NB Veel verzoeken worden multilateraal (81) uitgezet en leveren dus soms 14 antwoorden op een verzoek op!)

    2.8 Totaal elektronische transakties

    Het totaal aan uitgaande verzoeken om informatie voor een geheel EDU Europol (2053) genereerde in totaal 6543 verzonden elektronische transakties en 6012 ontvangen electronische transakties. Hiervan passeerden respectievelijk 1350 en 1278 de Dutch desk (ruim 20%)

    3. Enige onderzoeken

     

    hele pagina gezwart door KLPD

     

    In toenemende mate worden de medewerkers van de Dutch Desk betrokken bij de begeleiding en advisering van rogatoire commissies.

    4. PROJECTEN 1 BIJZONDERE TAKEN

    De Dutch Desk participeert in de redactiecommissie van het z.g. Latin American Drugsbulletin Board System. Wekelijks wordt een selectie gemaakt uit diverse open bronnen van onderwerpen die van belang zijn cq lezenswaardig zijn voor de EU posten in Zuid-Amerika en het Caribisch gebied. Dit Zuid-Amerika bulletin wordt wekelijks door tussenkomst van de Z-A Desk van de NCID verspreid over de groepen Colombia, Venezuela, Brazilie, Curacao en het kerntearn Haaglanden. Inmiddels zijn positieve reacties ontvangen van de Groep Colombia.

    Xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

    xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

    xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

    (gezwart door de KLPD)

    De ELO’s participeren frekwent in werkgroepvergaderingen over de onderwerpen Synthetische Drugs, Cannabis, Cocaine, Nucleaire criminaliteit, Moneylaundering, Centre of excellence en de z.g. ‘Usersgroup’ die verbetering nastreeft van het information-exchange systeem.

    Deelgenomen werd aan money laundering seminars met presentaties van Harfield van de European Bank for Reconstruction and Development en van Mr. Wayne Blackburg, voormalig accountant bij de Royal Canadian Mounted Police.

    Diverse presentaties werden in den lande gehouden voor RIB-medewerkers, met betrekking tot de ontwikkelingen van Europol en de werkzaamheden van de Dutch Desk.

    De ELO’s woonden lezingen bij van xxxxxxx (gezwart door KLPD analysetechnieken en van Prof. Fijnaut inzake diens werkz~aame en voor de commissie van Traa.

    5. CONCLUSIE

    De conclusies beschreven in het Jaarverslag van 1995 behoeven nauwelijks bijstelling. Het merendeel van de vraagstellingen blijft van laag niveau, ofschoon ogenschijnlijk ‘simpele’ vraagstellingen veelal deel uitmaken van de keten binnen welke de opsporing van zware georganiseerde criminaliteit zich afspeelt.
    Hoewel het werkaanbod gestaag toeneemt is er relatief weinig achterstand in verwerking.
    Belangrijke winst is geboekt met het direct vanuit het Europolhuis kunnen bevragen en voeden van de CRI systemen. Urgente vraagstellingen kunnen direct worden beantwoord en de ontvangen data kunnen bij gebleken relevantie nog dezelfde dag in IIPS worden ingevoerd.
    Belangrijke steun werd ondervonden van de diverse informatieknooppunten (RIB’s), zij het dat er een tendens vanuit de drukkere regio’s waarneembaar is om de Dutch Desk direkt te kontakten.

    ‘s-Gravenhage, 25 maart 1997.