• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Vervolgvragen GroenLinks en SP

    Vervolgvragen op 1999-2000: 499 (Kant) en 1999-2000: 500 (Oedayraj Singh Varma) aan de minister van Binnenlandse Zaken over het Centraal Informatie- en Cordinatiepunt Infrastructurele Projecten (CICI)

    GroenLinks:
    Peper lijkt Kamer onjuist te hebben ingelicht over het Centraal Informatie- en Coördinatiepunt Infrastructurele Projecten (CICI)

    Den Haag, 1 februari 2000

    Persbericht en Vervolgvragen

    Minister Peper van Binnenlandse Zaken lijkt de Tweede Kamer onjuist geinformeerd te hebben in antwoord op Kamervragen van GroenLinks en SP (handelingen 1999-00 1125-1129) over het Centraal Informatie- en Coördinatiepunt Infrastructurele Projecten (CICI), dat in de regio Gelderland Zuid informatie inwint over acties tegen de aanleg van infrastructurele werken als de Betuwelijn en de uitbreiding van Schiphol. De Minister schreef dat er bij het CICI uitsluitend interesse bestaat voor onwettige activiteiten, waarbij het zich niet exclusief zou richten op milieu-activisten. De BVD zou bovendien geen taak hebben bij het nieuwe politiële informatiepunt, aldus de minister in december. Naar nu blijkt uit stukken in een WOB-procedure van onderzoeksbureau Jansen en Janssen, is de BVD direct betrokken bij zowel de oprichting als de samenstelling van CICI en vallen alle CICI medewerkers direct onder de wet op de inlichtingen en veiligheidsdiensten (WIV). Op een bij de WOB-stukken gevoegde actielijst van CICI staan bovendien haast uitsluitend door democratische milieu-organisaties georganiseerde vreedzame acties, waaronder Trek de groene grens van de Vereniging Milieudefensie. Milieudefensie, Natuur en Milieu en Greenpeace hebben inmiddels een gezamelijke brief naar minister Peper gestuurd, omdat deze eerder beloofd had dat de BVD geen interesse in Milieudefensie zou hebben. Oedayraj Singh Varma van GroenLinks stelt de minister van Binnenlandse Zaken nu vervolgvragen. In het aanstaande debat in de Tweede Kamer over de nieuwe WIV wil de GroenLinksfractie een punt maken van de ongewenste vermenging van taken, bevoegdheden en werkzaamheden van en voor de BVD en de politie bij de Regionale Inlichtingendiensten (RID), waaronder het CICI valt. Oedayraj Singh Varma van GroenLinks stelt minister Peper de volgende vragen:


    Vervolgvragen op 1999-2000: 499 (Kant) en 1999-2000: 500 (Oedayraj Singh Varma) aan de minister van Binnenlandse Zaken over het Centraal Informatie- en Cordinatiepunt Infrastructurele Projecten (CICI)

    1.
    Hoe verhoudt de taakstelling van het verzamelen van informatie aangaande onwettige activiteiten (antwoord op vraag 2; 499) zich tot de bij het CICI aangelegde actielijst die bij een beroep op de Wet op de Openbaarheid van Bestuur (WOB) door een medewerker van bureau Jansen en Janssen openbaar is geworden, en waarop naast een enkele vernieling uitsluitend vreedzame en wettige acties vermeld worden?

    2.
    Hoe verhoudt de niet exclusief op de milieubeweging gerichte informatieverzameling (antwoord op vraag 3, 500) zich tot diezelfde actielijst, waarop uitsluitend milieu-organisaties en hun activiteiten worden opgevoerd?

    3.
    Hoe verhoudt de ontkenning van een taak voor de BVD bij acties rond infrastructurele projecten (antwoord op vraag 2: 500) zich tot

          1. de aanwezigheid van BVD-directeur Akerboom bij de oprichtingsvergadering van het CICI,
          2. de BVD-presentatie over de toekomst van het milieu-activisme in Nederland,
          3. het initiatief tot oprichting door de chef van de Regionale Inlichtingen Dienst (RID) in Nijmegen,
          4. het feit dat alle overige leden onder het regime van de wet op de inlichtingendiensten (WIV) vallen,
          5. de betrokkenheid van een BVD-liaison bij het CICI,
          6. en de permanente adviserende rol die de politiële adviescommissie inlichtingendiensten heeft, zoals uit bovenvermeld WOB-dossier blijkt?

    4.

     

      Alle activiteiten van het CICI zouden worden uitgevoerd overeenkomstig de handleiding Informatie-inwinning openbare orde, zo schrijft de minister in antwoord op vraag 5: 500. Hoe verhoudt de uitdrukkelijke scheiding tussen RID-inlichtingentaken en opsporingstaken in het kader van strafbare feiten of de binnenlandse veiligheid in de handleiding, zich tot de uit de punten 3a t/m 3f sprekende directe betrokkenheid van de BVD?

    5.
    Hoe verhoudt de formele scheiding tussen BVD-taken en openbare-orde taken bij de RID-en zich tot de hierboven geconstateerde vermenging, gezien het feit dat alle activiteiten van het CICI vallen onder de competentie van de RID regio Zuid-Gelderland?

    6.
    Hoe beoordeelt de minister de constatering dat de BVD sinds de commissie Van Traa in toenemende mate (al dan niet in de persoon van een of meer personen van of voor de RID) doet wat de politie expliciet verboden is, namelijk infiltratie, uitlokking, inbreken, afluisteren en het aanzetten tot criminele activiteiten, terwijl daarvoor vooraf noch achteraf in het openbaar verantwoording behoeft te worden afgelegd?

    7.
    Hoe beoordeelt het sterke vermoeden dat de BVD door haar directe betrokkenheid bij CICI haar taakstelling en bevoegdheden ver te buiten is gegaan (zie vraag 3), gezien zijn schriftelijke toezegging dat de Vereniging Milieudefensie als zodanig geen onderwerp van onderzoek voor de BVD is?

    8.
    Hoe verhoudt de schriftelijke toezegging van de minister dat er bij de BVD geen interesse voor Milieudefensie bestaat zich tot de poging tot infiltratie (door Marc Witteveen) onder supervisie van de BVD, die in november 1998 bekend werd door een artikel in Vrij Nederland?

    9.
    Is de minister van mening dat de fl. 830.000 subsidie van het ministerie van BZK voor het CICI, door de wijze waarop het CICI te werk gaat en momenteel in het nieuws staat, mede bijdraagt tot de stigmatisering en criminalisering van de door het CICI in kaart gebrachte legale en democratische milieu-organisaties, waaronder de Vereniging Milieudefensie en GroenFront, alsmede de sympathiserende buurtbewoners die in de CICI actielijst worden vemeld?

    10.Is het waar dat de scheiding van taken en bevoegdheden tussen de politiële inlichtingendiensten en de BVD toenemend een academische wordt, doordat de agenten van de Regionale Inlichtingendiensten (RID) zowel in opdracht van de plaatselijke politie (openbare orde) als voor de BVD (staatsveiligheid) werken, ook al gezien het door de commissie Kalsbeek geconstateerde feit dat er bij de RID veelal niet eens een fysieke scheiding bestaat tussen politiegegevens en BVD-gegevens?

    11.
    Welke maatregelen heeft de minister voor ogen om een einde te maken aan de ongewenste vermenging van taken, bevoegdheden en werkzaamheden van en voor de BVD en de politie bij de Regionale Inlichtingendiensten, en in concreto bij het project CICI?