• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Bijlage X – 10.1. Fasen in het proces van witwassen

    10. WEGSLUIZEN ZONDER WITWASSEN

    10.1. Fasen in het proces van witwassen

    Het proces van het witwassen doorloopt een aantal fasen, dat in
    de literatuur als volgt worden omschreven (Baldwin en Munro, 1993;
    Bosworth-Davies en Saltmarsh, 1994; Savona en Defeo, 1994):

    Het proces begint met placement, het uitermate belangrijke
    moment waarop het contante geld voor het eerst in het legale
    geldcircuit plonst. Meestal komt deze placement neer op het storten
    van contant geld op een bankrekening. Op deze fase richt de
    MOT-wetgeving zich in eerste instantie. Voorafgaand aan de
    placement kan het contante geld ook al worden omgewisseld in andere
    valuta (zie 10.4 De rol van wisselkantoren) en fysiek worden
    verplaatst naar andere gebieden.

    Vervolgens vindt er een verhullingsfase plaats (layering) van
    opsplitsing, omwisselen en giraal overboeken om de oorspronkelijke
    herkomst (van wie, welke oorsprong) te verdoezelen. Soms wordt
    tijdens het layering-traject tijdelijk teruggestapt naar de eerste
    fase door het geld weer contant op te nemen om het daarna ergens
    anders weer op een bankrekening te storten. Het woord layering, dat
    letterlijk op elkaar stapelen betekent, verwijst naar het grote
    aantal girale overboekingen dat in deze fase plaatsvindt om
    eventuele achtervolgers op een dwaalspoor te brengen. Hierbij wordt
    getracht de audit trail (het boekhoudkundig spoor) te doorbreken of
    te verbergen achter juridische deuren (zoals bankgeheimen, het
    ontbreken van rechtshulpverdragen) zodat achtervolgers moeten
    afhaken.

    Een volgende fase, die overigens in de bovenvermelde literatuur
    vaak als onderdeel van de layering wordt gezien, is de
    rechtvaardiging van het geld. Dat wil zeggen: het geld moet een
    ogenschijnlijk legale herkomst verkrijgen. De mate waarin men erin
    slaagt het misdaadgeld een legaal aanzien te geven, bepaalt de
    vrije bestedingsruimte in de legale sectoren van de economie.
    Volledig afgedekt geld is vrij besteedbaar, waardoor het geld in
    deze laatste fase van het witwasproces gentegreerd of ingevlochten
    kan worden in de maatschappij (integration).

    Lang niet alle criminele vermogens doorlopen alle fasen, of
    beter gezegd behoeven deze fasen te doorlopen. Naarmate er
    meer financile controle en opsporing plaats vindt in een land zal
    de noodzaak groter worden om alle drie fasen van het
    witwassen te doorlopen. Voor het investeren van misdaadgeld in
    Marokko, Turkije of landen in het Carabisch gebied volstaat
    eigenlijk al de fysieke verplaatsing van het contante geld. Het
    ontbreekt deze landen aan een adequate wetgeving tegen het misbruik
    van het bankstelsel en het investeren van criminele gelden in de
    economie. In dit hoofdstuk zullen voorbeelden worden gegeven van
    het wegsluizen van misdaadgeld naar dergelijke landen.

    Naarmate er meer maatregelen worden genomen om misdaadgeld uit
    de financile sector te weren, dient er dus in zekere zin meer te
    worden witgewassen. De methodiek van witwassen wordt niet alleen
    door de noodzaak bepaald om controlesystemen te ontwijken; ook
    praktische omstandigheden, zoals de aard, de omvang en het gewicht
    van het illegaal verdiende geld zijn bepalend voor de wijze waarop
    het witwassen wordt gerealiseerd. Indien er bijvoorbeeld sprake is
    van misdrijven waarmee veel chartaal geld in kleine coupures wordt
    verdiend, zal het witwastraject ongetwijfeld beginnen bij een
    wisselkantoor of een bank. Er ontstaat dan voor de criminele
    organisatie een precair moment waarop veel contant geld aan een
    loket moet worden aangeboden. De keuze voor wisselkantoren of
    banken in landen waar de controle minder stringent is, zal tot
    gevolg hebben dat veel contant geld allereerst fysiek naar deze
    gebieden wordt verplaatst. De signalering van deze ontwikkelingen
    ligt mede in de handen van de Centrale Banken die mede inzicht
    hebben in ervaringscijfers en economische ontwikkelingen. Bij
    omvangrijke fraudes bevindt het geld zich in girale vorm meestal al
    binnen financile instellingen (zie ook hoofdstuk 6). De noodzaak om
    het geld alsnog wit te wassen behoeft vaak niet meer aanwezig te
    zijn, omdat de rechtvaardiging voor het voorhanden hebben van de
    gelden in de fraude kan zijn ingebouwd. De oplichter verschuilt
    zich voor de buitenwereld achter zijn rechtmatige inkomsten, indien
    hij anderen op basis van valse facturen beweegt te betalen.

    In dit hoofdstuk over verplaatsing worden drie onderwerpen
    behandeld:
    1. het fysieke verplaatsen van chartaal geld of waardepapieren door
    personen of per post; 2. het verplaatsen via ondergrondse banken,
    rep-offices, pseudobanken en gewone banken; 3. de rol van
    wisselkantoren.


    vorige        
    volgende        
    inhoudsopgave en zoeken