• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Boeven en buitenlui

    Zin en onzin van Europese politiesamenwerking

    door Eveline Lubbers

    Uit: Ravage #2 van 6 februari 2004

    Terwijl de politiek in Brussel vanachter het bureau de Europese politie- en justitiesamenwerking vorm probeert te geven, verrichten politieteams dag in dag uit internationale opsporingsonderzoeken. Besluitvorming of niet, de internationale politiesamenwerking gaat gewoon door.

    Dat is kort samengevat de inhoud van het eerste allesomvattende boek over politiesamenwerking in Europa dat onlangs is uitgekomen bij uitgeverij Papieren Tijger. Het is voor de eerste keer dat direct betrokkenen zich uitlaten over de zin en onzin van Europese politiesamenwerking.
    Waarom is ‘Keizer in Lompen’ zo’n goed boek? Dat zit hem niet alleen in de beschrijving van de praktijk, met sprekende voorbeelden van internationale politiesamenwerking in het dagelijks leven. De meerwaarde van dit boek zit hem vooral in het feit dat de beschrijving van internationale politiesamenwerking boven het niveau van de dagelijkse praktijk wordt uitgetrokken.
    De auteurs Wil van der Schans en Jelle van Buuren hebben uitzonderlijk veel mensen gesproken, uit allerlei verschillende hoeken, veelal van hoog niveau – hetzij hiërarchisch, hetzij wetenschappelijk – zodat de zaken van allerlei kanten worden belicht.
    We hebben het dan bijvoorbeeld over de adjunct-directeur van Europol, het plaatsvervangend hoofd van de afdeling internationale politiesamenwerking van Binnenlandse Zaken en de directeur recherchezaken van het Korps Landelijke Politiediensten. Maar ook spraakmakende rechters als R. Blexktoon van de Internationale Rechtshulpkamer in Amsterdam, officieren van justitie als Martin Witteveen en Fred Teeven, en oud-minister van Justitie Winnie Sorgdrager. Deze opsomming is verre van compleet.

    Verboden

    Sommige ambtenaren wilden niet met naam en toenaam in het boek worden vermeld, en twee belangrijke instanties gaven zelfs geen toestemming voor interviews. De hoogste baas ‘internationale samenwerking’ van het ministerie van Justitie verbood zijn ambtenaren om met de schrijvers te spreken, en ook het Landelijk Parket van het Openbaar Ministerie wilde niet meewerken.
    Het feit dat één van de auteurs, Wil van der Schans, bij buro Jansen & Janssen werkzaam is dat kritisch onderzoek doet naar politie- en inlichtingendiensten, was de reden om elk gesprek te weigeren. Omdat er binnen deze instanties toch mensen bereid waren tot praten, is hetgeen zij te zeggen hebben anoniem (en tot spijt van de schrijvers zonder hoor en wederhoor) opgevoerd.
    De mensen die wel geïnterviewd zijn, hebben de tijd genomen om hun visie duidelijk te maken. Ze hebben er vanuit hun betrokken positie meer over nagedacht dan de meesten van ons, en naar ik vrees ook meer dan de politici in Brussel die verantwoordelijk zijn voor het beleid rond internationale politiesamenwerking.
    Voor actievoerders verhelderend zijn de Groeistuipen van Europol en Strijd om de databanken, over de informatiehuishouding van Europa. Als je die hoofdstukken uit hebt, word je toch benieuwd naar het begin van het boek dat meer gaat over de officiële regelgeving: de besluitvorming over Europese politiesamenwerking met inspirerende tussenkoppen als beleidsdiarrhee, de controle daarop en discussie erover (of liever, het gebrek aan beiden) en de verschillende Europese projecten die er lopen.
    Tot slot is er nog aandacht voor de invloed van de Verenigde Staten en de bestrijding van het terrorisme op de internationale opsporing sinds de elfde september, en voor de nieuwste inzichten van onsch’ eigen minister van Justitie Donner, als steen in de Hofvijver.

    Vorkje prikken

    Internationale politiesamenwerking staat of valt bij goede persoonlijke contacten en het vertrouwen dat daarbij wordt opgebouwd. Ook al is de uitwisseling van gegevens uit oogpunt van efficiëntie geautomatiseerd en gaat dat makkelijker, dan toch wordt er gewezen op het belang van elkaar af en toe zien, samen een hapje eten en weten dat je van elkaar op aan kunt.
    Hoe groter de afstand, ook cultureel gezien, hoe belangrijker dat is. Met je Turkse collega’s moet je toch zeker een keer of vijf per jaar ‘een vorkje prikken’ – zoals dat heet in jargon. En als het voor het onderzoek niet uitmaakt, de grote drugsvangst op hun grondgebied laten plaatsvinden: goed voor het eergevoel van die mensen.
    De logische conclusie die zich opdringt, dat het eigenlijk niet uitmaakt wat voor regels er gemaakt worden, maar dat de internationale politiesamenwerking toch wel plaatsvindt, gaat misschien wat ver – in ieder geval is die redenering te snel en doet geen eer aan de weerbarstige realiteit.
    Wel mag je constateren dat er een kloof, of liever gezegd een ravijn gaapt tussen de mensen die het beleid in regels moeten vatten, zowel ambtenaren als parlementariërs, op Nederlands en Europees niveau, en de mensen die het uitvoeren.
    Keizer in Lompen is verplichte kost voor iedereen die met internationale politiesamenwerking te maken heeft – en dan vooral voor diegenen die de regeltjes opstellen over zaken waar ze veel te weinig vanaf weten. Een boek voor beleidsmakers voor wie het de hoogste tijd is een visie te ontwikkelen, en voor advocaten en politiemensen die eens over de horizon van hun eigen zaak willen heenkijken. Voor journalisten en programmamakers die meer willen dan de waan van de dag. Tja, en voor wie nog meer?

    Begrip

    Is dit een boek voor actievoerders? In veel mindere mate dan dat je dat van een boek dat voor de helft door buro Jansen & Janssen is geschreven zou verwachten. Voor een deel is dat te verklaren uit het resultaat dat je vaker ziet als mensen zich uitvoerig gaan verdiepen in een onderwerp: meer kennis leidt tot meer begrip over de omstandigheden waarin politiemensen moeten werken, tot meer nuance.
    Dat is ook logisch: het is te simpel om botweg tegen Europese politiesamenwerking te zijn, het gebeurt toch. Bij zo’n gecompliceerd onderwerp is het van meer nut je erin te verdiepen om te zien waar het nou eigenlijk over gaat, voordat je van alles gaat roepen.
    In dit geval ligt de kracht van het boek in het naar buiten brengen van de praktijk van de internationale politiesamenwerking, verteld door direct betrokkenen, afgezet tegen een totaal gebrek aan Europese visie en aan beleid daarover – om over de democratische controle maar te zwijgen. Je kunt het zien als een moderne vorm van onthulling welke binnen de traditie van Jansen & Janssen past.
    De auteurs beklagen zich over het gebrek aan maatschappelijke discussie over het onderwerp, maar de vraag is of een boek als dit daar verandering in brengt. Het is geen pamflet, maar daarom niet minder waardevol – er zijn mensen gepromoveerd op minder kwaliteit.
    Als dit boek discussie oplevert, is het in eerste instantie discussie achter de schermen, in eigen kring. En dat zou zonde zijn. Misschien moeten de geïnterviewde wetenschappers, smaakmakers als Ybo Buruma, Andre Klip of Theo de Roos, zelf in de pen klimmen om naar aanleiding van dit boek hun mening te verkondigen op de opiniepagina’s van de dagbladen om de discussie een zwieper te geven.

    Laatste nieuws: In een commissiedebat in de Tweede Kamer over het functioneren van Europol afgelopen week, vroeg iemand de minister of hij Keizer in Lompen al had gelezen, omdat daar toch wel een heel slecht beeld van deze politiedienst werd geschetst. Het begin van openbare discussie is er!

    Eveline Lubbers
    www.evel.nl

    Wil van der Schans & Jelle van Buuren, Keizer in Lompen. Politiesamenwerking in Europa, Papieren Tijger, 2004, ISBN 90 6728 126 3, 333 pg’s, 24,90 euro.
    Noot
    (*) De titel Keizer in Lompen wordt pas in het laatste hoofdstuk uitgelegd (p.314-315). Daar staat: “Het probleem is namelijk niet zozeer dat de Europese keizer eigenlijk geen kleren aan heeft, het probleem is dat de keizer in lompen gehuld gaat”, waarbij de Europese keizer staat voor de Europese politie- en justitiesamenwerking, zijn naaktheid voor het gebrek aan beleid, en de lompen voor het beleid zonder visie.