• Buro Jansen & Janssen is een onderzoeksburo dat politie, justitie, inlichtingendiensten, de overheid in Nederland en Europa kritisch volgt. Een grond-rechten kollektief dat al 30 jaar publiceert over uitbreiding van repressieve wetgeving, publiek-private samenwerking, bevoegdheden, overheids-optreden en andere staatsaangelegenheden.
    Buro Jansen & Janssen Postbus 10591, 1001EN Amsterdam, 020-6123202, 06-34339533, signal +31684065516, info@burojansen.nl (pgp)
    Steun Buro Jansen & Janssen. Word donateur, NL43 ASNB 0856 9868 52 of NL56 INGB 0000 6039 04 ten name van Stichting Res Publica, Postbus 11556, 1001 GN Amsterdam.
  • Publicaties

  • Europa

  • Politieklachten

  • IX – De branche van het wegtransport – 10. CRIMINALITEIT IN DE VERVOERSBRANCHE

    10. CRIMINALITEIT IN DE VERVOERSBRANCHE:

    CAO-FRAUDE EN WURGCONSTRUCTIES

    Wanneer de legale oplossingen een noodlijdend bedrijf geen
    uitkomst meer bieden, kunnen minder legale werkwijzen worden
    aangewend om het hoofd boven water te houden. Men kan natuurlijk
    ook gewoon uit zijn op het maken van – oneerlijke winst. Hiervoor
    kunnen de volgende methoden worden gebruikt: wurgconstructies,
    CAO-fraude, Euro-fraude en smokkel. De eerste twee vormen van
    criminaliteit komen hieronder aan de orde, de laatstgenoemde
    methoden worden in de twee volgende hoofdstukken besproken.
    Bedrijven die in de klem zitten, besteden steeds vaker het minder
    winstgevende vervoer uit aan kleine bedrijfjes, meestal aan eigen
    rijders. Deze bedrijfjes worden in toenemende mate afhankelijk van
    de grotere bedrijven. Dit kan uitmonden in een
    wurgconstructie: de ene ondernemer helpt de andere
    ondernemer met de

    financiering van vrachtwagens, onderhoudskosten en vrachten. Dat
    kan doorgaan tot de tweede ondernemer totaal afhankelijk van de
    eerste is geworden; hij rijdt diens transporten maar verdient
    niets, want hij is de eerste ondernemer geld schuldig. Zo wordt hij
    langzaam gewurgd. Dit gebeurt ook met buitenlandse
    werkmaatschappijtjes die aan bijvoorbeeld Turkse of Poolse kleine
    ondernemers verkocht en vervolgens leeggeknepen worden. Ondernemers
    wier vergunning is ingetrokken, kunnen een financieel noodlijdende
    ondernemer dwingen voor hen te rijden (FNV, 1986).

    CAO-fraude is een andere manier om op illegale wijze de
    kostprijs omlaag te brengen. Ondernemers kunnen de belastingdienst
    bedotten door onjuiste opgave van het aantal werknemers en werkuren
    binnen hun bedrijf. De FNV-vervoersbond schatte in 1985 dat
    transportondernemingen op die manier voor 73 miljoen aan zwart geld
    creeren. Veertig procent van de vervoersondernemingen leeft de CAO
    niet na. Dat gebeurt op vier verschillende manieren: door
    diensturen te schrappen, de chauffeurs te laag in te schalen, de
    rijders geheel of gedeeltelijk zwart uit te betalen of door
    zwartwerkers in te huren. De chauffeurs klikken zelden, want dan
    raken ze hun baan kwijt. Het hoge aantal bellers naar de in 1994
    ingestelde klachtenlijn van de FNV-vervoersbond wijst op het grote
    aantal CAO-ontduikingen n de angst van chauffeurs om de vuile was
    buiten te hangen; deze kliklijn biedt immers de mogelijkheid tot
    anonieme aangifte (FNV, 1986).

    Iets anders is het zogeheten postiljon-systeem: buiten de
    EU, wanneer de meest grondige controlegrenspost is gepasseerd
    (meestal na Itali of Oostenrijk) stapt de Nederlandse chauffeur van
    de wagen af. De wacht wordt gewisseld door een chauffeur van het
    (lage lonen-)land van bestemming, zoals een Turk en/of Pool. Deze
    rijdt veel goedkoper dan zijn Nederlandse collega, maar de
    werkwijze is illegaal omdat de trucker niet op de loonlijst van het
    Nederlandse bedrijf staat. De Nederlandse chauffeur stapt
    vervolgens op de eerstvolgende truck terug naar Nederland, daarnaar
    toe gereden door een chauffeur uit het lage-lonenland. Het
    postiljon-rijden gebeurt onder directie van de transportondernemer,
    maar er is ook een variant bekend waarbij alleen de chauffeur de
    overtreding begaat en hiervan profiteert. Een van de genterviewde
    ondernemers ontdekte dit bij toeval toen zijn chauffeur in Turkije
    bij een ernstig ongeluk betrokken raakte en in het
    ziekenhuis belandde. De eigenaar van de wagen vloog naar het land
    om zijn trucker te bezoeken, maar daar aangekomen trof hij een
    wildvreemde chauffeur in het ziekbed aan. De echte chauffeur zat
    elders in het land op familiebezoek (ook hij was van Turkse
    afkomst, maar stond op de Nederlandse loonlijst) en was zich van
    geen kwaad bewust. Hij had de vrachtwagen aan de grens doorgegeven
    aan een bevriende Turkse chauffeur, die de binnenlandse rit tegen
    een lage prijs voor hem reed. De chauffeur nam dus een – betaalde –
    vakantie. Bij nader onderzoek door de transportondernemer bleek dat
    dit systeem door meer van zijn chauffeurs werd toegepast. Na deze
    bevinding besloot de ondernemer een nevenvestiging in Turkije op te
    zetten teneinde het systeem te legaliseren en zo de opbrengst in
    eigen zak te houden.


    vorige        
    volgende        
    inhoudsopgave en zoeken