• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Bijlage VIII – V.1. De georganiseerde criminaliteit in Hong Kong

    V.1. De georganiseerde criminaliteit in Hong Kong

    V.1.1. Het verhaal van de triades

    Het probleem van de Chinese georganiseerde criminaliteit wordt
    nogal gemakkelijk op een lijn gesteld met het probleem van de
    triades. Maar net zoals de kwestie van de georganiseerde
    criminaliteit in Itali niet kan worden gelijkgesteld aan die van de
    mafia en haar vier geledingen, zo mag ook in dit geval de
    georganiseerde criminaliteit niet op n en dezelfde hoop worden
    gegooid. De triades – ook in hun eigentijdse uitmonstering – vormen
    slechts een deel van het probleem. En juist om ook dat andere deel
    goed te kunnen begrijpen, is het van belang dat het verhaal van de
    triades wordt verteld.

    Algemeen wordt aangenomen dat de triades oorspronkelijk geheime
    genootschappen waren die in de 17e eeuw in China door monniken
    werden opgericht om op een clandestiene manier de Manchu Ch’ing te
    bestrijden. De groei van deze oppositionele, nogal
    nationalistische, verzetsbeweging bracht met zich mee dat zij in
    vijf afzonderlijke afdelingen werd opgesplitst, waaronder n voor de
    zuidelijke provincies van het rijk, inclusief het latere Hong Kong.
    Toen in 1911-1912 het politieke doel van deze beweging werd
    bereikt: de stichting van de Nationalistische Republiek China,
    hieven de triades zichzelf niet op. Een deel bleef voortbestaan in
    de vorm van genootschappen die hun leden op een eerbare manier
    allerlei diensten en goederen aanboden – een soort van
    welzijnsinstellingen dus. Een ander deel ontwikkelde zich echter
    meer en meer in de richting van criminele organisaties die voor
    zichzelf profijt haalden uit alle mogelijke illegale praktijken:
    koppelbazerij, prostitutie en illegaal gokken.

    Deze laatste ontwikkeling had zich veel eerder al gemanifesteerd
    in Hong Kong. Bij het verdrag van Nanking van 1842 was dit eiland
    in handen gekomen van de Engelsen. Dezen beschouwden de triades
    echter al vlug als een bedreiging voor hun maatschappij en
    verklaarden ze in 1845 tot verboden vereniging. De triades gingen
    toen ook hier ondergronds en slaagden er wonderwel in dit verbod te
    overleven. De voornaamste reden hiervan was dat de Chinese
    bevolking, ook uit afkeer van het Engelse bestuur, uit alle macht
    de triades bleef steunen. De machtspositie die deze zo konden
    opbouwen, leidde er niet alleen toe dat zich onophoudelijke
    splitsingen in bestaande triades voordeden, maar werkte ook in de
    hand dat een aantal genootschappen hun idele doelstellingen opgaven
    en zich, ook in de ogen van Chinezen zelf, ontpopten als criminele
    verenigingen waarvan het voortbestaan berustte op de brutale
    exploitatie van arbeiders, vaklui en
    middenstanders. En veel van de organisaties die deze groepen
    vervolgens oprichtten om hun nering tegen die criminele groepen te
    beschermen, verkeerden – oh ironie! – vroeg of laat in hun
    tegendeel: voor deze bescherming moest worden betaald, goedschiks
    of kwaadschiks.

    Vr de Tweede Wereldoorlog bestonden er in Hong Kong naar
    schatting 300 triades en soortgelijke organisaties. Na deze oorlog,
    en vooral na de nederlaag van de nationalistische regering tegen de
    communisten in 1949, werden hun gelederen door triade-leden en
    gewone misdadigers uit het huidige China aangevuld. Mede als gevolg
    daarvan ontbrandden er in het begin van de jaren vijftig complete
    straatgevechten tussen triades om de macht in zowel legale
    bedrijvigheden als in illegale sectoren. Deze gevechten gaven
    vervolgens voedsel aan de gedachte dat juist ook de triades de hand
    hadden in de zware rellen, die in 1956 bij de viering van de Dag
    van het Nationalisme uitbraken, en waarbij 59 doden en 500 gewonden
    te betreuren waren. Achteraf is uit onderzoek gebleken dat deze
    gedachte vermoedelijk niet juist was, maar de consequentie die het
    Engelse bestuur er nog in 1956 aan verbond was er niet minder om:
    meer dan 10.000 personen, verdacht van lidmaatschap van of binding
    met triades, werden in hechtenis genomen, ruim 600 leidinggevende
    triade-figuren werden verbannen, althans hiermee bedreigd. Het
    (onbedoelde) gevolg was een zekere verbreiding van de triades naar
    andere belangrijke centra in Zuid-Oost-Azi: Singapore, Taiwan,
    Bangkok etcetera. Verder werd binnen de politie een speciaal bureau
    opgericht om de bestrijding van de triades ter hand te nemen
    (Morgan, 1989).

    Wat bij dit alles niet uit het oog mag worden verloren, is dat
    China in 1928 niet alleen de produktie en distributie van opium,
    maar ook het gebruik daarvan verbood. Het Britse bestuur van Hong
    Kong vaardigde in 1948 eenzelfde verbod uit. Hierdoor schiepen
    beide landen opnieuw een enorme kans voor vele triades om zich op
    een illegale manier te verrijken, aanvankelijk alleen op regionale
    schaal, al vlug ook op internationaal niveau. En dit temeer omdat
    zij na de terugtocht van een aantal verslagen nationalistische
    militair-politieke formaties uit China, in 1949, naar Birma, Laos
    en het noorden van Thailand, hun welhaast natuurlijke bondgenoten
    werden bij de distributie van het verdovende middel dat deze
    legertjes in de Gouden Driehoek met steun van de Amerikaanse
    regering begonnen te fabriceren om te kunnen overleven: opium, en
    zijn beruchte derivaat herone. Om de rijkdom die zij met de
    wereldhandel in opium/herone vergaarden veilig te stellen, gingen
    de triades bovendien over tot grootschalige corrumpering van de
    overheid in Hong Kong, en in het bijzonder van de politie. In het
    begin van de jaren zeventig werd gezegd dat zo’n 35% van alle
    (Chinese) leden van de politie in Hong Kong corrupt was. Dat hun
    corruptieve relaties moeten worden gezien tegen de achtergrond van
    de sociale, economische en culturele functies die vele triades in
    Hong Kong toen reeds decennia-lang in de Chinese gemeenschap hadden
    vervuld, ligt voor de hand. In 1978 telde het speciale bureau voor
    de bestrijding van de triades 552 man.

    Tenslotte is het ook voor Nederland van belang om erop te wijzen
    dat in de jaren zestig en zeventig een aantal (gewezen) leden van
    het Rode Leger uitweek naar Hong Kong. Hier verenigden zij zich in
    een beweging die de Grote Cirkel werd genoemd. Onder de naam van
    Tai Huen Chai ontwikkelde deze beweging zich meer en meer tot een
    criminele organisatie die, zoals in de inleiding reeds werd
    aangegeven, in de jaren tachtig ook in Nederland actief werd
    (Booth, 1990; Posner, 1988; Krger, 1980).

    V.1.2. De huidige situatie: triades en gangs

    Het is niet zo eenvoudig om in de wirwar van triades te
    ontdekken hoe de onderlinge machtsverhoudingen liggen. Volgens de
    bestaande literatuur schat de politie dat er tussen de 50 en 60
    triades in Hong Kong functioneren. Ze zijn lang niet allemaal hevig
    genvolveerd in illegale activiteiten. Dat zijn er maar een stuk of
    15 tot 20. De meeste van deze triades behoren tot 4 belangrijke
    groepen: de 14K (met 20.000 aanhangers), de Chiu Chao groep met als
    voornaamste organisatie de Sun Yee On (30.000 aanhangers), de Wo
    groep (25.000 man) met als belangrijke triades onder andere de Wo
    Shing Wo en de Wo On Lok, en de Big Four groep waarvan bijvoorbeeld
    de Tang Yee en de Leun Ying Society deel uitmaken. De 14K (in 1947
    gevormd door een generaal van de Kwomingtang uit militaire eenheden
    en Zuidchinese triade-groepen) wordt algemeen als de gevaarlijkste
    van deze vier triade-groepen beschouwd. Andere bekende triades zijn
    de Chung Wo Tong, de Hip Sing Tong en de On Leon Tong. De rol van
    de Tai Huen Chai is – volgens sommige auteurs althans – sinds 1987
    ver uitgespeeld, zowel in Hong Kong als in het buitenland. In dat
    jaar zou er in Londen een vergadering tussen de leiders van de
    grote gevestigde triades plaats hebben gevonden met als doel
    laatstgenoemde triade uit te rangeren in de internationale
    heronemarkt. In hoeverre zij hierin geslaagd zijn, is niet
    duidelijk. Van n grote samenhangende organisatie schijnt sindsdien
    evenwel geen sprake meer te zijn (Chin, 1990; Weggel, 1994; Che,
    1990).

    Het vorenstaande zou de indruk kunnen wekken dat triades of in
    elk geval de criminele organisaties die zich met deze naam blijven
    tooien, grote, hirarchische, centraal aangestuurde organisaties
    vormen. Deze indruk is echter verkeerd. Het overgrote deel van de
    tegenwoordige triades bestaat niet meer uit een hele trits van
    ambtsdragers met bloemrijke bijnamen die allerlei afdelingen
    (financin, interne en externe relaties,
    welzijnszorg en andere) leiden, maar nog slechts uit twee of drie
    centrale figuren, bijgestaan door een stuk of wat belangrijke
    medestanders (met het symbolische nummer 426), en omringd door een
    aantal groepen en groepjes bestaande uit zogenaamde erkende leden
    (nummer 49-leden) aan het hoofd. En zelfs deze voorstelling van
    zaken is nog bedrieglijk. De criminele groepen en groepjes die de
    harde kern van een triade omringen, maken op zichzelf veelal
    helemaal geen deel uit van de desbetreffende triade. Het gaat hier
    hoofdzakelijk om jeugdbendes (met leden van 12-18 jaar) en vaker
    nog straatbendes (met leden van 16-25 jaar), waarvan hooguit de
    leiders gewone leden of hoger-geplaatste medestanders van een
    triade vormen. De functie die deze bendes in dit verband hebben,
    komt neer op het verlenen van de sterke arm bij de uitvoering van
    de illegale activiteiten die de triades ondernemen: afpersing van
    de middenstand, bescherming van onroerend goed, controle op
    prostitues, distributie van verdovende middelen (Main, 1991).
    Overigens zijn er aanwijzingen dat sommige triades zich de laatste
    jaren ook hebben toegelegd op de mensenhandel, vooral vanuit China
    naar het Westen. Dit zou alles te maken hebben met het feit dat zij
    zich in de voorbije jaren meer en meer hebben kunnen vertakken in
    het Zuiden van dit kolossale land. Heel wat Chinezen hebben er veel
    voor over om na zoveel decennia dictatuur een nieuw en ander
    bestaan op te bouwen in het Westen.

    Waar tenslotte de gigantische financile middelen blijven, die de
    triades met de drugshandel verdienen, is een duistere kwestie. Het
    vermoeden bestaat dat ze all over the world worden
    genvesteerd in (andere) illegale activiteiten, maar ook in
    onroerend goed en in legale bedrijven. Wel staat het vast dat het
    bankwezen in Hong Kong – geruggesteund door een streng bankgeheim
    en een mild overheidsoptreden – functioneert als een van de
    belangrijkste witwasmachines voor uit de drugshandel verkregen
    gelden (Gaylord, 1994).


    vorige        
    volgende        
    inhoudsopgave en zoeken