Financiën – Formele financieringJanuary 1, 1999
7.1. Formele financiering
Bij de aanvang van het onderzoek naar de financiering van de activiteiten van de RCID Kennemerland, zoals in dit rapport in voorgaande hoofdstukken beschreven, is uitgegaan van twee mogelijke geldstromen, te weten de formele en de informele geldstromen. Uitgangspunt daarbij was dat inzicht verkregen diende te worden in de belangrijkste binnenkomende formele geldstromen van de gemeentepolitie Haarlem/regiokorps Kennemerland, alvorens een uitspraak zou kunnen worden gedaan over mogelijke informele geldstromen.
Op basis van inzicht in de omvang van de belangrijkste binnenkomende formele geldstromen, zoals ook aangegeven in de diverse financiële verantwoordingen van de gemeentepolitie Haarlem/regiokorps Kennemerland, is getracht vast te stellen welke gelden daarvan zijn aangewend ten behoeve van de CID Haarlem/RCID Kennemerland.
lees meer
Container-trajecten – Containers DordrechtJanuary 1, 1999
5.3.2. CONTAINERS DORDRECHT
5.3.2.1. Beschrijving
Tijdens het onderzoek naar de door de RCID Kennemerland gehanteerde methode van gecontroleerde af- en doorlevering van verdovende middelen, werd bekend dat deze methode in 1991/1992 ook door de RCID Dordrecht zou zijn gehanteerd. Vanuit de wens te bezien in welke mate de door de RCID Kennemerland toegepaste methode uniek was en eigenstandig werd ontwikkeld, werd besloten het Dordtse traject te beschouwen. In dit traject werd een totale hoeveelheid van tussen de 15250 en 15750 kg soft drugs uit drie containers ongemoeid gelaten terwijl er een hoeveelheid van tussen de 1000 en 1500 kg werd geveegd. De drugs kwamen in handen van de criminele organisatie. Op het moment dat de criminelen letterlijk de hand legden op de 1100 kg cocaïne uit de vierde container, werd ingegrepen. Een grote groep verdachten, waaronder de hoofdverdachte en enige Colombianen, werd aangehouden en de cocaïne werd inbeslaggenomen.
lees meer
Financiën – BOP regelingJanuary 1, 1999
Financiën – BOP regeling
7.2. BOP regeling
In het kader van de formele geldstromen, die mogelijk kunnen zijn aangewend binnen de CID Haarlem/ RCID Kennemerland, is onderzoek gedaan naar de door het gemeentepolitie Haarlem/regiopolitie Kennemerland ingediende BOP-aanvragen (regeling Bijzondere Opsporingskosten Politie 1989) in het ressort Amsterdam. Hiertoe is overleg gevoerd met Helsdingen, commissaris van politie en Opdam, beiden werkzaam bij het parket PG te Amsterdam.
Onderzocht zijn de via hen beschikbaar gestelde overzichten van de verstrekte BOP gelden binnen het ressort Amsterdam over de periode 1989 tot en met 1995. Soortgelijke overzichten zijn ook ontvangen van de Directie Politie van het ministerie van justitie.
Tevens is de toepassing van de ter zake relevante regelgeving beoordeeld.
7.2.1. Bevindingen
Met betrekking tot de toepassing van de regelgeving kan worden geconcludeerd dat:
* in de meeste gevallen waarin een BOP-toekenning is gedaan aan het gemeentepolitie Haarlem/regiopolitie Kennemerland niet is voldaan aan de ressortelijke gedragslijn BOP aanvragen 1991, hetgeen betekent dat vaak geen tussentijdse rapportages werden vervaardigd terwijl afrekeningen nog al eens zeer laat werden ingediend;
* de dossiers van het parket PG niet in alle gevallen volledig waren;
* in sommige gevallen geen convenant aanwezig was en
* er in strijd met de regelgeving met BOP-gelden diverse investeringsgoederenzijn aangeschaft, waarvan op generlei wijze door het parket PG te Amsterdam een registratie werd bijgehouden. Het parket heeft niet nagegaan of dergelijke investeringen op een adequate wijze in de korpsadministratie werden verantwoord, noch heeft zij hiervoor regelingen getroffen.
Met betrekking tot eventuele financieringen kan worden geconcludeerd dat:
* (voor zover kon worden opgemaakt uit de door het parket PG en het ministerie van justitie verstrekte ressortelijke gegevens) waarschijnlijk geen gelden vanuit de BOP-budgetten zijn gebruikt in het kader van de onderzochte informele activiteiten van de CID Haarlem/ RCID Kennemerland en
* dat alle door het parket PG te Amsterdam uitbetaalde BOP-gelden zijn verantwoord in de financiële administratie van het korps Haarlem/ Kennemerland.
Container-trajecten – Containers IRTJanuary 1, 1999
5.3.3. CONTAINERS IRT
5.3.3.1. Beschrijving
In deze paragraaf worden de zogenoemde IRT-containers besproken. Hier is sprake geweest van 19 zendingen die te relateren zijn aan IRT-onderzoeken. Bij twee zendingen werden twee containers gelijktijdig in de haven aangevoerd.
Totaal was hier sprake van invoer van 70.316 kg soft drugs, verdeeld over 16 containers/kranen. In de overige drie containers/kranen werden geen soft drugs aangetroffen. Tot deze selectie werd gekomen op grond van gegevens in CID-informatierapporten van Kennemerland en de administratie van het IRT, vermelding op een door Langendoen vervaardigde lijst met 32 containers en verklaringen van o.a. Langendoen, Lith, Wortel en Teeven.
lees meer
Financiën – ‘Regeling tip-, toon- en voorkoopgelden’ en overige uitkeringen/batenJanuary 1, 1999
7.3. ‘Regeling tip-, toon- en voorkoopgelden’ en overige uitkeringen/baten
Voorts werd onderzoek gedaan naar de omvang en de verantwoording van gelden welke in het kader van de ‘Regeling tip-, toon- en voorkoopgelden’ of anderszins aan de CID Haarlem/RCID Kennemerland ter beschikking zijn gesteld.
In dat kader zijn overzichten beoordeeld welke werden ontvangen van het ministerie van justitie.
Bij het onderzoek werd tevens gebruik gemaakt van administratieve gegevens, ontvangen van de afdeling Financieel Economische Zaken (FEZ) van de regiopolitie Kennemerland. Vervolgens zijn het CID-kasboek en de bescheiden van de CID, zoals die aan het team ter beschikking zijn gesteld voorwerp van onderzoek geweest. De volledigheid van deze aangeleverde gegevens kon overigens niet worden beoordeeld.
Tenslotte is aandacht besteed aan enkele algemene kwaliteitseisen die van toepassing dienen te zijn op een financiële registratie.
lees meer