Na lezing van het hoofdstuk over telefonie zijn een hoop illusies over privacy danig verstoord. Locatie en identiteit van de abonnee zijn al vastgesteld op het moment dat in de centrale de eerste schakeling is omgezet. De meest interessante alternatieven die zich aandienen voor de klassieke telefoon, zijn de niet aan locatie gebonden communicatiemiddelen. De autotelefoon bijvoorbeeld. Met 120 kilometers per uur of sneller door het land razend, bel je tante Toos om haar te feliciteren met haar verjaardag. Een minuut bellen, en je bent alweer twee kilometer verder. Omdat er geen kabels van je auto naar de centrale lopen, zijn de gesprekken niet zomaar af te luisteren of te traceren, zo wil het gerucht. Ook kun je met je KERMIT bij een Greenpoint op het Centraal Station bellen en snel de trein in springen. lees meer
Het is relatief simpel om telefoongesprekken af te luisteren. Privé-detectives, jaloerse echtgenoten, bedrijfsspionnen, iedereen die wat geld uitgeeft aan wat electronische apparatuur kan meeluisteren. Hoe dat ongeveer in zijn werk gaat en wat je er tegen kunt doen is te lezen in dit hoofdstuk.
We beginnen met het ontzenuwen van een aantal fabeltjes. Daarna beschrijven we hoe en waar telefoonlijnen afgetapt kunnen worden. We eindigen met een aantal maatregelen die je kunt nemen om afluisteren te voorkomen. lees meer
Met elkaar spreken is de meest directe vorm van communiceren. Zo is luisteren de meest directe vorm om via het gehoor iets van iemand op te vangen, terwijl het bij afluisteren om informatie gaat die niet voor jou bestemd is. Dat laatste gebeurt volop, en in de loop der tijd zijn steeds meer technieken ontwikkeld die de mens in staat stellen om geluiden en gesprekken op te vangen. lees meer
Artikel 139 van het Wetboek van Strafrecht verbiedt het opzettelijk afluisteren van gesprekken met een technisch hulpmiddel, zonder toestemming van één van de deelnemers aan dat gesprek. Dat geldt zowel voor gesprekken binnen- en buitenshuis als voor communicatie over de telefoon.
De bevoegdheid tot afluisteren is geregeld bij wijze van uitzondering op dit verbod. De politie mag een gesprek dat gevoerd wordt in een ‘woning, besloten lokaal of erf’ of in openbare ruimtes niet afluisteren of opnemen. Concreet betekent dit dat de politie (nog) niet met richtmicrofoons en verstopte microfoontjes rond huizen mag werken, tenzij dus één van de deelnemers aan het gesprek daarvoor toestemming heeft gegeven. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij infiltratie en pseudokoop. lees meer
In dit artikel zullen we de meest getrainde afluisteraars in Nederland nader bekijken. Naast de bedrijfsspionnen is dat natuurlijk de overheid. Iemand die ‘foute’ denkbeelden of activiteiten heeft of ‘foute’ mensen kent, loopt de grootste kans om door hen afgeluisterd te worden. Afhankelijk van de overheid kan ‘fout’ crimineel, te sociaal, te kritisch, te nieuwsgierig, buitenlands of simpelweg ‘politiek anders georiënteerd’ betekenen. lees meer
De belangstelling voor anti-apartheidsactivisten
De laatste Anti-Apartheidskrant
De anti-apartheidsbeweging was vanaf het ontstaan verzekerd van een brede belangstelling van de tegenpartij. Niet alleen geheime diensten probeerden zich op de hoogte te houden van het doen & laten van de beweging. Bedrijven met belangen in Zuid Afrika schakelden particuliere adviesbureaus in, die vaak veel meer ondernamen om activisten tegen te werken. Ondanks het feit dat de anti-apartheidsstrijd tot het verleden lijkt te behoren, is de bereidheid tot opening van zaken niet groot. Kennelijk kan het onderwerp het daglicht niet verdragen. lees meer
Artikelen 1993
Privacynormen bij de koppeling van computerbestanden ( Uit: I&I nummer 1, 1993 Jan A.G.M. van Dijk )
Van Sharpeville naar Schengen; Achtergronden van 21 maart
Uit: De Peueraar 31, maart 1993 door Harry Westerink
THE COUNCIL,
Having regard to the Treaty establishing the European Community, and in particular Article 151 (131) thereof,
Having regard to its Rules and Procedure, and in particular Article 22 thereof, [Note 1]
Whereas on 6 December 1993 the Council and the Commission approved a code of conduct concerning public access to Council and Commission documents, reaching common agreement on the principles which must govern such access;
Wetsvoorstel 1991
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Vergaderjaar 1911-1992
22694 Aanwijzing van documenten dienende ter vaststelling van de identiteit van personen, alsmede van enige gevallen waarin de identiteit van personen aan de hand van deze documenten kan worden vastgesteld (Wet op de identificatieplicht)
Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING
ALGEMEEN
1. Inleiding
In het regeerakkoord van 1989 (Kamerstukken 111989/90,21 132, nr. 9, par. 14) wordt een beperkte identificatieplicht aangekondigd waaraan moet kunnen worden voldaan met behulp van bestaande documenten. Gezegd wordt dat de plicht uitsluitend zal gelden in bijzondere situaties die in de wet moeten worden omschreven. Genoemd worden de bestrijding van voetbalvandalisme en fraude. Een algemene identificatie-plicht wordt niet overwogen. Het bijgaande voorstel geeft uitvoering aan deze passage van het regeerakkoord. Binnen de gestelde grenzen is gekozen voor een zo effectief mogelijke aanpak. Dat is in lijn met de grotere waarde die men sedert de totstandkoming van het regeerakkoord is gaan hechten aan rechtshandhaving door de overheid.
Uit: Konfrontatie, nr.26, november 1993, buro Jansen & Janssen/autonoom centrum.
Sinds eind maart 1993 werken de vreemdelingendiensten van Den Haag en Eindhoven als eerste in Nederland met het VAS. Er wordt al zo’n tien gewerkt aan een geautomatiseerd vreemdelingenregistratie systeem en in de loop van dit jaar zal het landelijk worden ingevoerd.
Uit:Konfrontatie, nr.26
Sinds eind maart 1993 werken de vreemdelingendiensten van Den Haag en Eindhoven als eerste in Nederland met het VAS. Er wordt al zo’n tien gewerkt aan een geautomatiseerd vreemdelingenregistratie systeem en in de loop van dit jaar zal het landelijk worden ingevoerd. lees meer
Ingezonden brief aan het Algemeen Dagblad lees meer
Ingezonden brief aan het Algemeen Dagblad, buro Jansen & Janssen, augustus 1993.
“BVD verdenkt ‘oude’ verdachte van bomaanslag” kopte NRC-Handelsblad afgelopen vrijdag. Een zegsman van de Binnenlandse Veiligheidsdienst liet middels de kwaliteitskrant weten dat zijn dienst en justitie “exact” weten wie achter de bomaanslag zitten. Tot zover kan de berichtgeving door de beugel, al kunnen natuurlijk vraagtekens geplaatst worden bij de exactheid van de kennis van de diensten die “vier of vijf” mensen verantwoordelijk achten voor zowel de aanslag op de woning van staatssecretaris Kosto als die op het op het ministerie van sociale zaken.
Ingezonden brief aan het Algemeen Dagblad, buro Jansen & Janssen, augustus 1993.
“BVD verdenkt ‘oude’ verdachte van bomaanslag” kopte NRC-Handelsblad afgelopen vrijdag. Een zegsman van de Binnenlandse Veiligheidsdienst liet middels de kwaliteitskrant weten dat zijn dienst en justitie “exact” weten wie achter de bomaanslag zitten. Tot zover kan de berichtgeving door de beugel, al kunnen natuurlijk vraagtekens geplaatst worden bij de exactheid van de kennis van de diensten die “vier of vijf” mensen verantwoordelijk achten voor zowel de aanslag op de woning van staatssecretaris Kosto als die op het op het ministerie van sociale zaken. lees meer
Uit: Konfrontatie, nr. 23, zomer 1993, buro Jansen & Jansen.
In het eindrapport van de Commissie Zeevalking werd maar relatief weinig aandacht besteed aan het zogenoemde ‘operationele vreemdelingentoezicht’, de werkelijke controles op straat, in huis of op het werk van de verblijfsstatus van buitenlanders. In haar voorstellen voor de aanpak van migranten zonder verblijfsvergunning legde de Commissie Zeevalking vooral de nadruk op ‘de modernisering’ van het binnenlands vreemdelingentoezicht. Meer samenwerking, goede registratie en vooral een eenduidig overheidsbeleid moesten de basis vormen voor het vreemdelingentoezicht.
Verscherping van controles op buitenlanders werd door de commissie unaniem afgewezen. Men was juist van mening dat voorzichtig moest worden opgetreden om stigmatisering van minderheidsgroepen te voorkomen. “Grootscheepse controles op plekken waar veel buitenlanders zijn dienen zoveel mogelijk te worden voorkomen”, aldus de commissie. Hierbij plaatste zij echter een paar niet mis te verstane kanttekeningen. De bestrijding van criminaliteit, het herstellen van de openbare orde en het voorkomen van overlast zouden zwaarder moeten wegen dan het belang vanuit het minderhedenbeleid. Deze afweging zou ook moeten gelden bij illegale arbeid, mensenhandel of illegale huisvesting. Hiermee leverde de Commissie Zeevalking haar eigen afgewogen visie op straatcontroles eigenlijk al uit aan de politici die de laatste jaren het illegalenvraagstuk zo fijntjes hebben gekoppeld aan de bestrijding van overlast, criminaliteit en fraude.
