• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Justitie en Veiligheid

  • Inlichtingen en Terrorisme

  • Nieuwsblog

  • Openbaarheid

  • Nationaal Veiligheidsarchief

  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Veilig Internetten

  • Jansen Library

  • Bedrijfsspionnen in Nieuw Zeeland

    In Nieuw Zeeland zijn diverse actiegroepen geïnfiltreerd door mensen die voor een commercieel inlichtingen bedrijf werkten. Het gaat om de Save Happy Valley groep, de Wellington Animal Rights Network en de Peace Action Wellington. Save Happy Valley is een actiegroep door middel van actiekampen, blokkades, picketlines en andere geweldloze acties tegen de aanleg van een kolenmijn in Happy Valley 25 kilometer ten noord oosten van Westport, Nieuw Zeeland protesteert. De mijn is een project van Solid Energy, het staatsmijnbouwbedrijf, het grootste mijnbouwbedrijf in Nieuw Zeeland dat vooral kolen delft voor de export naar China, India en Japan.

    De Wellington Animal Rights Network is een netwerk van dierenrechten activisten die protesteren tegen de bio-industrie, bont productie en ander dierenleed in Wellington. Een van de bedrijven die regelmatig op de korrel wordt genomen is het bedrijf NZ Biotech Industry, dat biotechnologie in Nieuw Zeeland promoot. Peace Action Wellington is een vredesactiegroep in de stad Wellington.

    De mensen die geïnfiltreerd waren in de actiegroepen werkten voor Thompson & Clark Private Investigations Limited in Auckland, Nieuw Zeeland. Het bedrijf is een beveiligingsbedrijf dat zich gespecialiseerd heeft in ‘covert physical and electronic surveillance’, ‘real-time intelligence’, ‘political activism’ en demonstranten. Thompson & Clark is werkzaam voor grote bedrijven als Solid Energy en NZ Biotech Industry. Voor het in de gaten houden en ‘beïnvloeden’ van de verschillende actiegroepen huurden zij Ryan Paterson-Rouse en Somali Young in. Ryan Paterson-Rouse is een student aan de University of Canterbury in Christchurch die informatie over activiteiten van de Christchurch Save Happy Valley groep verzamelde. Somali Young is een rechtenstudent aan de Victoria University in Wellington. Meerdere bedrijven in Nieuw Zeeland hebben aangegeven beveiligingsbedrijven te hebben ingehuurd voor het in de gaten houden van activisten. Het gaat hierbij om de NZ Pork Industry Board, Massey University en AgResearch.

    Op 27 mei 2007 publiceerde Nicky Hagar van de Sunday Star-Times uit Auckland het verhaal van de infiltratie door Ryan Paterson-Rouse. Zijn ontmaskering was puur toeval. Thompson & Clark hadden een systeem opgezet zodat ze de mail van de Happy Valley groep en enkele andere groepen konden meelezen. Daarvoor gebruikten ze het programma POPCon. Op 3 april 2007 weigerde de computer van Gavin Clark van Thompson & Clark en werden mails niet afgeleverd. Ryan had Gavin Clark net een mail gestuurd. Deze mail kwam nu niet bij Clark terecht, maar bij verschillende leden van de Save Happy Valley groep. De afzender was postmaster@tcil.co.nz (Thompson & Clark) met de vermelding dat het volgende email adres niet reageerde (gavin.clark@tcil.co.nz). TCIL staat voor Thompson & Clark Private Investigations Limited. Het bedrijf was voor de actievoerders geen onbekende. Al eerder in april 2006 waren twee medewerkers van het bedrijf in camouflage pakken betrapt bij het bespioneren van het actiekamp van de groep en in oktober 2006 werd een camera met opname apparatuur ontdekt die de toegang van het actiekamp filmde.

    De infiltratie van Ryan voor TCIL begon in oktober 2006. Via een gezamenlijke vriend werd Ryan benaderd door Clark om voor het beveiligingsbedrijf te werken. Hij kreeg 400 NZdollar (230 euro) per maand, 30 NZdollar (17.25 euro) per uur voor de tijd dat hij inlichtingen verzamelde en 300 NZdollar (172 euro) per dag voor de tijd dat hij het actiekamp van Happy Valley in de buurt van Westport bezocht. In totaal was hij zeven maanden actief voor de actiegroep tot zijn ontmaskering in mei 2007. Hij was de ideale vrijwilliger. Bood zijn diensten aan en leek altijd tijd te hebben. Vergaderingen en gezamenlijke maaltijden werden bij hem thuis gehouden en regelmatig stelde hij acties voor waarbij actievoerders zouden worden gearresteerd. Zelf deed Ryan ook actief mee aan acties. Op 29 april 2007 staat Ryan bij een blokkade van een kolentrein op de uitkijk en doet later mee aan de demonstratie. Drie dagen voor de blokkade gaf Don Elder van Solid Energy de demonstranten de schuld van de miljoenen die het bedrijf misliep door vertragingen als gevolg van de acties van groepen als Save Happy Valley. Het persoffensief was er duidelijk op gericht de actievoerders in een kwaad daglicht te stellen. Elder was echter op de hoogte van de actie drie dagen later, want Ryan had ook een deel van de planning van de actie voor zijn rekening genomen. Solid Energy wilde echter niet ingrijpen omdat de blokkade paste in het pr-offensief van het bedrijf om de actiegroepen zwart te maken en de politiek warm te maken voor de kolenmijn. Ryan bevestigde na zijn ontmaskering in een gesprek met journalist Nicky Hagar van de Sunday Star-Times dat Solid Energy de opdrachtgever was. Hij schreef maandelijkse verslagen van bijeenkomsten en plannen en beantwoordde specifieke vragen van zowel Thompson & Clark en Solid Energy.

    Het verhaal van Somali Young en haar infiltratie bij de Wellington Animal Rights Network (WARN) en de Peace Action Wellington is niet zo glashelder als dat van Ryan. Somali Young ontkent iedere betrokkenheid bij Thompson & Clark en het bewijs dat tegen haar gepresenteerd wordt is niet eenduidig of Hagar moet dat achterhouden. Email correspondentie zoals tussen Ryan en TCIL is bij Somali Young niet aanwezig. Het verhaal van haar infiltratie is daarom minder sterk. Volgens het artikel in de Sunday Star zou zij in juni 2005 voor het eerst meedoen aan protesten van de WARN tegen de ANZCCART (Australian and New Zealand Council for the Care of Animals in Research and Teaching) jaarlijkse conferentie. Tussen juni 2005 en mei 2007 was zij de toegewijde actievoerder. Altijd aanwezig en altijd tijd. Haar rechtenstudie kwam haar van pas om ook alle juridische zaken van WARN op zich te nemen. Of dat allemaal nog niet te veel is sluit zij zich in augustus 2006 aan bij de Peace Action Wellington. Opnieuw is ze zeer behulpzaam en bereidwillig. Doet mee aan alle vergaderingen voor de voorbereiding van acties tijdens een wapenindustrie conferentie in Wellington.

    Is er een verschil tussen private infiltratie en staatsinfiltratie? Bij bemoeienis van geheime diensten van de overheid met actievoerders is het uitgangspunt vaak het opsporen van strafbare feiten of verdachten van strafbare feiten en het mogelijke gevaar voor de staatsveiligheid van een protestbeweging. Bij private infiltratie gaat het vooral om voorkennis van acties en juridische procedures zodat het bedrijf of de overheid kan tippen of zelf juridische procedures kan starten. Beide infiltraties lopen echter vaak uit op het provoceren van actievoerders. Het voorbeeld van Ryan laat dat duidelijk zien. Zijn betrokkenheid ging steeds verder. Hij wilde dat er ‘hardere’ acties werden gevoerd waarbij meer mensen zouden worden gearresteerd. Zou hij voor Thompson & Clark ook strafbare feiten begaan?
    Bij de drie actiegroepen gaat het om wettig protest. Geen terreurdreiging ligt er aan ten grondslag om deze groepen te infiltreren van overheidswege. Dat bedrijven dat doen is volgens wetgeving in Nieuw Zeeland verboden als de medewerker niet een erkend ‘agent’. Hoe toon je dat echter aan? Als Thompson & Clark ontkennen gebuik te hebben gemaakt van de diensten van Ryan en de betalingen cash zijn gegaan, is het enige harde bewijs het email bericht dat teruggekomen is van TCIL. Het klinkt bekent in de oren. Zo is infiltratie van overheidswege ook nooit te bewijzen. Bedrijven die hun tegenstanders infiltreren. Het hoort allemaal bij het kapitalistische stelsel. Je luistert je concurrenten af en probeert je tegenstanders in diskrediet te brengen. Is het echter ethisch? De actiegroepen hebben de bedrijven van onwettig, onethisch en moreel verwerpelijk gedrag beschuldigd. Is het dat? Geheime diensten in dienst van de overheid infiltreren al jaren. Het toverwoord bij de legitimatie van die infiltraties is staatsveiligheid, maar wat is staatsveiligheid? Protesteren tegen een kolenmijn is een grondwettelijk recht. Kolen delven voor energieopwekking met alle milieugevolgen van dien kan ook worden gezien als een bedreiging voor de staatsveiligheid. Alles heeft te maken met een politieke keuze. Actiegroepen kunnen gemakkelijk in een kwaad daglicht worden geplaatst, zoals de huiszoekingen van 15 oktober 2007 in Nieuw Zeeland laten zien. In het kader van een grote anti terrorisme operatie werden in heel Nieuw Zeeland huiszoekingen of pogingen daartoe gedaan. Bij twee leden van de Save Happy Valley groep stond de politie ook voor de deur. Zonder huiszoekingsbevel wilden ze binnentreden op zoek naar een van terrorisme verdachte persoon die ooit het kamp van de groep in de buurt van Westport had bezocht. Infiltratie is snel gelegitimeerd, maar ondermijnt de rechtstaat en de vrijheid van vergadering, meningsuiting en protest.
    artikel van Nicky Hagar in de Sunday Star
    Save Happy Valley groep
    vredesbeweging in Wellington
    Save Happy Valley verklaring rond infiltratie 1
    Save Happy Valley verklaring rond infiltratie 2