
Sinds 1 juni 1994 is de Wet op de Identificatieplicht (WID) van kracht. Volgens de overheid gaat het hier om een ‘beperkte identificatieplicht’ die nodig zou zijn om fraude en criminaliteit te bestrijden. In onze ogen gaat het echter om meer. Reden om samen met anderen het initiatief te nemen voor een campagne tegen deze legitimatieplicht.
‘Geschiedenis van de BVD’ is de titel van een lijvig onderzoek van D. Engelen naar de rol van de BVD in de Koude Oorlog. Engelen is een historicus, die al sinds 1966 bij de BVD in dienst is, ‘in de sfeer van politieke analyses en van operaties en management’. Een boek van binnenuit, dat met veel intern bronnenmateriaal is geschreven. lees meer
Uit: NN, 16 december 1994, buro Jansen & Janssen.
door Eveline Lubbers
Waarom zijn grote bedrijven steeds weer onderwerp van maatschappelijke actie? En waarom lijken ze niet in staat daar iets aan te doen?
Een Amerikaans public affairs handboek vat het antwoord op deze vragen in één zin samen: Ignorance gets them in trouble; arrogance keeps them there.
Maarten van Riemsdijk kwam in zijn proefschrift Actie of Dialoog tot dezelfde conclusie. Hij onderzocht het verloop van de acties tegen Procter & Gamble, Nestlé en Shell en ontdekte een vast patroon in de reacties. De drie bedrijven probeerden de relevantie van maatschappelijke ontwikkelingen zo lang mogelijk te ontkennen, de problemen werden te lang genegeerd. De ondernemingen bleken steevast pas bereid tot een gesprek met actievoerders als het te laat was. Deze tactiek van negeren komt volgens van Riemsdijk voort uit een onvermogen te communiceren op een ander niveau dan dat van geld en economische belangen. Ondernemingen reageren pas als er eisen gesteld worden die financieel of anderszins schade opleveren. Dat is duidelijke taal. Voor praten is het dan te laat. In Actie of Dialoog zoekt van Riemsdijk naar een uitweg uit deze vastgeroeste verhoudingen. Enthousiast begonnen aan het aantrekkelijk vormgegeven boekje: eindelijk iemand die iets verstandigs te melden lijkt te hebben over de betrekkingen tussen bedrijven die onder vuur liggen en actievoerende groepen uit de samenleving. De cases leken spannend, de onderzoeker niet geheel gespeend van maatschappelijk bewustzijn. De ontmaskering kan helaas niet uitblijven, ook deze studie laat de belangrijkste kwesties liggen. Wat niet in de vraagstelling past wordt niet onderzocht, anders komt het verhaaltje niet rond. Of zit er meer achter?
Waarom zijn grote bedrijven steeds weer onderwerp van maatschappelijke actie? En waarom lijken ze niet in staat daar iets aan te doen?
Een Amerikaans public affairs handboek vat het antwoord op deze vragen in één zin samen: Ignorance gets them in trouble; arrogance keeps them there.
Maarten van Riemsdijk kwam in zijn proefschrift Actie of Dialoog tot dezelfde conclusie. Hij onderzocht het verloop van de acties tegen Procter & Gamble, Nestlé en Shell en ontdekte een vast patroon in de reacties. De drie bedrijven probeerden de relevantie van maatschappelijke ontwikkelingen zo lang mogelijk te ontkennen, de problemen werden te lang genegeerd. De ondernemingen bleken steevast pas bereid tot een gesprek met actievoerders als het te laat was. Deze tactiek van negeren komt volgens van Riemsdijk voort uit een onvermogen te communiceren op een ander niveau dan dat van geld en economische belangen. Ondernemingen reageren pas als er eisen gesteld worden die financieel of anderszins schade opleveren. Dat is duidelijke taal. Voor praten is het dan te laat. In Actie of Dialoog zoekt van Riemsdijk naar een uitweg uit deze vastgeroeste verhoudingen. lees meer
Een analyse van december 1994
Uit: NN, december 1994, buro Jansen & Janssen.
“Het niet-strafvordelijk vooruitlopend onderzoek heeft eigenlijk veel weg van een de wijze waarop een zorgzame houtvester of boswachter zijn natuurgebied bewaakt en beschermt. Niet alleen heeft hij oog voor de natuurlijke gesteldheid van zijn gebied, hij houdt ook veranderingen in de gaten en let op het komen en gaan van gebruikers van het bos. Daarbij gaat hij niet de gehele tijd op de loer liggen, maar let op uiterlijk waarneembare feiten en/of afwijkend gedrag, die hem aanwijzingen zouden geven om de rust van de gebruikers te verstoren door echt indringend te gaan opletten.”
Van Duijne, onderzoeker naar georganiseerde misdaad bij het ministerie van Justitie.
“Het niet-strafvordelijk vooruitlopend onderzoek heeft eigenlijk veel weg van een de wijze waarop een zorgzame houtvester of boswachter zijn natuurgebied bewaakt en beschermt. Niet alleen heeft hij oog voor de natuurlijke gesteldheid van zijn gebied, hij houdt ook veranderingen in de gaten en let op het komen en gaan van gebruikers van het bos. Daarbij gaat hij niet de gehele tijd op de loer liggen, maar let op uiterlijk waarneembare feiten en/of afwijkend gedrag, die hem aanwijzingen zouden geven om de rust van de gebruikers te verstoren door echt indringend te gaan opletten.” lees meer
SAMENWERKINGSPROTOCOL tussen:
De REGIOPOLITIE AMSTERDAM – AMSTELLAND en De BINNENLANDSE VEILIGHEIDSDIENST
1. Inleiding
Het verschaffen van veiligheid is van ouds een van de kerntaken van de overheid.
De burgemeester en het Openbaar Ministerie zijn verantwoordelijk voor de meest directe vormen van veiligheidszorg: het handhaven van de openbare orde en het vervolgen van strafbare feiten. Beiden voeren het gezag over de politie voor zover het handelen van de politie hun specifieke verantwoordelijkheid betreft. De politie is belast met de feitelijke uitvoeringstaken.
Afstemming vindt plaats in het driehoeksoverleg, waaraan deelnemen de korpsbeheerder, de hoofdofficier van justitie en de korpschef.







