• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Gemeenteraadsvragen Nijmegen

    Vragen van Groen Links en Stadspartij Leefbaar Nijmegen en de Antwoorden van de burgemeester, 22 december 1999.

    Groen Links
    Stadspartij Leefbaar Nijmegen
    Korte Nieuwstraat 6
    6511 PP Nijmegen

    Vragen aan de burgemeester, volgens art. 38 van het reglement van orde van de gemeenteraad van Nijmegen.

     

    Achtergrond
    In De Telegraaf van 15 oktober en De Gelderlander van 16 oktober jl., wordt bericht over het opzetten van een databank met betrekking tot milieu-activisten (‘CICI’) door een aantal politieregio’s en de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) Het initiatief daartoe zou (mede) door de korpschef van de politieregio Gelderland-Zuid genomen zijn. In mei 1996 verscheen in het personeelsblad van de regiopolitie Gelderland-Zuid, Gazet, een artikel over milieu-activisme van de hand van het hoofd van de Regionale Inlichtingendienst, de heer Oolbekkink. Naar aanleiding van dat artikel zijn destijds vragen gesteld door het toenmalige raadslid R. Danen.

     

    Vragen:

    1.
    Behoort de milieubeweging inmiddels tot de werkvelden van de Regionale Inlichtingendienst?

    2.
    Wordt door de politieregio Gelderland-Zuid deelgenomen in het ‘CICI-project’? Betreft het een initiatief vanuit die politieregio? Wordt de bedoelde centrale databank in de regio ondergebracht? Zo ja, bij welke afdeling binnen de regio?

    3.
    Hoeveel menskracht wordt er in de regio voor deelname aan ‘CICI’ en het anderszins in kaart brengen van milieu-activisten vrijgemaakt? Welke afdelingen bij de politie leveren die menskracht?

    4.
    Over welke (categorieën van) personen of organisaties zullen gegevens worden vastgelegd in/bij ‘CICI’?

    5.
    Op welke wettelijke taak van de politie berust deze inspanning? Verdraagt de voorgenomen ~ registratie zich naar uw mening met de bestaande privacy-wetgeving?

    6.
    Bent u met ons van mening dat de voorgenomen politie-inzet en de daarmee gepaard gaande inbreuken op de privacy van de betrokkenen op gespannen voet staan met het geweldloze karakter van de gevoerde acties? Indien U dat niet van mening bent, kunt U dat dan uitleggen?

    7.
    Rechtvaardigen vorm en omvang van de gevoerde milieu-acties in de regio, naar uw mening, een extra inzet zoals blijkbaar beoogd wordt?

    Toelichting:
    aan de in het artikel in De Telegraaf genoemde acties werd door slechts enkele tientallen actievoerders deelgenomen. Erg veel groei zit er niet in dergelijke vormen van verzet in Nederland. De door de heer Oolbekkink geuite vrees in zijn artikel uit 1996 is – in drie jaar tijd – niet bewaarheid geworden. De vergelijking met Engeland en Japan lijkt dan ook bepaald mank te gaan.

     

    8.
    Bent u bereid de brief van korpschef Poelert, waarvan sprake is in het artikel in De Gelderlander, en eventuele achterliggende stukken aan de raad ter inzage te verstrekken?

    9.
    Bent U bereid tot een heroverweging van de inzet van geld en menskracht voor onderzoek naar ( vermeend) milieu-activisme nu de politie een aantal taken zal moeten wegbezuinigen ( De Gelderlander 26 oktober j.l.)?
    Indien nee, waarom niet.,

    De Fractie van GroenLinks
    De Fractie van de SLN

     


    Gemeente Nijmegen
    Directie Bestuur & Organisatie
    Bestuursondersteuning
    Kabinet & Veiligheid

    Aan de leden van de fracties van
    GroenLinks en de Stadspartij Leefbaar Nijmegen

    Datum: 22-12-1999
    Onderwerp: Werkzaamheden Regionale Inlichtingendienst

    Geachte fractieleden,

    Onlangs richtte u zich tot mij met een aantal vragen over het opzetten van een databank met betrekking tot milieu activisten (CICI). De door u gestelde vragen richten zich enerzijds op de taken en werkzaamheden van de Regionale Inlichtingendienst, en de juridische inbedding daarvan, anderzijds hebben uw vragen betrekking op de verdeling van capaciteit binnen de politieorganisatie. Capaciteitsvraagstukken liggen binnen mijn rol als korpsbeheerder. Dit betreft een beheersmatige aangelegenheid waarover in het Regionaal College overleg plaatsvindt. De verzameling en het gebruik van openbare orde-informatie vinden plaats onder verantwoordelijkheid van de burgemeester. De politie wint informatie in om beslissingen van de burgemeester ter handhaving van de openbare orde te onderbouwen.

    Met de verzameling van informatie is binnen het politiekorps de Regionale Inlichtingendienst belast. De taak van de Regionale Inlichtingendienst bestaat uit het scannen van ontwikkelingen die mogelijk leiden tot verstoringen van de openbare orde. Om deze taak naar behoren te kunnen uitoefenen is een goede informatiepositie noodzakelijk. Deze informatiepositie wordt in de regel opgebouwd door middel van het verzamelen van informatie via open bronnen zoals kranten, overige media en Internet, uit politiebestanden en middels gesprekken. Dit geschiedt vanzelfsprekend binnen de daarvoor geldende wettelijke grenzen zoals onder andere gesteld in artikel 2 van de Politiewet. Deze informatieverzameling, onder mijn verantwoordelijkheid als burgemeester, maakt geen inbreuk op de privacy van personen.

    Het moge duidelijk zijn dat de milieubeweging als zodanig, of andere organisaties of personen die op wettige wijze hun doelstellingen nastreven, geen object van informatieverzameling zijn. Dit zou leiden tot een verkeerde beeldvorming rondom deze groeperingen, hetgeen mij onwenselijk voorkomt. De werkzaamheden van de Regionale Inlichtingendienst richten zich niet op geëtiketteerde groepen in de samenleving, maar op individuen die zich feitelijk met openbare orde verstoringen bezig houden. Wanneer deze individuen vervolgens zelf aangeven bepaalde acties te gaan ondernemen die kunnen gaan leiden tot verstoringen van de openbare orde, kunnen zij onderwerp van informatieverzameling worden. Mocht deze informatieverzameling leiden tot feitelijke ordehandhaving mijnerzijds, hetgeen op dit moment niet aan de orde is, dan leg ik vanzelfsprekend daarover aan de gemeenteraad verantwoording af.

    Als korpsbeheerder draag ik de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat het politieapparaat adequaat toegerust is op haar taak, waaronder ook het verzamelen van informatie. Dit heeft alles te maken met de professionaliteit van de politie. De capaciteitsinzet en behoeve van de informatieverzameling wordt met name door de samenwerking tussen verschillende politieregio’s beperkt gehouden. Als korpsbeheerder zie ik dat als een positieve ontwikkeling. Daarnaast kan een goede informatieinwinning een preventief politie-optreden mogelijk maken zodat (de ernst en omvang van) openbare orde verstoringen beperkt kunnen worden gehouden. Verzameling van informatie kan leiden tot een meer gerichte sturing van politie-inzet, welk de effectiviteit en efficiëntie van het politieoptreden bevordert.

    Wellicht ten overvloede wijs ik u op de door mij eerder, in het VPROradioprogramma Argos, naar buiten gebrachte stellingname ten aanzien van dit onderwerp. Daarnaast attendeer ik u op de door leden van de SP en GroenLinks gestelde Kamervragen met betrekking tot ditzelfde item. Een afschrift van de beantwoording hiervan is bij deze brief gevoegd.

    Hoogachtend, de Burgemeester van Nijmegen,

    mr. E.M. d’Hondt