• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Veilig Internetten

  • Jansen Library

  • Verhoor

    De verdachte werd medegedeeld dat zij niet tot antwoorden verplicht is. De verdachte gaf geen antwoord op onze vragen. Zij wilde totaal niet praten. Na het stellen van een vraag reageerde zij daarop door te glimlachen. De verdachte wilde hiermee kennelijk duidelijk maken dat zij niet wenste mee te werken aan het onderzoek.

    Uit een Proces Verbaal van Verhoor naar aanleiding van een ontruiming.

    Als je opgepakt bent word je vaak op een of andere manier verhoord. Soms heel terloops, door een agent die toevallig iets vraagt, soms door een hulpofficier van justitie als je in verzekering wordt gesteld. Soms ook net als in de film met twee rechercheurs die je met gebruik van allerlei trucs lopen door te zagen. In dit hoofdstuk geven we informatie over het doel van een verhoor, de gebruikte methoden en de manieren waarop jijzelf je eigen bijdrage kan leveren aan dit prettige gesprek

    Doel verhoor

    Formeel gezien is het doel van een verhoor waarheidsvinding. De politie moet erachter komen wat er precies gebeurd is zodat de wet goed kan worden toegepast. Dit betekent dat er daders gevonden moeten worden. Ook moet duidelijk worden wat het misdrijf nu precies is. Een verhoor is dus niet afgelopen op het moment dat iemand zegt genoeg, ik beken, ik heb het gedaan, want wat is het nou eigenlijk. Was die ingetrapte deur een kwestie van vernieling of was het een poging tot inbraak? Was de dader alleen of samen met anderen? Was er sprake van opzet? Was die stokslag gericht op het hoofd of op de auto van de agent? Was de stok speciaal voor dat doel meegenomen? Allemaal dingen die de politie te weten wil komen, zodat de officier van justitie weet welk artikel uit het wetboek van strafrecht hij kan gebruiken.

    Het strafrecht zit ingewikkeld in elkaar. Een of twee uitspraken tijdens een verhoor kunnen daardoor een wereld van verschil maken. Word je bijvoorbeeld opgepakt nadat je ergens een deur hebt ingetrapt, dan maakt het noagal uit of je je mond houdt of niet. Zeg je niets dan kan de officier van justitie je alleen vernieling ten laste leggen. Zeg je dat je ook wel toe was een nieuwe stereo, die daarbinnen stond, dan kan de officier van justitie je gaan vervolgen voor vernieling en poging tot diefstal.

    Het formele doel van een verhoor is dus duidelijk krijgen of en hoe iemand vervolgd gaat worden. In theorie kan deze waarheidsvinding betekenen dat iemand vrijuit gaat omdat hij het niet gedaan heeft of dat iemand alleen aangeklaagd wordt voor een licht vergrijp om dat hij niet de bedoeling had iets ernstigers te doen. In de praktijk gelooft de politie vaak niet in de onschuld van de mensen die ze arresteren en willen ze bovendien eer van hun zware werk hebben. Hoe meer mensen veroordeeld worden, hoe meer zaken zij opgelost hebben. Hoe zwaarder de aanklacht, hoe groter de prestatie van de rechercheur. De politie wordt door zichzelf, het publiek en justitie ook beoordeeld op dit soort zaken, het laten lopen van onschuldigen of het constateren van een licht vergrijp zijn dingen waar de politie zich voor moet verdedigen. Zijn ze niet te slap of te laks en dergelijke. Waarheidsvinding is hierdoor niet zo objectief als het lijkt. Voor de verhoorder is de waarheid die iemand achter de tralies kan krijgen vaak interessanter dan de waarheid die iemand vrijuit laat gaan.

    Wat waarheidsvinding in ieder geval niet betekent, is dat de politie iemand vrijlaat omdat uit het verhoor blijkt dat het zon aardig persoon is die zulke goede motieven heeft, of die zo begaan is met het leed in de wereld. Zelfs al zou een rechercheur privé wel sympathie voor de goede zaak hebben, in zijn werk kan hij niks met die sympathie. Wat voor de politie telt is dat de wet is overtreden en dat daar iemand voor veroordeeld moet worden. Bovendien kan een officier van justitie jouw uitspraken over een politieke motivatie ook tegen je gebruiken. Je wist kennelijk wat je deed en omdat je zon mooi doel had, is het extra slecht dat je illegale middelen gebruikt.

    Vaak heeft een verhoor ook minder formele doelen. Een verhoor is namelijk een van de weinige gelegenheden die de politie heeft om met politieke activisten te praten. Voor de RID-ers (politieke inlichtingendienst) van de politie is een verhoor dus een interessante gelegenheid om de archieven wat aan te vullen. Ze zullen je meestal niet zelf verhoren, maar informatie die voor hen interessant is zal zeker de weg naar hun bureaus weten te vinden. Het gaat hierbij dan om allerlei achtergrondinformatie over mensen en groepen. Het komt ook weleens voor dat de RID arrestanten als informant probeert te werfen. De kandidaat zit tenslotte binnen handbereik op het bureau en is door de schrik over de arrestatie misschien eerder geneigd om mee te werken. Het gebeurt in zon geval ook wel eens dat RID-ers strafvermindering of vrijlating aanbieden in ruil voor medewerking.

    Manier van verhoren

    Soms gaat het wel echt veel sneller dan ik verwacht had, dat ik bijna zoiets heb van, ik ben wel opgepakt, maar het interesseert ze eigenlijk geen flikker. Soms dan komen ze voor verhoor van nou, heb je nog wat te verklaren? Nee? Nou doei! En dan heb ik echt zoiets van oh, dat was het alweer.

    De manier van verhoren wordt beïnvloed door het soort zaak en de opleiding, ervaring, gewoonten en voorkeuren van de verhoorders zelf. In het begin van het hoofdstuk werd al vermeld dat een verhoor lang niet altijd een formele ondervraging hoeft te zijn. Als je vastzit zul je vaak door elke agent waar je mee te maken krijgt aangeklampt worden om informatie: bij elke vingerafdruk, elk bekertje koffie, in de lift, bij het fotos nemen, fouilleren, bij de hulpofficier van justitie, bij binnenkomst op het bureau en bij de uitgang overal heeft men wel een al dan niet intelligente vraag voor je. Soms word je afgezien van dit soort gevis verder niet verhoord. Dit gebeurt dan vooral bij sommige kleine zaken en soms ook als je met een grote groep bent opgepakt. In dat laatste geval is de politie in eerste instantie vaak niet in staat om mensen uitgebreid door te zagen. Je moet dan je best doen als je wél een verklaring wil afleggen in plaats van andersom.

    Word je wel officieel verhoord dan gebeurt dat meestal door twee verhoorders in een apart kamertje. Zon fijn gesprek kan je meerdere malen overkomen, ook als je voor een niet al te zwaar vergrijp bent opgepakt. Hoe lang een verhoor duurt hangt maar net af van de praatlust en het uithoudingsvermogen van beide partijen, dat kan dus variëren van 5 minuten tot een paar uur.

    In sommige gevallen heeft de politie van het begin af de touwtjes in handen. Het gaat dan om grote zaken waar de arrestatie van mensen gepland is. In plaats van dat de politie de arrestanten min of meer onverwacht krijgt op haar bord krijgt. In dit soort gevallen worden de verhoren ook gepland en gecoördineerd. De politie heeft dan van te voren een soort informatielandkaart gemaakt, met behulp van deze kaart kunnen allerlei kleine flintertjes informatie worden samengevoegd tot een geheel. Ook kan zo per dag of per verhoor worden bepaald welk stukje van de kaart verder wordt ingevuld. De verhoorders waar je dan mee te maken krijgt hebben er dan ook een speciale opleiding voor gehad. Door de goede voorbereiding zijn ze uitstekend geïnformeerd over de zaak en de achtergronden van de verdachten. Normaal gesproken zul je echter meestal verhoord worden door mensen die veel minder goed opgeleid en voorbereid zijn.

    Verhoormethoden

    Zoals je al kon lezen is het doel van een verhoor het verzamelen van informatie. Informatie die meestal tegen iemand gebruikt zal worden: in een proces of in de dossiers van de RID. Het doel van een verhoor staat dus haaks op de belangen van de verdachte. Iedere verdachte het recht om te zwijgen tijdens een verhoor, omdat je niet aan je eigen veroordeling hoeft mee te werken.. Gebruik maken van dit recht is dus een verstandige keus: je houd jezelf en anderen uit de bak en voorkomt het dichtslibben van dossierkasten en harde schijven.

    Een verhoorder moet dus zorgen dat jij die verstandige keus niet maakt. Alle methoden die hij gebruikt komen daarom neer op het vertekenen van de werkelijkheid. De nadelen van zwijgen worden uitvergroot, de voordelen onderbelicht. In veel gevallen is de verhoorder zelf het grootste nadeel: hij hoopt dat jij gaat praten om van zijn gezeur af te zijn

    Verhoormethoden zijn onder te verdelen in de directe en de indirecte benadering. De directe benadering is het bekendst van radio en TV en wordt ook het meest gebruikt. De verhoorders vatten de koe meteen bij de horens en onderwerpen de verdachte aan een spervuur van vragen over de zaak in kwestie. Eindeloos worden vragen herhaald en wordt er doorgedramd. De toon van zon verhoor is vaak heel negatief: de verdachte wordt voortdurend beschuldigd van lafheid, liegen, slechtheid. De situatie van de verdachte wordt zo zwart mogelijk afgeschilderd.

    De indirecte benadering is omslachtiger en daardoor minder populair. Via allerlei omwegen wordt er een gesprek aan geknoopt met de verdachte. Het maakt in eerste instantie niet uit waarover dit gesprek gaat. Langzaam maar zeker wordt het gesprek in de juiste richting gestuurd Bij deze benadering is de toon juist vaak positief. De verhoorders proberen een goede sfeer te creëren en een band met de verdachte aan te knopen. Ze hopen dan dat een verdachte het prettige gesprek niet wil verstoren door opeens zn mond te houden als het gespreksonderwerp verandert van het weer in het misdrijf.

    Natuurlijk is het ook best mogelijk om de directe benadering op een positieve manier te gebruiken, of de indirecte negatief. Zo wordt je doorgezaagt over het feit dat je toch niks te vrezen hebt van de rechter omdat hij zon aardige kerel is. En het prettige gesprek kan een negatieve lading krijgen als het over jouw moeilijke leven gaat.

    Vaak worden qua toonzetting een soort wisselbaden toegepast. Als vriendelijkheid niet helpt is de rechercheur teleurgesteld en gaat op de negatieve toer. Als je daar niet tegen kan is het weer tijd voor warmte en begrip. Op deze manier spelen verhoorders met je gevoelens in de hoop dat je daardoor de rust niet meer hebt om verstandig te zijn en je mond te houden. Hieronder een overzicht van negatieve en positieve manieren om iemand aan het praten te krijgen.

    Dreigen

    Het komt wel vaker voor dat als ze denken dat je jong en naïef bent ze met een hele zware aanklacht komen, doodslag of ontvoering. Gewoon om je te intimideren en aan het praten te krijgen. Wat natuurlijk ook veel gebeurt is dat ze bij een grote groep maar een paar mensen oppakken, en met een zware beschuldiging opzadelen. In de hoop dat die zich zo geïntimideerd voelen dat ze niet alleen gaan ontkennen, maar ook gaan vertellen wie het dan wel gedaan hebben.

     

    • Je bang maken door de zaak ernstiger voor te doen dan hij is. Een verfbom omtoveren in een aanklacht wegens poging tot doodslag of vage opmerkingen in de trant van het is niet niks wat jij gedaan hebt, je zult hier nog wel even blijven.
    • Je isolement benadrukken door te zeggen dat je vrienden al verklaard hebben. Zo nodig zullen ze je zelfs nagemaakte en ondertekende verklaringen van je vrienden laten zien. De bedoeling is dat je je slecht voelt omdat je vrienden je laten stikken en dat je je aansluit bij de kudde en ook een verklaring aflegt omdat het nu toch niet meer uitmaakt.
    • Proberen je zelfrespect te breken door opmerkingen over je uiterlijk, je slechte karakter, je zinloze leven.
    • Even bekend en leugenachtig is het om te zeggen dat je naar huis mag als je een verklaring hebt afgelegd. Daar beslist je verhoorder helemaal niet over!
    • Dreigen met het inlichten van je baas of je ouders.
    • Zorgen dat je in zo ellendig mogelijke omstandigheden verkeerd zodat je alles wel wil doen als je denkt dat je daardoor vrij komt. Ze kunnen er gebruik van maken als je ziek of gewond bent..
    • Mensen intimideren door informatie over hun priveleven te gebruiken. Ze doen dan alsof ze alles van je weten, vaak weten ze echter helemaal niet zoveel en speculeren ze maar wat.
    • Kritiek leveren op de actie in de hoop dat jij daarop reageert. Dit werkt natuurlijk vooral als je zelf ook al je twijfels had bij een actie.
    • Ze weten alles al en het ziet er slecht voor je uit, door jouw kant van de zaak te vertellen kun je een goede beurt maken bij de rechter omdat je in ieder geval staat voor je daden.
    • Slaan of daarmee dreigen.

    Slijmen

    Van die hele aaaardige smerissen, die zo hun best doen, daar wordt ik echt kwaad om. Mijn ervaring tot nu toe is dat ik vooral niks zeg als ik vastzit. Ik ga ook niet opgefokt of agressief lopen doen, ik zeg gewoon niks.

    • Je minder alert maken door de zaak minder erg voor te doen dan hij is: ach, het stelt ook allemaal niet zoveel voor, maar ja we moeten toch even wat dingen weten zodat wij ook weer naar huis kunnen.
    • Ze strelen je ego: je bent toch geen sukkel zoals de anderen, je bent verstandig genoeg, wat doet een leuke meid als jij tussen al die enge figuren, jij hoort niet in de gevangenis thuis.
    • Ze willen graag jouw kant van het verhaal horen, ze zijn geïnteresseerd in je motieven en opvattingen. Door deze warme belangstelling hopen ze een even warme reactie uit te lokken in de vorm van een goed gesprek.
    • Een klassieker is de bullebak en de symphatieke agent. De eerste bedreigt je en zet je onder druk. De tweede verontschuldigt zich later voor zn collega en hoopt zo je vertrouwen te winnen. Bij hem mag je onder het genot van een kopje koffie in alle rust je verhaal doen.
    • Ze geven je gelijk: ja autos zijn ook slecht voor het milieu, ze gaan zelf ook liever op de fiets, er is teveel leegstand, ze hebben zelf ook een hekel aan politici. Kortom: jullie staan samen aan een kant, dus waarom zou je niet gewoon vertellen wat je gedaan hebt.
    • Je bent een lafaard die niet staat voor zn daden en dat hadden ze nou van jou net niet verwacht, ze dachten dat jij een flink persoon zou zijn die wel eerlijk en open voor dingen uit zou willen komen.
    • Ze doen zich dommer voor dan ze zijn en hopen dat jij hen gaat corrigeren.
    • Vaderlijk en vol begrip inspelen op je geweten of je gevoel voor eerlijkheid: toe vertel het nou maar..
    • Lange stiltes laten vallen in de hoop dat mensen uit zenuwachtigheid toch maar iets gaan zeggen.
    • Erg geniepig is het gesprek bij de uitgang, ze doen alsof je al min of meer vrij bent en oh ja ze wilden nog een paar kleine dingetjes weten. Een verhoor wordt zo gemaskeerd als een terloops praatje.

     

    Deze negatieve en positieve trucs worden vaak gebruikt om contact te leggen, een reactie uit te lokken. Soms komt een verhoor niet verder dan deze contactfase: jij staart naar het plafond en houdt je mond. Er zijn verschillende trucjes om je aan het praten te houden.

    • Insinuerende vragen stellen. Niet was je daar ?, maar waarom was je daar?
    • Het beperkte antwoord: en toen deed je dit en dit terwijl er veel meer mogelijkheden zijn.
    • Steeds weer zeggen dat je zit te liegen in de hoop dat je onzeker wordt.
    • Je alles wat je zegt eindeloos laten herhalen zodat je onzeker wordt.
    • Tegenstrijdigheden proberen uit te lokken om mensen in de war te maken.
    • Aan het eind van het verhaal wachten zodat veel mensen zich gedwongen voelen om nog maar wat te zeggen.

     

    Zwijg als het graf

    Een verklaring afleggen zou ik nooit doen. Het wordt toch tegen je gebruikt, of tegen anderen. Je wint er niks mee en kunt er alleen maar een hoop mee verliezen. Je moet het gewoon niet doen, klaar

    Hou je van de vrijheid, gun je dat ook een ander? Maak dan bij een verhoor gebruik van je recht om te zwijgen! Dit recht heb je tenslotte niet voor niets gekregen, zelfs de wetgever en de politie hebben door dat uitkomen voor je daden meestal uitdraait op vastzitten. Lees hieronder waarom zwijgen echt de beste methode is om bajes en archieven leeg te houden. Lees ook hoe je dat aan kunt pakken. Maak van elke verhoorkamer een stiltecentrum!

    Organisatie

    Zwijgen is effectief omdat je daardoor de verhoorders de minste aanknopingspunten geeft: zodra je namelijk wel op hun vragen ingaat geef je ze met elk antwoord voer voor talloze nieuwe vragen. Hierdoor kan jij je weer meer onder druk gezet voelen, als je dan wat zegt gaan ze daar weer op door enzovoort. Met het eerste antwoord wat je geeft word je als het ware meegezogen in een moeras van vragen. In plaats van dat het vragen ophoudt door jou antwoord wordt de druk alleen maar groter. Geef je geen antwoord dan geef je je ondervragers geen houvast. Het enige wat dan voor hen overblijft is het herhalen van al die belegen manieren om je aan het praten te krijgen.

    Zwijgen is ook effectief omdat je woorden zo nooit tegen je gebruikt kunnen worden. Je eigen woorden hebben in een verhoor namelijk een heel andere betekenis dan in de normale spraaktaal. Dit komt omdat verhoorders bezig zijn bewijzen te vinden voor een juridische aanklacht. Uitspraken waarvan je denkt dat ze geen kwaad kunnen zijn daardoor vaak schadelijker dan je denkt. Zelf vind je het misschien een open deur dat een geschilderde leus een beschadiging van een gebouw is. Als je ja antwoordt op de vraag of je wel wist dat de verf het gebouw zou beschadigen, dan maakt justitie daarvan dat je bewust een vernieling hebt gepleegd. Een open deur intrappen kan je op deze manier een zwaardere aanklacht opleveren. Dit gebeurt sneller dan je denkt, temeer daar justitie nogal eens artikel 140 gebruikt tegen actievoerders (zie elders in dit boek). Word je verdacht van het lidmaatschap van zon criminele organisatie dan kan vrijwel elke uitspraak daar een bewijs voor zijn. Als je zegt dat je iemand kent, dan is zij ook lid van de club. Heeft ze een grote bek, dan is ze een leider. Beheert ze de kas, dan is er een organisatie. Wil je alleen maar die snelweg tegenhouden, dan hebben jullie het oogmerk om misdrijven te plegen. Zijn jullie verder ook actief tegen milieuvernietiging dan wil je dat ook voor langere tijd Door het gebruik van artikel 140 zeg je bovendien nooit alleen iets over jezelf, maar lap je ook altijd anderen erbij. Jouw daden kunnen worden gezien als een bewijs voor het bestaan van zon criminele organisatie. Jouw verklaring kan daardoor belastend zijn voor ieder potentieel lid. Als je zegt dat je alleen maar de EHBO deed, dan was er dus een EHBO-groep en een taakverdeling. Iemand die tegelijk met jou wordt opgepakt is door die verklaring dus deel van een georganiseerde groep. Kortom, als je verdacht wordt van artikel 140 is elke uitspraak belastend en je weet nooit zeker dat je daar niet van verdacht wordt.

    Bewijslast

    Veel mensen die een verklaring afleggen weten wel dat dat onverstandig is, maar ze worden ertoe gedreven door hun eergevoel. Opvoeding, normen, teveel TV het kan mensen het idee geven dat ze zich tegenover de politie moeten verantwoorden voor hun daden. Dit is hun goed recht zolang ze hier alleen zelf de dupe van zijn. Het is echter bijna onmogelijk om alleen over jezelf te verklaren, dat bleek al uit het artikel 140 voorbeeld hierboven, maar ook in gewone situaties zeg je al snel wat over een ander. Als jij niet met verf hebt gegooid blijven er minder mensen over die dat wel gedaan kunnen hebben bijvoorbeeld.

    Als mensen verklaren is het maar te hopen dat ze alleen over zichzelf een verklaring afleggen, en niet anderen daar bij betrekken. Vaak is het echter wel zo dat dingen die je over jezelf verklaard, gevolgen kunnen hebben voor anderen. Bijvoorbeeld als je met zn drieen een actie doet, wordt opgepakt, en jij verklaart dat je alleen op de uitkijk hebt gestaan. Daarmee zeg je dan ook meteen dat die andere twee de vernieling of wat dan hebben gedaan.

    Teveel eergevoel tegenover de politie leidt dus al snel tot minder eervolle beschuldigingen van mede-actievoerders. Wil je ondanks dit alles toch uit principe verklaren, zorg dan dat dit in ieder geval duidelijk is bij de mensen met wie je samenwerkt, dan weten zij ook waar ze met jou aan toe zijn. Meer tips voor principiële verklaarders staan verderop in dit hoofdstuk.

    De doorsnee verdachte werkt zichzelf in de nesten omdat hij probeert zichzelf het vege lijf te redden. Ook menige actievoerder heeft weleens de neiging om zichzelf tijdens een verhoor te verdedigen. Je bent onschuldig of vindt dat je dat bent, je bent kwaad of bang door een zware aanklacht, je bent verontwaardigd over uitspraken van de verhoorders. Voor je het weet loop je je eigen onschuld te verdedigen, een aanklacht te ontkrachten of een discussie aan te gaan. Op dat moment stel je je op zoals de politie dat graag ziet: jij verdedigt je, zij vallen aan. Zelfs al win je, dan heb je toch verloren, want de informatie die je ze hebt gegeven zullen ze tegen jou en anderen gebruiken. Zonde, want dit verdedigen is helemaal niet nodig: zij moeten bewijzen dat jij schuldig bent en niet andersom. Heb je echt een geweldig alibi of iets dergelijks dan kan je dat altijd nog na overleg met je advocaat aan de rechter vertellen. Dan heb je zelf de rust en de kennis om je woorden te wegen, als het al tot een proces komt natuurlijk.

    Zwijgen is dus verstandig omdat je op die manier weinig aanknopingspunten geeft voor verhoortrucs en ze ook niet met je woorden op de loop kunnen gaan. Ook voor je eergevoel is zwijgen beter: je loopt niet het gevaar om anderen in moeilijkheden te brengen. Bovendien is zwijgen ook een betere verdediging dan ontkennen. Genoeg redenen om je mond te houden dus, maar hoe pak je dat nou aan?

    Gemakkelijker gezegd dan gedaan?

    Zwijgen is niet alleen verstandig en effectief, het is vaak ook niet moeilijk. Je hebt voor jezelf een duidelijk doel om aan vast te houden en door de kennis uit dit hoofdstuk kun je veel van hun trucs en strategieën doorzien. Waarom gebeurt het dan toch nog vaak dat mensen wel verklaren terwijl ze dat niet willen? Heeft de politie dan toch magische krachten of een geheim wapen? Nee hoor, de oorzaken zijn meestal veel banaler: het onderschatten van de verhoorders, je eigen problemen, een slechte motivatie of een gebrek aan concentratie zijn meestal de boosdoeners. Lees hieronder hoe je deze valkuilen kan vermijden.

    Aan het begin van het hoofdstuk stond al vermeld dat verhoorders vaak niet goed opgeleid of voorbereid zijn. Sowieso twijfelen velen aan de verstandelijke vermogens van de politie en niet altijd ten onrechte. De (schijnbare) domheid en stunteligheid van verhoorders kan echter heel verradelijk zijn. Dit komt dan omdat ze veel ervaring hebben, met zn tweeën zijn en mede daardoor een beter overzicht over de situatie hebben. Bovendien hebben zij meer informatie en juridische kennis dan jij, zij hebben niet jouw zorgen en problemen, maar een CAO en een salaris, zij kunnen naar huis en jij niet. Vanwege al deze redenen hebben ze meer kans op succes dan je zou verwachten. Wees je hier dus van bewust zodat je niet het risico loopt onvoorzichtig te worden en je erin te laten luizen. Tenslotte is gefingeerde domheid ook een van de vele verhoortrucs.

    Zelfvertrouwen

    Te veel zelfvertrouwen is verkeerd, maar te weinig zelfvertrouwen is ook vaak een oorzaak van problemen. Een verhoorder heeft namelijk vaak succes omdat hij gebruik maakt van je zwaktes en onzekerheden. Een negatieve opmerking van hem komt bijvoorbeeld veel harder aan als je je ellendig voelt dan als je in een goede bui bent. Hetzelfde geldt voor zorgen over het thuisfront, of kritiek op de actie. Je bezorgdheid is een prima voedingsbodem voor vaderlijke belangstelling of demotiverende opmerkingen. Kritiek op de actie komt extra hard aan als je zelf ook al je twijfels had. Wil je je wapenen tegen je verhoorders, dan moet je dus niet alleen op de hoogte zijn van hun listen en hinderlagen, maar je moet zelf ook sterk in je schoenen staan. Dit betekent niet dat je een soort superman of -vrouw moet zijn, maar wel dat je je niet zwakker voelt dan nodig is. Het scheelt bijvoorbeeld al heel wat als je je bewust bent van je eigen gevoeligheden, opmerkingen daarover vallen je dan minder rauw op het dak.

    Het is slim om je zaakjes buiten zo goed mogelijk te regelen als je verwacht dat je opgepakt wordt, dat scheelt een hoop hoofdbrekens. Probeer verder vooral mee te doen aan acties waar je echt achterstaat, het zitten valt een stuk minder zwaar als je het idee hebt dat je aan de goede kant staat. Bovendien is niets zo demotiverend als een rechercheur die sympathieker is dan je medeactievoersters.

    Je moet geen dingen doen waar je niet helemaal achter kunt staan.Als je acties gaat doen moet je er rekening mee houden : als ik hiervoor opgepakt word, kan ik dat voor mezelf verantwoorden ?. Dat is het beste uitgangspunt om een verhoor te doorstaan, om je mond te houden.

    Onverwacht

    Een voorbereid mens telt dus voor twee ! Nou kan het natuurlijk gebeuren dat je daar de kans niet voor krijgt: daar zit je dan, volkomen onverwacht, voor een stomme actie, terwijl je eigenlijk een belangrijk tentamen hebt. In zon geval is het het beste om te proberen hoe moeilijk dat ook is- je zorgen zoveel mogelijk van je af te zetten. Concentreer je op de dingen waar je wel invloed op hebt: hou je kaken op elkaar. Soms is het echter verstandiger om het risico dat je wordt opgepakt zoveel mogelijk te vermijden. Als je heftige psychische problemen hebt, verslaafd bent, erge ziektes hebt en absoluut niet zonder medicijnen, kunt dan ben je ook op je sterkst vaak nog een te makkelijke prooi voor een rechercheur. Ze kunnen je dan met je problemen chanteren door je hulp te weigeren.

    Probeer te blijven zwijgen

    Je bent er echter nog niet als je geïnformeerd en voorzichtig bent en sterk in je schoenen staat. Voor het optimale resultaat moet je ook tijdens het verhoor je kop erbij houden. Een ongelukje zit namelijk in een klein hoekje. Voor je het weet beland je door een opmerking of een grapje toch in het gespreksmoeras. Het probleem is dan vaak niet de uitglijder zelf, maar de manier waarop mensen de schade proberen te herstellen: door dingen uit te leggen, te relativeren, er op terug te komen, kortom te praten. Om een voorbeeld te noemen: de stemming is melig en omdat jij niks zegt praten de verhoorders meer met elkaar jij zou dit toch doen,ach nee vraag jij nou maar wat,hij zegt nog steeds niks hè,nee dat zou ik ook niet doen tegen zon bosmongool je laat je meeslepen door de ontspannen vrijdagmiddagsfeer en flapt eruit: Bosmongool!, dat zou ik niet pikken van mijn baas!. Op het moment dat je het zegt betreur je je uitspraak al en je verhoorders zijn opeens ook weer verrassend fris en alert. Mijn baas denk je,shit nou heb ik gezegd dat ik een baas heb, dat is dus een hiërarchie, een organisatie, opdrachten, voorbedachte rade. Zolang je het echter bij die ene uitspraak houdt is er niet teveel aan de hand, ga je door al je twijfels proberen de boel recht te breien dan ben je voor je het weet in gesprek met die rechercheurs en heb je wel een probleem. Blijf dus altijd op je hoede tijdens een verhoor en probeer de schade van eventuele stommiteiten te beperken door er niet over te praten en er geen aandacht aan te schenken. Doe maar net of je het nooit gezegd hebt en hou verder je mond, beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald!

    Het is dus goed mogelijk om gebruik te maken van je recht om te zwijgen. Zolang je de verhoorders maar niet onderschat, terwijl je zo sterk mogelijk in je schoenen staat en de politie je niet kan chanteren met je ziekte of andere zware problemen. Bovendien moet je er altijd alert op zijn dat je niet per ongeluk in een gesprek verzeild raakt.

    Zwijgmethoden

    Als ik opgepakt word zeg ik helemaal niks. Ik voel me over het algemeen ook erg rustig, niet opgefokt ofzo. Eerst koffie en een sigaretje zien te scoren en vervolgens niks zeggen, of ze uitlachen. Ze hebben dan ook geen enkel aanknopingspunt om je uit te horen.

    Mensen hebben veel verschillende strategieën om gebruik te maken van hun recht om te zwijgen. De één zegt helemaal niets en staart naar het plafond; een ander gooit koffie over de printer en is onvriendelijk; een derde doorkruist hun strategieën door zelf de koffie in te schenken, bot te doen tegen de sympathieke wout en vriendelijk tegen de bullebak. Zo zijn er wel meer variaties, al deze tegenstrategieën hebben met elkaar gemeen dat je jezelf zo ongrijpbaar mogelijk maakt voor de verhoorder. Die krijgt een verdachte voor zich die hij niet begrijpt en die resistent is tegen het gespreksvirus.

    Zwijgen betekent dus niet dat je helemaal niks kan zeggen, maar wel dat je je woorden moet wegen. Zorg dat er geen gesprek ontstaat: reageer niet onmiddellijk als zij wat zeggen en schrik niet als ze wel ad rem zijn. Wordt een woordenwisseling te diepgaand of langdurig, wees dan niet bang om hem af te kappen. Ze zullen dan wel even sputteren, maar dat is beter dan een gesprek, bovendien maakt zon botte onderbreking je ook weer ongrijpbaar.

    Er is dus niet één ideale methode die voor iedereen werkt, je moet zelf bedenken wat bij je past, kies in ieder geval iets waar je je lekker bij voelt. Er zijn wel mensen die zeggen dat het de plicht van elke actievoerder is om zo bot, agressief en negatief mogelijk te zijn. Als je je niet zo opstelt zou dat neerkomen op meewerken en je kwetsbaar opstellen. Als je de pest hebt aan stoer gedrag ben je echter juist kwetsbaar als je je wel stoer voordoet, de politie prikt makkelijk door die façade heen en dan ben je veel verder van huis. Bovendien kun je ook enorm dwars zijn door je vriendelijk en meegaand op te stellen: na de tiende deur die je voor ze openhoudt weten zij vaak ook niet meer hoe ze het hebben.

    Je zegt toch wat

     

    Ze wisten alles al van me

    Ik was laatst opgepakt, het was best wel nieuw voor mij, op zich wist ik er weinig van. Ik was wel eens eerder opgepakt, maar toen zaten we maar even op het bureau en kregen we een boete, nu was ik echt opgepakt, van de straat gepikt in een busje gestopt en afgevoerd naar het politiebureau.Toen ik opgepakt werd was ik eigenlijk ook behoorlijk dronken, ik dacht helemaal nergens bij na. Ik had wel zoiets van ik zeg niks gewoon, maar op een geven moment heb ik dat toch wel gedaan.

    Toen ik voor het eerst verhoord werd voelde ik me wel sterk in mn schoenen staan, die man stelde me allemaal vragen van heb je het gedaan en dat soort dingen en wat was er gebeurd en ik heb gewoon gezegd ik weet er niks van. Het was een heel kort verhoor. Toen werd ik opeens nog een keer verhoord en dat had ik helemaal niet verwacht en ja, toen begonnen ze ook een psychologisch spelletje met me te spelen, die agenten en toen zakte de moed me helemaal in de schoenen eigenlijk: ik heb bekend uiteindelijk. Het psychologische spelletje was dat ze toch alles wel van me wisten wat ik gedaan had en de rest had al bekend, dus het had geen zin om te ontkennen, ik was er gewoon domweg ingetrapt eigenlijk

    Ik weet niet waarom ik ben gaan bekennen, ik ben op een gegeven moment toch wel gaan praten, ja ik weet niet wat dat is. Omdat ze ook tegen mij praten heb je toch snel het gevoel van ik moet maar antwoorden, dat doe ik toch wel snel ja, als mensen me dingen vragen probeer ik toch meestal een antwoord te vinden. Eigenlijk wel een soort van beleefdheid. Omdat ik die tweede verhoorder niet helemaal vertrouwde ben ik ook eerder gaan bekennen, ik herkende hem van mijn arrestatie en ik had zoiets van ja, jij hebt me toch wel gezien en dat soort dingen. Ze vroegen ook andere dingen als in het eerste verhoor, ze hamerden er meer op door enzo. Het had ook wel met mezelf te maken want ik had het niet verwacht dat ik nog een keer verhoord zou worden. Ik had zoiets van het is nou klaar en toen moest ik dus nog een keer meekomen voor verhoor. Ik stond er wel van te kijken dat ik ineens weer verhoord werd.

    Toen ik eenmaal bekend had baalde ik heel erg dat ik het had gedaan, ik had zoiets van oh man, waarom doe je zoiets, op het moment zelf had ik al zoiets van oh wat heb ik nou weer gedaan, ik snapte mezelf toen even niet meer, ik wist het allemaal even niet meer. Op het moment dat ik voor het tweede verhoor moest komen toen was ik het echt helemaal kwijt ja. Ik werd er zelf het slachtoffer van dat ik wou praten, maar ik wil daar andere mensen niet in meesleuren en dat heb ik voor mezelf wel heel duidelijk en dat blijf ik ook altijd wel houden.

    Ze hebben mijn verklaring uitgetypt en opgelezen, maar ik heb het zelf niet gelezen, ik heb wel ondertekend. Ze maken er een een eigen taaltje van, op een gegeven moment hadden ze er ook iets ingezet van het was een typische actie, ik had zoiets van hoezo typisch het is gewoon een actie, dat heb ik ook nog gevraagd, waar slaat dat typisch op

    Ik zou andere mensen het advies geven om bij jezelf de kracht te vinden om gewoon niks te zeggen en door niks te zeggen jezelf sterk te voelen. Ja met het idee dat mensen al met je bezig zijn, dat je toch wel vrij komt, ze kunnen je toch niet langer dan zolang vasthouden. En mensen zouden moeten weten dat de politie je toch wel gaat uitlokken om te praten. Zelf had ik van te voren niet echt nagedacht over of verklaren goed of slecht was, ik had wel altijd gehad van ik zeg niets over andere mensen in ieder geval, dat had ik wel heel duidelijk voor mezelf. Nu heb ik wel zoiets van ik zeg helemaal niks meer als ik wordt opgepakt, ik hou mn mond dicht, ze zoeken het maar uit met mij.

    Spreken is zilver en zwijgen is goud, maar toch zullen er altijd mensen zijn die hun mond niet willen of kunnen houden. De eerste groep de principiële verklaarders werd al eerder genoemd, zij willen tijdens een verhoor verklaren om rechercheurs en anderen te overtuigen van hun politieke motieven. Soms willen ze ook op de actie zelf ingaan omdat ze vinden dat ze zichzelf in de criminele hoek plaatsen als ze niet aan het onderzoek meewerken. Zoals gezegd is dit een riskante strategie, vanwege het doorvragen, het verdraaien en artikel 140. Voor degenen die ondanks deze gevaren toch hun mond willen opendoen enkele tips waarmee de schade misschien enigszins te beperken valt.

    • Bedenk van te voren wat je wel en niet wilt zeggen. Zorg dat het verhaal zo goed mogelijk in je kop zit, dat je het als het ware op kan lezen, zodat je niet hoeft te improviseren.
    • Bespreek met elkaar of en wat je wilt verklaren, zorg dat dit bij iedereen duidelijk is.
    • Bekijk het verhaal van te voren op de juridische consequenties: let vooral op wat eventueel tegen anderen gebruikt kan worden, en let op dingen die aan de basis kunnen liggen van artikel 140 constructies.
    • Het beste is toch om helemaal niet over de actie zelf te verklaren en ook geen uitspraken te doen over je collectieve motieven en opvattingen. Hou het strict bij je eigen meningen over dingen.
    • Leg alleen een verklaring af als je je ook echt sterk voelt, het is namelijk moeilijker om selectief te verklaren dan te zwijgen.
    • Voel je halverwege de twijfel toeslaan of bevalt het gespreksonderwerp je niet, kap dan de boel onmiddellijk af. Wees niet bang om nee te zeggen.

    Nogmaals, deze tips bieden absoluut geen garantie voor succesvol verklaren. De risicos van verklaren kun je namelijk nooit allemaal van te voren overzien. Het enige wat echt goed werkt als je jezelf en anderen uit de bak wil houden is toch gewoon je mond houden.

    Beperk de schade

    De meeste mensen die een verklaring afleggen hebben daar minder principiële redenen voor. De onzekerheid slaat toe, je hebt pijn, je bent ziek, je verstand is even ver te zoeken. In zulke omstandigheden kan het gebeuren dat je toch wat gaat zeggen. Dat is natuurlijk helemaal niet handig, maar gebeurt het toch, probeer dan de schade te beperken:

    • Als het alleen een kleine verspreking is, kap dan de boel af en hou alsnog je mond.
    • Wil je echt gaan verklaren, zeg dan niet alles ineens, maar probeer elke stap zolang mogelijk uit te stellen. Ze bijvoorbeeld eerst alleen je naam. Hoe langer je wacht, hoe meer kans je hebt dat je er toch nog bovenop komt.
    • Probeer te wachten tot je je advocaat hebt gesproken, zij kan je adviseren. En misschien zie je het na het gesprek sowieso wel weer zitten.
    • Probeer selectief te zijn in wat je zegt, neem de tijd om te bedenken wat je wel en niet wil zeggen zodat je dat niet onder druk hoeft te doen.
    • Kijk uit met alle uitspraken over anderen, dus ook die ken ik wel, ook al is dat zo, je weet nooit wat zij er mee doen. Hou zoveel mogelijk je mond over alles wat met organisatie te maken heeft, ga niet in op vragen of iets goed geregeld was bijvoorbeeld.
    • Lieg niet (teveel), zij zijn er op getraind om leugens te ontmaskeren, gebeurt dat dan voel je je alleen maar slechter en ben je nog verder van huis. Wil je het ergens niet over hebben, zeg dat dan, maar ga er niet over liegen.
    • Vertel na afloop aan je mede-actievoersters dat je verklaard hebt, je zal niet alleen maar warme reacties krijgen, maar het is wel belangrijk. Iedereen kan namelijk van jouw verhaal leren en er ontstaan geen rare geruchtenstromen.

    Voor zowel vrijwillige en onvrijwillige verklaarders geldt dat het verstandig is de verklaring na afloop goed door te lezen, laat je niet opjutten door lui die opeens snel wegmoeten. Protesteer ertegen als ze je woorden niet goed hebben weergegeven en teken daar niet voor. Realiseer je dat je een verklaring op zich wel in kan trekken, maar dat dit verder weinig zin heeft. Hij komt wel in het dossier en de rechter leest hem dus ook. Men kan een verklaring alleen echt buiten beschouwing laten als je aantoonbaar bent mishandeld of als andere extreme omstandigheden een rol spelen.

     

    Ik raad anderen aan om geen verklaring af te leggen

    De vragen over, ik noem het maar de technische dingen van de actie, daar geef ik geen antwoord op, daar ben ik heel duidelijk in. Bijvoorbeeld de standaardvragen als en hoe ben je dan op het terrein gekomen? of met hoeveel waren jullie? Ik zal bijvoorbeeld ook niet zeggen ik zal je wel uitleggen waarom we die actie hebben gedaan, want dan gaan zij weer vragen ‘ja, welke actie?’ Ben ik bijvoorbeeld op een militaire basis aangehouden, dan zullen ze nooit uit mijn mond horen ik ben op de basis aangehouden. Daar ligt voor mij heel duidelijk de grens, maar dan zeggen zij, ja, daar ben je opgepakt, dat kun je wel zeggen en dan zeg ik nee, daar zeg ik niks over, dat mogen jullie invullen, maar het zal niet mijn verklaring zijn, maar ik wil wel uitleggen waarom ik tegen kernwapens ben. En dan ga ik daar een heel verhaal over vertellen.

    Misschien dat ik de durf om selectief te verklaren ook heb gehad vanwege het karakter van de acties, als ik voor heel heftige dingen ben opgepakt dan denk ik dat ik dan ook automatisch veel minder ga zeggen. Puur omdat je je veel sneller onzeker gaat voelen van o jee, direct vinden ze me toch ergens op. Toch heb ik wel dat vertrouwen van nou ik kan dat onderscheid maken. Misschien moet je daar heel stevig voor in je schoenen staan.

    Ik adviseer anderen ook altijd om geen verklaring af te leggen, ik zeg ze er ook altijd bij dat ik dat wel doe. Ik maak ze duidelijk dat ik me heel zeker voel in wat ik zeg, maar ik geef ook heel duidelijk naar de anderen aan van, als je je ook maar enigszins onzeker voelt: zeg dan niks. Of als je bezig bent in een gesprek en je merkt van oei, nou ga ik misschien iets teveel zeggen hierover, stop dan ook gelijk, schaam je niet om in één keer het gesprek helemaal af te kappen, ook al komt dat misschien heel superlomp over, maar ga dan niet verder. Want dat heb ik wel gemerkt, dat ze heel tactisch zijn met op bepaalde dingen door te vragen,

    Ik heb het 9 van de 10 keer over ik en niet over wij, misschien dat ik af en toe eens een keer het woordje wij in de mond neem, maar ik probeer dat altijd te voorkomen. Juist om me een beetje, bewust of onbewust, in te dekken tegen artikel 140. Ook bij een rechtszaak, zeg ik het is mijn keuze, ik doe de dingen die ik doe en wat een ander doet, dat moeten ze zelf weten en dat kan ik ondersteunen en daar kan ik me van distantieren, maar daar laat ik me niet over uit. Ik hou er wel altijd rekening mee dat ze toch dat soort dingen tegen je gaan proberen te gebruiken, met artikel 140.

    Het enige waar ik misschien nog weleens bang voor ben, is in hoeverre ik dingen zeg die juist een ander weer kunnen schaden. Dan bedoel ik dat als jij zegt dat je iets niet hebt gedaan, dan betekent dat dat een ander het juist weer wel gedaan kan hebben. Dat probeer ik ook af te wegen, in hoeverre zou iets wat ik zeg ook in die zin schadelijk kunnen zijn, juist weer voor anderen.