• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • BEN JIJ EEN KALE KIP? Schadeverhalen op actievoerders

    Het verhalen van schade op actievoerders

    door Eva Oling

    In het voorjaar van 1996 bekladt een anti-auwtoactiviste een autoreclame op een Publex-reclamebord. Een medewerker van Publex arresteert de vrouw en draagt haar over aan de politie. Het blijkt dat Publex een deel van haar borden met cameras observeert. Mede door deze videobeelden wordt de graffiti-artieste veroordeeld voor alle 10 bekladdingen die nacht. Het verhaal is hiermee echter nog niet voorbij. Publex spant namelijk ook zelf een procedure aan tegen de kladster, ze willen namelijk de schade van het kladden vergoed hebben. Dit lukt ze, een schadeclaim van 6200 gulden wordt door de rechter toegewezen. Bovendien wordt er een dwangsom van 2500 gulden opgelegd voor elke nieuwe kladactie.

    Het is niet ongebruikelijk dat bedrijven en instanties die last hebben van acties proberen om de schade van een actie te verhalen. Publex vervolgde al eerder een andere kladder en ook bezetters van het WBA, demonstrerende koerden en antimilitaristen kregen met schadeclaims te maken. Dit zal gezien de opkomende claimcultuur in de toekomst eerder meer dan minder gebeuren. Tot nu toe was er in actiehandleidingen weinig aandacht voor dit verschijnsel, daarom nu wat meer informatie zodat je niet onvoorbereid in de portemonnee wordt getroffen.

    Schade en schande

    De schade van een actie kan op twee manieren op actievoerders worden verhaald: via het strafrecht of via het civiel recht. Het verschil tussen een strafzaak en een civiele procedure is dat je in het eerste geval door de staat vervolgd wordt (officier van justitie) en in het tweede geval direct door de persoon of organisatie die schade heeft geleden (de benadeelde partij). In het strafrecht kan de benadeelde partij zich sinds een aantal jaren voegen in een rechtzaak tegen de actievoerders. Dit betekent dat het vergoeden van schade als straf kan worden opgelegd. Het ministerie van Defensie probeert op deze manier de schade van antimilitaristische acties te verhalen. Zo werden actievoerders die met waterverf de basis in Gilze-Rijen beschilderden getrakteerd op een claim van 4000 gulden. In de praktijk hebben strafrechtelijke schadeclaims alleen succes als de schade concreet aan te tonen valt, zoals een kapotte ruit. Bij ingewikkelder schadeclaims, zoals een bedrijf dat een aantal uren stilligt, verwijst de strafrechter vaak door naar een aparte civiele procedure. Deze civiele procedure is de tweede mogelijkheid om schade te verhalen.. Het is gebruikelijk om een strafzaak met een civiele zaak te combineren. Als je eenmaal bent veroordeeld in een strafzaak, dan hoeft je schuld aan de schade namelijk niet opnieuw worden bewezen in de civiele procedure. Dit scheelt de benadeelde partij veel werk en dus kosten. Als je een lage straf krijgt voor een actie waar wel een hoge schade was dan betekent dat dus niet perse dat je er mooi vanaf gekomen bent. Studenten die begin jaren 90 de informatiseringsbank in Groningen bezetten werden in een strafzaak veroordeeld tot zo’n 4 dagen gevangenis. Daarna spande de informatiseringsbank een civiele procedure aan waardoor de bezetters de schade moesten betalen die was ontstaan bij de bezetting en de ontruiming, dit kwam neer op ongeveer 10.000 gulden schadevergoeding per persoon. Er kan overigens nog 5 jaar na het ontstaan van schade een schadeclaim worden ingediend.

    Aandeel in de schuld

    Is er niet eerst een strafzaak geweest, dan moet in de civiele procedure worden aangetoond dat de aangeklaagden ook een aandeel in de schuld hebben. In het strafrecht is het sinds kort mogelijk om iemand die zelf geen geweld pleegt te vervolgen voor het geweld van de groep waar hij deel van uitmaakt (het nieuwe artikel 141). In het civiel recht bestaat deze collectieve aanpak al veel langer. Een aandeel hebben in de schuld hoeft dus niet te betekenen dat je de schade ook daadwerkelijk zelf veroorzaakt, het is genoeg als je deel uitmaakt van de groep die schade aanricht. Het ondersteunen van iemand die schade veroorzaakt kan hier dus ook onder vallen, maar dan wel alleen als die ondersteuning noodzakelijk leidt tot de schade. Zo hoeft de favoriete groenteboer van een ruitentikker niet voor de kosten op te draaien, maar iemand die hem rondrijdt zodat hij overal zn slag kan slaan is wel aansprakelijk.

    Organisaties

    Het verhalen van schade komt het meest voor bij grote, bekende organisaties zoals vakbonden, Greenpeace en Milieudefensie. Dergelijke organisaties zijn makkelijk te traceren, hebben vaak geld om een claim te betalen en als je een organisatie door middel van een dwangsom de mond snoert dan kan dat het effect hebben dat individuen ook geen actie meer ondernemen. Bij dit soort organisaties wordt het verhalen van schade nogal eens gebruikt om een actie te stoppen. Een bedrijf dat bezet wordt spant dan bijvoorbeeld meteen na het begin van de bezetting een civiele spoedprocedure (kort geding) aan tegen de organisatie die bezet. In het kort geding eisen ze dat de bezetting wordt opgeheven vanwege de schade die het bedrijf lijdt door de zogenaamde onrechtmatige daad. De bezetters moeten er dan mee ophouden op straffe van een dwangsom per dag of dagdeel dat ze toch doorgaan.

    De mond gesnoerd

    Het is ook voorgekomen dat er een kort geding werd aangespannen voordat de actie plaatsvond. Dit overkwam de organisaties WISE en Greenpeace toen zij opriepen tot een blokkade van een splijtstoftransport. De kerncentrale en de opwerkingsfabriek in Sellafield wilden dat de blokkade werd verboden op straffe van een dwangsom van 200.000 gulden per dag. De blokkade zou onrechtmatig zijn en dus werd de verwachte schade alvast verhaald op de organisatoren. Volgens beide bedrijven mochten de actievoerders alleen hun mening uiten als dit geen enkele hinder zou opleveren. Uiteindelijk verbood de rechter alleen de acties van Greenpeace. De rechter vond een effectieve blokkade inderdaad te ver gaan, hoewel de bedrijven volgens hem wel enige hinder van acties moesten accepteren. Vrijheid van meningsuiting betekent ook dat je je mening op indringende wijze duidelijk mag maken. Het verschil tussen WISE en Greenpeace was dat Greenpeace al eerder, succesvolle, blokkadeacties had gevoerd tegen de transporten. De rechter vond het daarom waarschijnlijk dat Greenpeace haar voornemen ook daadwerkelijk zou uitvoeren. Van WISE vond de rechter dit onvoldoende aangetoond, zij hadden in het verleden nog nooit een blokkade gedaan en het was dus onduidelijk hoe serieus hun aankondiging om dat nu wel te doen moest worden opgevat.

    Anoniem

    Het is niet mogelijk om een civiele schadeclaim in te dienen tegen een persoon van wie de identiteit niet bekend is (een schadevergoeding eisen in de strafzaak kan wel). Anoniempjes zijn dus in het voordeel, anoniem zijn is echter pas echt succesvol als je anoniem blijft en als iedereen die wordt vervolgd anoniem is. Voor wat betreft het eerste: in een strafprocedure heeft de benadeelde partij recht op informatie over de zaak, informatie over de identiteit van de dader valt daar natuurlijk ook onder. Word je eerst strafrechtelijk vervolgd en wordt je identiteit pas na enige tijd bekend, dan komt die informatie dus ook bij de benadeelde terecht, die dan alsnog een civiele schadeclaim in kan dienen. Daarnaast kan een benadeeld bedrijf natuurlijk ook zelf gaan speuren om achter je identiteit te komen, dit loont voor hen echter alleen als de kosten van het speurwerk niet hoger zijn dan de schade waarom het gaat. Voor wat betreft het tweede: bij een civiele schadeclaim is het mogelijk dat één persoon opdraait voor alle andere betrokkenen. Als er bijvoorbeeld 10 mensen meedoen aan een kladactie en er wordt er een gepakt, dan kan die (mits het aandeel in de schuld bewezen is natuurlijk) worden veroordeeld tot het vergoeden van de schade van de hele actie. Volgens de wet moet de pechvogel dan zelf maar regelen dat hij van de anderen hun deel van het geld krijgt. Bij een groep waar een deel anoniem is en een deel niet, kan de benadeelde dus volstaan met het verhalen van de hele schade op de mensen die wel met naam en toenaam bekend zijn.

    Kale kip?

    Zoals gezegd wordt er minder vaak schade verhaald op individuele actievoerders dan op organisaties. Eén van de redenen daarvoor is dat benadeelden vaak denken (en soms is dat ook zo) dat actievoerders kale kippen zijn van wie toch niks te plukken valt. Als je inderdaad zon kale kip bent dan betekent dat echter niet dat je geen schade hoeft te vergoeden. Zo kunnen ze je elke maand een klein bedrag laten betalen (25 euro bijvoorbeeld) of het betalen kan worden uitgesteld. Zodra je wel geld hebt valt er alsnog een rekening door de bus. Iemand die begin jaren ’80 had meegeholpen met het slopen van een marechausseebusje moest bijvoorbeeld na 20 jaar alsnog de schade vergoeden. In tegenstelling tot strafrechtelijke boetes kun je een schadevergoeding niet uitzitten. Wat wel kan is dat je 30 dagen in gijzeling wordt genomen als je niet betaalt, terwijl je dat wel kan. Daarna moet je echter nog steeds gewoon betalen.

    Wat te doen

    De dreiging van hoge schadeclaims kan het actievoeren aardig belemmeren. Er zijn echter wel mogelijkheden om de schade van schadeverhaal te beperken. Natuurlijk is niet iedere mogelijkheid geschikt voor iedereen. Tenslotte zijn er veel verschillende actiedoelen, methoden en organisatievormen. Zo heeft het geen zin om schade tot elke prijs te vermijden als je zoveel mogelijk wilt dwarsliggen en anonimiteit is onmogelijk voor de organisatie van een grote manifestatie.

    1. Als het je niet om de schade te doen is en je bent wel makkelijk te pakken of te vervolgen, zorg dan dat je zo weinig mogelijk schade veroorzaakt. Gebruik bijvoorbeeld verf die makkelijk te verwijderen is. Het Amerikaanse Billboard Liberation Front probeert bijvoorbeeld schadeclaims te voorkomen door rubbercement (verwijderbare lijm) te gebruiken als ze billboards beplakken.
    2. Maak het zo moeilijk mogelijk om schade aan te tonen. Dat een langdurige blokkade schadelijk is voor een bedrijf is wel duidelijk, maar wat is er zo erg aan het met grote regelmaat uitvoeren van op zichzelf niet al te vergaande acties? Of aan het onderuithalen van een merknaam met allerlei persiflages?
    3. Zorg dat je de schadeclaim kunt betalen. Een hoge dwangsom zal voor velen van ons niet haalbaar zijn, maar een solidariteitsfonds of sponsors voor een actie kunnen de mogelijkheden wel vergroten. Zo is het bij protesten tegen de nucleaire transporten in Gorleben wel gebeurd dat er al honderden mensen waren die zich garant stelden voor de boetes van enkele mensen die de treinrails zouden gaan demonteren.
    4. Zorg dat het zo moeilijk mogelijk is om je met schade in verband te brengen.
    • Doe oproepen tot acties die veel schade veroorzaken niet onder de naam van een bestaande organisatie. Je kan altijd een gelegenheidsnaam verzinnen.
    • Gebruik sowieso niet steeds dezelfde naam en methoden voor een reeks acties. Beter de schoonmaakkosten van één graffiti betalen dan van 10.
    • Wel die ruit ingetrapt? Toch opgepakt? Anoniem blijven kan een verstandige keuze zijn. Je zit soms langer vast en je kan niet in hoger beroep, maar je krijgt in ieder geval geen civiele schadeclaim aan je broek.

     

    Oproep: over schadeclaims, dwangsommen, maar ook civiele middelen als straatverboden is bij ons niet genoeg bekend. Heb je dus als actievoerder ervaring met deze dingen, laat het ons dan weten.