• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202/06-34339533, info@burojansen.nl.
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Politieke politie in Nederland

    Grens tussen inlichtingen en opsporing is beslecht.

    Zicht op opsporing is in Nederland minimaal. “Criminaliteit daalt” typt het NRC Handelsblad van zaterdag 20 februari 2010 netjes over uit de berichten van de politie. Kritische beschouwingen zijn ook moeilijk, want wie zitten er op de cijfers? De politie geeft soms zelf aan dat hun cijfers met een korrel zout moeten worden genomen, maar dat ligt dan meestal niet aan het eigen gegoochel, maar aan een systeem dat niet werkt, zoals op dit moment de BVH, Basisvoorziening Handhaving, en de BVO, Basisvoorziening Opsporing. BVH en BVO moeten de opvolgers worden van de bedrijfsprocessensystemen BPS, Genesis en X-Pol, de oude systemen van de politie. Het idee is dat alle regio’s aan elkaar gekoppeld worden. Dit werkt deels al via het Blueview systeem, waarmee korpsen in elkaars bestanden kunnen zoeken. Voor de efficiency van de politie is uitwisseling van gegevens van groot belang, maar of een digitale hooiberg het oplossingspercentage vergroot is de vraag.

    Een slecht huwelijk

    De macht van de toegang en de ongebreidelde mogelijkheden om data op te zuigen ligt nog steeds bij de inlichtingendiensten. Zij hebben niet alleen hun vooruitgeschoven posten bij de politie, de regionale inlichtingendiensten (RID’s), maar hebben veel meer bevoegdheden om in allerlei databanken te neuzen. Met de wijziging van de WIV 2002(Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten) op komst wordt die mogelijkheid alleen maar vergroot.
    De relatie tussen de inlichtingendiensten, AIVD en MIVD, en de politie is nooit goed geweest. Voor de AIVD is de landelijke politie de dienst van de KLeine Politie Dingen (KLPD) en andersom zien de agenten de gleufhoeden liever gaan dan komen. Er zijn al diverse commissies ingesteld en rapporten gepubliceerd over die relatie. Op lokaal niveau zal de situatie nog nijpender zijn. De moord op Theo van Gogh bracht de disfunctionele samenwerking tussen AIVD en de lokale politie voor het voetlicht. De eerste Nationaal Coördinator Terrorisme bestrijding (NCTb), dhr. Joustra, was het duidelijk niet gelukt de informatiestroom tussen de inlichtingen en opsporingsdiensten te verbeteren. Joustra’s organisatie, de NCTb, was echter nog niet operationeel, maar zou de samenwerking tussen de verschillende diensten moeten verbeteren.
    Binnen de Dienst Nationale Recherche (DNR) van de KLPD dacht men daar blijkbaar anders over. Bij de publicatie van het Criminaliteitsbeeld 2005 (CBA) verscheen een deelrapport Ideologisch Gemotiveerde Criminaliteit. De redenering van de medewerkers van de DNR zal zijn geweest dat als de inlichtingendiensten de informatie van de politie opzuigen en slechts uitspugen in ambtsberichten en kant en klare analytische rapporten als ‘van Dawa tot Jihad’, zij op basis van hun eigen operaties analyses moeten gaan schrijven en bronnen aanboren.

    de CBA Ideologische Misdaad 2007
    bijlagen bij de CBA Ideologische Misdaad