• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Wet op de identificatieplicht 01-06-1994

    inwerkintredingsdatum 01-06-1994

    WET van 9 december 1993, tot aanwijzing van documenten dienende ter vaststelling van de identiteit van personen alsmede aanwijzing van enige gevallen waarin de identiteit van personen aan de hand van deze documen­ten kan worden vastgesteld (Wet op de identificatieplicht)

    Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje­Nassau, enz. enz. enz.

    Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

    Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het ter verbetering van de handhaving van regelingen voor de uitvoering waarvan bekendheid met de identiteit van een persoon van belang is, wenselijk is te bepalen met welke documenten de identiteit van personen in bij de wet aangewezen gevallen kan worden vastgesteld alsmede enige van deze geval­len aan te wijzen;

    Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

    HOOFDSTUK I

    Aanwijzing van documenten

    Art. 1. 1. Als documenten waarmee in bij de wet aangewezen gevallen de identiteit ldentiteits­van personen kan worden vastgesteld, worden aangewezen: documenten

    1°    een geldig reisdocurnent als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, b, c, d, e en g. of tweede lid, van de Paspoortwet;

    2°.   de documenten waarover een vreemdeling mgevolge de Vreemdelingenwet 2000 moet beschikken ter vaststelling van zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie.

    2. Onze Minister van Justitie kan, al dan niet voor een bepaald tijdvak, andere dan de in het eerste lid bedoelde documenten aanwijzen ter vaststelling van de identiteit van personen.

    HOOFDSTUK II

    Wijziging van het Wetboek van Strafrecht

    Art. 2. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK III

    Wijziging van de Organisatiewet Sociale Verzekering

    Art. 3. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK IV

    Wijziging van de Wet op de Sociale Verzekeringsbank

    Art. 4. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK V

    Wijziging van de Algemene Bijstandswet

    Art. 5. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK VI

    Wijziging van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk

    arbeidsongeschikte werkloze werknemers

    Art. 6. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK VII

    Wijziging van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk

    arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen

    Art. 7. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

                                                        HOOFDSTUK VIII

                                Wijziging van de Arbeidsvoorzieningswet

    Art. 8. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK IX

    Wijziging van de Algemene Ouderdomswet

    Art. 9. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

        HOOFDSTUK X

    Wijziging van de Algemene Weduwen- en Wezenwet

    Art. 10. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK Xl

    Wijziging van de Algemene Nabestaandenwet

    Art. 11. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XII

    Wijziging van de Algemene Kinderbijslagwet

    Art. 12. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XIII

    Wijziging van de Wet arbeid buitenlandse werknemers

    Art. 13. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XIV

    Wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964

    Art. 14. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XV

    Wijziging van de Algemene wet inzake rijksb elastingen

    Art. 15. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XVI

    Wijziging van de Wet inzake spaarbewijzen

    Art. 16. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XVII

    Wijziging van de Wet identiteitsvaststelling bij financiële dienstverlening

    Art. 17. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XVIII

    Wijziging van de Wet op de economische delicten

    Art. 18. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XIX

    Wijziging van de Vreemdelingenwet

    Art. 19. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XX

    Wijziging van de Wet op het Notarisambt

    Art. 20. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XXI

    Wijziging van de Wet personenvervoer

    Art. 21. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XXII

    Wijziging van de Wet persoonsregistraties

    Art. 22. [Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]

    HOOFDSTUK XXIII

    Slotbepalingen

    Art. 23. 1. Artikel 50b, derde lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals Toepasselijkheid dat artikel bij deze wet is gewijzigd, is uitsluitend van toepassing ten aanzien van verze- Organisatiewet kerden die hun werkzaamheden zijn aangevangen of die loon zijn gaan genieten op of Sociale

    na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.      Verzekering

    2. Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid stelt, na overleg met Onze Minister van Financiën en gehoord de Sociale Verzekeringsraad, een termijn, aanvan­gende op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, waarbinnen de verzekerden die hun werkzaamheden zijn aangevangen of die loon zijn gaan genieten voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, een document als bedoeld in Wet op de identiflca­tieplicht ter inzage dienen te verstrekken aan de werkgever teneinde deze in staat te stel­len de aard en het nummer van dit document in de administratie op te nemen.

    3. De verplichting bedoeld in het tweede lid geldt als een verplichting van de verze­kerde als bedoeld in artikel 50c, tweede lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals dat artikel bij deze wet is gewiizigd.

    Art. 24. De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te Inwerkingtreding bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend

    kan worden vastgesteld.

    Art. 25. Deze wet kan worden aangehaald als “Wet op de identificatieplicht”.