Sinds 1992 publiceert de BVD, de Binnenlandse Veiligheidsdienst, een verslag over het voorgaande jaar. Begin juni verscheen het jaarverslag van 1999. Hierbij gaat het om het openbare deel van het jaarverslag. Er bestaat namelijk ook nog een geheim deel. Dit wordt alleen besproken in de commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten van de Tweede Kamer. Hierin bespreken de voorzitters van de vier grootste partijen (in dit geval de VVD, PvdA, CDA en D66) een paar keer per jaar de operationele aspecten van het werk van de BVD. Hierbij gaat het dan vaak om meer actuele zaken waar (ook) de BVD bij betrokken is, zoals de beveiliging van het Joegoslavië-tribunaal of de bezetting van het huis van de griekse ambassadeur door Koerden (na de arrestatie van Öcalan).
In januari 2000 schreef Buro Jansen & Janssen een korte kritiek op de tweede versie van de nieuwe WIV. Deze kritiek borduurde voort op de eerdere artikelen, zoals die gepubliceerd werden in de WIV-special van het blad VD-AMOK. De kritiek werd naar alle kamerfracties gestuurd en in bewerkte versie in Trouw gepubliceerd. lees meer
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
p/a Het Ministerie van BZK
Postbus 20011
2500 EA Den Haag
Betreft: ‘Handleiding informatie-inwinning openbare orde’
Geachte minister, beste Bram Peper,
Graag vragen wij uw aandacht voor het volgende.
Op 28 januari jl. is door u de ‘Handleiding informatie-inwinning openbare orde’ aan de Tweede Kamer gestuurd. Met stijgende verbazing en verontwaardiging hebben wij kennis genomen van het betreffende stuk. De ‘Handleiding informatie-inwinning openbare orde’ is aan de Tweede Kamer toegezegd in het kader van overleg over de bestrijding van voetbalvandalisme en –geweld (5 oktober 1999 TK 25 232, nr. 18). Alleen al tegen die achtergrond is het bepaald vreemd dat er in de handleiding een casus gebruikt wordt die betrekking heeft op de Nederlandse milieubeweging.
Nog gekker wordt het als het in de casus geschetste beeld op geen enkele wijze aansluit bij de wijze van actievoeren vanuit de Nederlandse milieubeweging. We noemen hier de volgende voorbeelden, afkomstig uit de Handleiding:
- in Nederland bestaat geen enkele grotere of kleinere milieubeweging die zich bezighoudt met gewelddadige acties
- datzelfde geldt voor het mishandelen of bedreigen van andersdenkenden, voor vuurwapenbezit of – gebruik, voor excessief drugs- of alcoholgebruik of voor het en passant plegen van vernielingen bij een asielzoekerscentrum
Verwacht had mogen worden dat de gebruikte casus betrekking zou hebben op een reële weergave van de dreigingen die uitgaan van sommige supportersgroepen. Nu men gekozen heeft voor een casus die betrekking heeft op de milieubeweging geldt het vereiste realiteitsgehalte mogelijk nog sterker.
Het lijkt ons een slechte zaak als politiebevoegdheden door een minister worden gelegitimeerd aan de hand van dreigingen die absoluut niet reëel zijn. Dat daarbij een volstrekt verkeerde beeldvorming over en ernstige criminalisering van de Nederlandse milieubeweging op de koop wordt toegenomen vinden wij onverteerbaar. We verzoeken u dan ook afstand te nemen van het weliswaar fictieve, maar stigmatiserende beeld dat in de handleiding van de milieubeweging wordt gegeven.
Hoogachtend,
Tara Oedayraj Singh Varma
Tweede Kamerlid GroenLinks
Hugo van der Steenhoven
Tweede Kamerlid GroenLinks
c.c. De Minister van VROM;
de Kamercommissies voor Binnenlandse Zaken en VROM.
Artikelen 1999
Gedigitaliseerd Wantrouwen ( Het Parool, 25 januari 1999, Karin Spaink )
aanh9900.394 bvd onderzoek naar milieuactivisten Gemaakt: 22-12-1999 tijd: 14:41 RTF |
|||
|
2 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal 16 december 1999 Hierbij doe ik u toekomen de antwoorden op de schriftelijke vragen van – de leden Kant en Poppe, kenmerk 2990001270, mij toegezonden bij brief van 21 oktober 1999, en DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES, A. Peper Antwoord op vragen van de leden Kant en Poppe (beiden SP) over BVD-onderzoek naar milieuactivisten (ingezonden 20 oktober 1999) nr. 2990001270 Vraag 1. Ja. Vraag 2. De politie heeft geconstateerd dat verschillende acties werden gevoerd tegen de aanleg van de Betuwelijn. Bij deze acties heeft de politie de gebruikelijke begeleiding verzorgd. Uit politiële informatie blijkt dat mogelijk acties zullen worden gevoerd die zullen leiden tot het stilleggen van bouwactiviteiten. Dit zou betekenen dat de uitvoering van democratisch genomen beslissingen tot aanleg van infra-struc-turele werken zou worden belemmerd. Voorts zou dit betekenen dat door stillegging van de werkzaam-heden grote financiële schade zou worden geleden. Dit blijkt bijvoorbeeld uit recente ervaringen met een actie bij het Sophiatracé, waardoor het werk aldaar voor een dag werd stilgelegd. Dit leverde een schade op van f 200.000,=. De politie-activiteiten zijn er in eerste instantie op gericht om dit soort acties – die in het algemeen inderdaad geweldloos verlopen – te voorkomen. Aangezien het hier een openbare-ordeaangelegenheid betreft, is het een taakaspect van elke betrokken burgemeester. De BVD heeft hierin vooralsnog geen taak. Vraag 3. Hieronder wordt verstaan het vergaren van inlichtingen met betrekking tot mogelijke acties en het analy-seren hiervan. Het begrip «centraal» duidt erop dat wordt samengewerkt door verschillende regio-nale politiekorpsen. De activiteiten vinden lokaal op reguliere wijze plaats en dat zal ook zo blijven. Het coördinatiepunt is niet meer dan een verzamelpunt waar de vele lokale informatie wordt verzameld. De meerwaarde ligt in het ordenen en analyseren van de informatie. Op deze wijze wordt voorkomen dat in de 25 regionale politiekorpsen langs elkaar heen zou worden gewerkt, hetgeen teveel risico’s met zich zou brengen. Wat betreft het inwinnen van informatie door de politiekorpsen wordt uitgegaan van het standpunt dat de Minister van Justitie en ik aan de Tweede Kamer hebben gezonden bij brief van 5 oktober 1999 (kamerstukken II 1999-2000, 25 232, nr. 18). Kort gezegd komt dit erop neer dat verschillende toepas-singsvormen van observatie en het inzetten van gesprekscontacten/informanten passen binnen het kader van artikel 2 van de Politiewet 1993. Vraag 4. Men heeft geen specifieke groeperingen op het oog. De politie zal in beginsel elke groepering die voor-nemens is de bouwwerkzaamheden stil te leggen, kritisch volgen. Vraag 5. Het initiatief is genomen door de desbetreffende regionale politiekorpsen en de plaatselijke bestuur-ders. Ik vind dat dit initiatief past binnen de taakstelling van de politie. Het voorkomen van verstoringen van de openbare orde is een prioriteit die constant aandacht verdient. Wat betreft de BVDverwijs ik kortheidshalve naar mijn antwoorden op vragen van het lid Oedayraj Singh Varma. Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal |
|||
| Search text: bvd Document 8 of 14 Title: aanh9900.394bvdonderzoeknaarmilieuactivisten |
Tweede Kamer der Staten Generaal
Vragenlijst betreffende drugsgerelateerde criminaliteit op Internet RAAD VAN DE EUROPESE UNIE
Brussel, 22 december 1999 (10.01) 14218/99 LIMITE STUP 28 COMIX 532
NOTA
van: het secretariaat-generaal van de Raad
aan: de Groep drugshandel/Gemengd Comité EU/IJsland en Noorwegen
Betreft: Vragenlijst betreffende drugsgerelateerde criminaliteit op Internet
1 Op 6 december 1999 heeft de Groep drugshandel (Gemengd Comité) overeenstemming bereikt over de bijgaande vragenlijst betreffende drugsgerelateerde criminaliteit op Internet.
2. De delegaties wordt verzocht hun antwoorden vóór eind januari 2000 in te dienen bij Europol/het Raadssecretariaat/het voorzitterschap.
Vragen van Groen Links en Stadspartij Leefbaar Nijmegen en de Antwoorden van de burgemeester, 22 december 1999.
Groen Links
Stadspartij Leefbaar Nijmegen
Korte Nieuwstraat 6
6511 PP Nijmegen
Vragen aan de burgemeester, volgens art. 38 van het reglement van orde van de gemeenteraad van Nijmegen.
Achtergrond
In De Telegraaf van 15 oktober en De Gelderlander van 16 oktober jl., wordt bericht over het opzetten van een databank met betrekking tot milieu-activisten (‘CICI’) door een aantal politieregio’s en de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) Het initiatief daartoe zou (mede) door de korpschef van de politieregio Gelderland-Zuid genomen zijn. In mei 1996 verscheen in het personeelsblad van de regiopolitie Gelderland-Zuid, Gazet, een artikel over milieu-activisme van de hand van het hoofd van de Regionale Inlichtingendienst, de heer Oolbekkink. Naar aanleiding van dat artikel zijn destijds vragen gesteld door het toenmalige raadslid R. Danen.
Inhoud:
- Brief van de Directie Politie over het WOB-verzoek
- Brief van Binnenlandse Zaken aan politie Nijmegen, akkoord subsidie-verzoek CICI, incl. begroting
- Brief van Nijmeegse politie over WOB-verzoek
- Brief van Politie Nijmegen aan Binnenlandse zaken, officieel verzoek om akkoord start CICI
- Plan van Aanpak (6e versie) van Nijmeegse politie voor CICI
- Bijlage: Lijst van akties die bestaansrecht CICI moeten aangeven
aanh9900.394bvdonderzoeknaarmilieuactivisten aanh9900.394 bvd onderzoek naar milieuactivisten
aanh9900.394 bvd onderzoek naar milieuactivisten
Gemaakt: 22-12-1999 tijd: 14:41
RTF
2
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
16 december 1999
Hierbij doe ik u toekomen de antwoorden op de schriftelijke vragen van
– de leden Kant en Poppe, kenmerk 2990001270, mij toegezonden bij brief van 21 oktober 1999, en
DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES,
A. Peper
Besluit van 16 december 1999, houdende regels ter uitvoering van artikel 126ee van het Wetboek van Strafvordering
(besluit technische hulpmiddelen bijzondere opsporingsbevoegdheden)
Door Frank Renout
ROTTERDAM – Haal even uw gsm-telefoon tevoorschijn. En druk de volgende toetsen in: *#06#. Op uw scherm verschijnt uw hoogst persoonlijke IMEI, oftewel: International Mobile Equipment identifier.
(3 december 1999)
Het Amsterdamse Buro Jansen & Janssen heeft een boek uitgegeven boordevol informatie over afluisteren. Over het
boek, dat als titel `Luisterrijk` heeft, is ook een uitgebreide website gebouwd
(https://www.burojansen.nl/afluisteren/afluisteren.htm), die een onthullend beeld geeft in welke mate Big Brother
in ons land actief is. Behalve afluisterpraktijken via het Echelon-netwerk, wordt er ook op een veel lager niveau afgetapt.
Politie, rechercheurs en spionnen doen zelfs op terrasjes hun afluisterwerk.
De Binnenlandse Veiligheidsdienst BVD krijgt door een wijziging van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten onbeperkte bevoegdheden om telecommunicatie af te luisteren
Dit zeiden medewerkers van het Amsterdamse onderzoeksbureau Jansen & Janssen woensdag bij de presentatie hun boek ‘Luisterrijk’. Door die wetswijziging dreigt volgens het bureau een Nederlandse variant op het Amerikaanse Echelonnetwerk te ontstaan.
With the 1990s propensity to dot.com everything that moves, ‘hacking’ and ‘cyberterrorism’ have become subjects of intense media coverage. Almost daily, hitherto unknown security specialists warn of potential catastrophes: news that gets picked up by the media and crosses the globe with impunity. Johan J Ingles-le Nobel discussed the subject with programmers at Slashdot to profile so-called cyberterrorists and examine the viability of cyberwarfare.
Deze week kwamen de privacy aspecten van email en internet al ter sprake, nu is het de beurt aan de telefoon. Wederom lijkt de vrees gerechtvaardigd dat uw privacy op straat ligt. Onderzoeksbureau Jansen & Janssen, luis in de pels van politie- en inlichtingendiensten, publiceerde het boek Luisterrijk, een onderzoek naar de afluisterpraktijken van de politie en de BVD in Nederland.
