• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • Eindrapport – 2.5 Autochtone groepen

    2.5 Autochtone groepen

    Het onderzoek naar criminele groepen in Nederland is
    onderverdeeld in twee delen: autochtone groepen en allochtone en
    buitenlandse groepen. Dit onderscheid is gemaakt omdat belangrijke
    verschillen bestaan tussen deze soorten groepen. De Hollandse
    netwerken hebben hun basis in Nederland zelf, terwijl in allochtone
    gemeenschappen in Nederland criminaliteit voorkomt die direct
    verbonden is met de drugeconomie in het land van herkomst, te weten
    Suriname, Turkije en Marokko. De verbinding met de drugeconomie in
    deze landen heeft duidelijk andere effecten op de allochtone
    gemeenschappen in Nederland dan op de Hollandse netwerken, waarin
    allochtonen overigens ook een rol kunnen vervullen. Daarnaast zijn
    er buitenlandse criminele groepen die nauwelijks een binding hebben
    met personen van die nationaliteit in Nederland. In deze paragraaf
    komen de autochtone criminele groepen aan de orde.

    2.5.1 Aanleiding onderzoek

    De zogeheten Hollandse netwerken spelen een belangrijke rol in
    de georganiseerde criminaliteit in Nederland. Het gaat daarbij om
    criminele organisaties waarvan de deelnemers overwegend bestaan uit
    personen die Nederland als land van herkomst hebben.

    2.5.2 Geschiedenis

    In de Nederlandse geschiedenis hebben bendes bestaan die voldoen
    aan de hedendaagse definitie van georganiseerde criminaliteit.
    Georganiseerde criminaliteit is in Nederland geen recent
    verschijnsel. Het is ook geen verschijnsel dat recent door
    buitenlanders en allochtonen naar Nederland is gebracht. De
    georganiseerde criminaliteit heeft diepe wortels in de Nederlandse
    samenleving.

    De Bruinsma-clan was in de voorbije decennia de eerste groep die
    met behulp van geweld een weg naar de top van de hasjgroothandel
    vond. Klaas Bruinsma had organisatietalent waardoor hij in staat
    was een harde kern van tien man te sturen. Daarnaast werd Bruinsma
    constant geadviseerd door allerlei personen die legale bedrijven
    hadden. Opvallend was het gebruik van excessief geweld. De
    Bruinsma-clan bleef lang buiten schot van de politie. Er zijn
    aanwijzingen dat Bruinsma het geld dat hij verdiende, investeerde
    in legale activiteiten.

    2.5.3 Huidige criminele groepen

    De autochtone georganiseerde criminaliteit van dit moment houdt
    zich vooral bezig met grootschalige drugshandel. De onderzoeksgroep
    Fijnaut heeft zeven toonaangevende criminele groepen nader bezien.
    Deze groepen zijn hoofdzakelijk actief in de grootschalige
    hasjhandel en in mindere mate in de handel in cocane en herone,
    amfetamine en XTC-preparaten, en nederwiet. De autochtone
    georganiseerde criminaliteit is klassiek van aard: levering van
    illegale goederen en diensten.

    Het begrip octopus dat wel als aanduiding van bepaalde criminele
    groepen in Nederland is gebruikt, verwart eerder dan dat het een
    duidelijk beeld geeft.

    De heer Fijnaut:
    Dat beeld lijkt mij absoluut verkeerd. Er zijn meerdere
    groepen en zij werken zeker samen, daar ben ik van overtuigd. Zij
    wisselen relaties uit. Zij – ik gaf het voorbeeld van Zeewolde –
    investeren samen in n of twee grote partijen. Zij lenen misschien
    elkaars transporteurs uit. Van dat soort verbindingen, contacten en
    samenwerking is zeker sprake. Ik merk daar direct bij op dat,
    evenals ten aanzien van het probleem van het geld, veel onderzoeken
    door de Nederlandse politie zijn ingesteld naar deze groepen, maar
    die onderzoeken houden precies op waar de samenwerking tussen de
    verschillende groepen begint, omdat men vreest in eindeloze
    onderzoeken terecht te komen.
    Noot

    Het gaat om duizenden individuen, groepen en netwerken die soms met
    elkaar samenwerken, soms elkaar tegenwerken, waarbij sommigen een
    zekere cordinatie bewerkstelligen. De Nederlandse georganiseerde
    criminaliteit vormt een diffuus en constant veranderend netwerk van
    individuen en groepen.

    De voorzitter:
    Het valt mij op dat u niet spreekt van de criminele
    organisatie met een duidelijke structuur van boven naar
    beneden.
    De heer Fijnaut:
    Ik ben een beetje huiverig voor het begrip organisatie in
    dit verband, vooral ook omdat het al vlug associaties oproept met
    een stukje bureaucratie waarin de verhoudingen helder zijn, zowel
    functioneel als naar verantwoordelijkheid, in de zin dat duidelijk
    is wie de baas is en wat het middenkader en het voetvolk is. Als je
    echt goed kijkt naar groepen, liggen die verhoudingen meestal veel
    diffuser. Dat is begrijpelijk. Als men illegaal opereert, als men
    een illegale onderneming runt, loopt men natuurlijk groot risico om
    door de overheid aangepakt te worden. Dus je hebt er alle baat bij
    om je zo onhelder mogelijk te organiseren. Alle helderheid is in
    feite een cadeau aan politie en justitie om meer en sneller zicht
    op je werkwijze, je verhoudingen en je handel te krijgen. Dat
    begrip organisatie sluit eigenlijk niet goed aan op wat de
    werkelijkheid in onze ogen te zien geeft.
    Noot

    De onderzochte autochtone criminele organisaties kennen een
    verschillende interne structuur. De enkelvoudig samengestelde
    druggroothandelgroepen exploiteren n druglijn. Zij trachten
    eventueel overheidsoptreden in hun richting te voorkomen door
    middel van contra-observatie, corruptie en intimidatie. Groep A
    exploiteerde een hasjlijn op Marokko. De harde kern van groep A
    bestond uit ongeveer 30 tot 40 personen waaronder vijf
    transporteurs, twee monteurs en drie incasseerders. De voorman van
    groep A had de nodige moeite de groep bij elkaar te houden. Hij
    moest vaak dreigen met geweld. Het ophalen van de hasj gebeurde met
    tevoren geprepareerde vrachtwagens, deels per schip en deels per
    containers. Groep A verkocht de hasj zo snel mogelijk naar een
    vijftal netwerken van coffeeshops in de eigen streek. Jaarlijks
    maakt groep A 10 tot 20 miljoen winst. Dit geld werd voor een klein
    deel besteed aan eigen welzijn maar voor een groot deel werd het
    genvesteerd in auto-bedrijven. De leider van groep A bemoeide zich
    intensief met het operationele werk. Groep A deed in omvangrijke
    mate aan
    contra-observatie

    Daarnaast zijn er meervoudig samengestelde
    druggroothandelsgroepen, die zich richten op druglijnen naar meer
    landen. De inkomsten van deze groepen worden deels teruggeleid in
    de criminele handel en deels legaal genvesteerd in Nederland en in
    het buitenland.

    Groep B werd geleid door kamper C die gezien werd als een van
    de grootste handelaren in Nederland. Hij controleerde drie
    hasjlijnen uit Pakistan en Libanon, in 1988 samen goed voor
    ongeveer 30 ton. Politie en justitie twijfelden er niet aan dat C
    verschillende mensen had laten ombrengen. C was niet zo zeer leider
    van een criminele groep maar eerder een makelaar in illegale
    goederen. C probeerde het risico van de hasjtransporten ook zo veel
    mogelijk te spreiden. Groep B heeft zich toegelegd op zeer
    riskante, maar ook zeer lucratieve grote partijen drugs.

    Daarnaast zijn er groepen die zich tussen beide andere groepen
    bevinden. De leiders daarvan stammen uit de kring van de
    woonwagenbewoners. De bazen bemoeien zich nog intensief met het
    exploiteren van de drugslijnen. Er is een grote bereidheid tot het
    gebruik van geweld.

    Groep D had een leider E die de naam had een geweldenaar te
    zijn. Hij ripte partijen drugs uit handen van andere criminele
    organisaties. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor liquidaties
    van ettelijke personen. E kon terugvallen op een omvangrijke groep
    handlangers, maar ook op een advocaat, een
    accountant, een
    bankemploy en een medewerker van een Kamer van Koophandel. De
    belangrijkste drugslijn die groep D exploiteerde was een lijn op
    Marokko. Langzaam werden hasjlijnen met andere landen uitgebouwd.
    De groep deed al het mogelijke om de interne communicatie geheim te
    houden.

    Slechts een enkeling investeert in legale sectoren. Het
    merendeel van deze criminele organisaties gebruikt het met
    criminele activiteiten verdiende geld voor eigen consumptie en
    verbetering van de bedrijfsvoering. Van substantile vermenging van
    crimineel geld met legale geldstromen is voor wat betreft deze
    groepen geen sprake. Deze criminele organisaties kunnen over zeer
    omvangrijke geldbedragen beschikken.

    De heer Fijnaut:
    (…) Als ik spreek over die zeven groepen en ik kijk naar
    de transporteurs en naar de becijferingen die zijn gemaakt van de
    omzet die is gedraaid over twee, drie, vier jaar, dan heb je het
    misschien over 40, 50, 60, 70 miljoen per groep. Daar moeten dan
    nog allerlei kosten vanaf.
    De voorzitter:
    Bruto?
    De heer Fijnaut:
    Ja, bruto. Er moet van alles vanaf; tickets voor het
    vliegtuig, benzine voor de roeiboot! Bij die meervoudige
    groothandelsgroepen spreek je al vlug over honderden miljoenen:
    400, 500, 600 miljoen. Dat zijn gigantische bedragen.

    Noot

    Een verantwoorde schatting van de totale omvang van het door
    criminele organisaties verdiende geld is nauwelijks mogelijk.
    Noot
    Het zijn vooral de autochtone criminele topgroepen die
    contra-strategien toepassen. Op verschillende wijzen trachten
    enkele criminele organisaties door observatie van politie- en
    justitiefunctionarissen en corrumperende activiteiten het
    functioneren van politie en justitie te frustreren.

    2.5.4 Netwerken op middenniveau en uitvoerders

    Naast de top van de criminele organisaties bevinden zich
    criminele netwerken waarbij de leiders contact hebben met leden van
    de onderzochte zeven organisaties en de criminele uitvoerders. Zij
    vormen deels groepen op zichzelf. Netwerken op het middenniveau
    zijn er zeer veel. De leden van een aantal van die netwerken hebben
    voortdurend contact met elkaar.

    De Hells Angels vormen een dergelijke tussengroep. Zij
    investeren in horeca-ondernemingen, motorhandel en onroerend goed.
    De financile middelen komen uit de handel in verdovende middelen,
    wapenhandel en de protectie op de Wallen.

    Mede vanwege de aandacht van politie en justitie voor de top van
    criminele organisaties is er nauwelijks zicht op de basis van de
    georganiseerde criminaliteit.

    2.5.5 Beoordeling

    Het onderzoek naar de autochtone criminele groepen levert een
    gedifferentieerd beeld op. Het gaat om enkele tientallen autochtone
    criminele organisaties die zich vooral bezig houden met de
    traditionele georganiseerde criminaliteit, waarbij de handel in
    softdrugs de boventoon voert. Deze criminele organisaties plegen
    zware misdrijven. Van structurele vermenging tussen de criminele
    groepen en de legale bovenwereld is weinig gebleken. Er bestaat
    slechts zelden een duidelijk hirarchische structuur. Veelal is
    sprake van losse netwerken. De Hollandse netwerken vormen een
    belangrijk deel van de georganiseerde criminaliteit in Nederland.
    Zij zijn grotendeels verantwoordelijk voor de georganiseerde
    criminaliteit voor wat betreft de handel in softdrugs. Deze handel
    in softdrugs wordt omringd met andere vormen van georganiseerde
    criminaliteit waaronder de handel in harddrugs. De omvang van
    Hollandse netwerken kan groot zijn: sommige bestaan uit meer dan
    100 personen. Daarbij is te zien dat criminele groepen steeds vaker
    samenwerken met criminele groepen in andere landen. Het
    geweldgebruik door deze criminele groepen is in een aantal gevallen
    intensief. Als zodanig vormen de autochtone criminele groepen een
    cruciaal object van onderzoek door politie en justitie. Politie
    en
    justitie besteden aan de Hollandse criminele netwerken in
    vergelijking met andere criminele groepen terecht veel aandacht.
    Van enige inmenging in de bovenwereld door investeringen van
    crimineel geld door deze groepen is in een enkele branche gebleken.
    Verontrustend is verder de constatering dat enkele van deze groepen
    zich systematisch bezig houden met contra-strategien tegen de
    overheid. In het verhoor van officier van justitie Valente kwam aan
    de orde dat n van de criminele organisaties gewoon verder
    functioneerde ondanks het feit dat de leider in de gevangenis zat.
    Noot De mogelijkheden tot het daadwerkelijk doen
    beindigen van de activiteiten van criminele groepen zijn beperkt.
    Op dit moment lijkt het hoogst haalbare het frustreren van de
    criminele bedrijfsvoering door het arresteren en laten veroordelen
    van enkele sleutelfiguren. De commissie constateert dat een
    criminele organisatie nog nooit volledig ontmanteld is.


    vorige        
    volgende        
    inhoudsopgave en zoeken