IX – De branche van het wegtransport – 12.2
DrugssmokkelJanuary 1, 1999
12.2 Drugssmokkel
Er vindt een aanzienlijke smokkel van (illegale) goederen in
vrachtwagens plaats. De sloffen sigaretten en flessen drank die
chauffeurs voor eigen bijverdienste in de cabine of lading
meenemen, blijven hier buiten beschouwing, omdat het hoofdzakelijk
om kleinschalige en niet-georganiseerde smokkel gaat. Bij andere
smokkelvormen wordt echter op grote schaal gebruik gemaakt van
reguliere professionele transportbedrijven. De smokkel op grote
schaal betreft voornamelijk drugs, zoals XTC en
andere synthetische drugs naar Engeland (vaak in bloemen en
bloembollen) en Zweden, en bovenaan de lijst natuurlijk hash uit –
onder andere – Noord-Afrika. We bespreken de drugssmokkel per
drugssoort en zoomen daarbij kort in op (voornamelijk
hash-)transporten uit Marokko.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 12.1. Nederlandse
gedetineerden in het buitenlandJanuary 1, 1999
12.1. Nederlandse gedetineerden in het buitenland
Het aantal Nederlanders in buitenlandse gevangenissen neemt de
laatste jaren sterk toe. In september 1995 waren dit er 1302; ruim
driemaal zoveel als tien jaar terug, toen er 414 Nederlanders in
buitenlandse detentie waren. Volgens een woordvoerder van het
Ministerie van Buitenlandse Zaken is het aantal in het buitenland
gedetineerde Nederlanders vooral de laatste vijf jaar sterk
toegenomen. In 1990 waren het er 650; minder dan de helft van het
huidige aantal. Tegenwoordig wordt er ieder jaar een nieuwe record
gevestigd. Het aandeel van drugsdelicten hierin is groot; in
september zaten 1026 van de 1302 Nederlandse gedetineerden in het
buitenland vast wegens het bezit van of handel in narcotica; bijna
tachtig procent. Van 56 personen was het gepleegde delict bij het
ministerie overigens nog onbekend. In 1985 maakten drugsdelicten
ruim zeventig procent van het aantal buitenlandse veroordelingen
uit.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.7
CombinatiesJanuary 1, 1999
11.7 Combinaties
Vaak gaan verschillende vormen van fraude samen. Belaste
goederen worden ingevoerd onder valse naam – van een niet belast
produkt – en vanzelfsprekend wordt er dan ook geen accijns over
betaald. Een grote naam uit de Nederlandse smokkelgeschiedenis
vertelt dat hij eens werkte voor Italianen die vanuit Zwitserland
opereerden. Hij was de doorsluizer: haalde de containers uit
Rotterdam en Antwerpen. Daar zat dan zogenaamd wc-papier in of
tissues, maar achter de eerste laag zaten de sigaretten; zo waren
ze in de VS verpakt. Ze werden verkocht in Spanje of Duitsland. Er
werkten destijds zo’n vijftien mensen voor deze genterviewde, die
hij van tijd tot tijd voor ongeveer vijfduizend gulden per week
inhuurde. Toch lijkt het alsof maar weinig Nederlanders echt groot
zijn in de Euro-fraude. Meermalen worden in gesprekken Italiaanse
en Zwitserse groepen genoemd als de echte grote jongens achter de
sigarettenfraude. Volgens een goed ingelicht schade-expert zijn de
Nederlandse jongens padvinders vergeleken met hun Spaanse,
Italiaanse en Zwitserse collega’s.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.6
BTW-fraudeJanuary 1, 1999
11.6 BTW-fraude
Wanneer bepaalde goederen in een land verkocht worden, moet er
BTW over worden betaald. Om de BTW te ontduiken, kunnen de spullen
fictief naar het buitenland worden verkocht, terwijl ze gewoon op
de binnenlandse markt worden verkocht. Hiervoor worden soms zelfs
fictieve inkoop-bedrijven op poten gezet, compleet met een
opslagloods voor de papieren goederen. Deze vorm van fraude
is mogelijk geworden door het opheffen van de grenscontrole –
voorheen werd er bij de douane een bewijs afgegeven dat de goederen
de grens daadwerkelijk waren gepasseerd – maar dit staat verder los
van transport. Dat wil zeggen: er is sprake van fictief
transport.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.5 Fraude door
onjuiste benamingJanuary 1, 1999
11.5 Fraude door onjuiste benaming
Omdat over ieder produkt een ander belasting-pecentage moet
worden betaald, kan het lonend zijn om hoog belaste goederen op
papier voor te stellen als goederen waarop slechts een lage
belasting hoeft te worden betaald. Dat kan subtiel: 1000 CC-motoren
worden vermomd als 250 cc-motoren. Heel wat minder subtiel is een
ander praktijkvoorbeeld: een zending mahonieschors – om
kerststukjes van te maken – bevat in werkelijkheid sigaretten.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.4 Grootschalige
belastingfraudeJanuary 1, 1999
11.4 Grootschalige belastingfraude
Op goederen zoals sigaretten, alcohol en hoogwaardige apparatuur
(computers, stereo’s) rusten, bij invoer, hoge accijnzen en andere
belastingen. Maar bij doorvoer hoeven deze bedragen uiteraard niet
te worden betaald. Ook hier wordt er vaak met het land van
bestemming gerommeld. Een voorbeeld: sigaretten uit de VS
komen in Rotterdam aan. De formele bestemming is Noord-Afrika, dus
hoeven er geen heffingen te worden betaald. De sloffen komen echter
toch op de Europese markt terecht. Daar komt de Nederlandse fiscus
gemiddeld pas acht maanden later achter, wanneer blijkt dat de
documenten niet aangezuiverd zijn. De partij is nooit in
Noord-Afrika aangekomen en is dus zoek. Soms blijken de stempels
van de grensposten te zijn
vervalst. Duidelijk is, dat in deze gevallen de werkelijke
goederenstroom en de officile route volgens het document niets met
elkaar van doen hebben. Aansprakelijk voor de schade is de
aanvrager van het douanedocument, meestal een expediteur. Die
probeert de claim te verhalen op zijn opdrachtgever. Soms heeft de
transporteur de documenten zelf geregeld en draait voor de schade
op. Maar ook als dat niet het geval is, loopt de
transportondernemer schade: vooral als de fraude onderweg wordt
ontdekt. Een genterviewde van de werkgeversorganisatie vertelt dat
hij regelmatig signalen krijgt van – vooral – kleine ondernemers
die navraag doen over een bepaalde opdrachtgever. Ze zijn gevraagd
om een vracht te verzorgen op totaal onbekend terrein, bijvoorbeeld
om computers te brengen naar Oost-Europa, terwijl dat bedrijf
normaliter andere produkten naar andere bestemmingen rijdt. Volgens
de woordvoerder is dat een signaal dat fraudeurs op zoek zijn naar
een naeve vervoerder die om een opdracht verlegen zit. Transport en
Logistiek Nederland raadt een dergelijke opdracht altijd af. Maar
vaker bellen de ondernemers niet van tevoren met hun
werkgeversorganisatie, zegt de woordvoerder. En dan is de kans
groot dat het bedrijf in de val wordt gelokt: in het land van
bestemming wordt de chauffeur in een caf of onderweg aangesproken
door een aardige Pool of Rus die voor honderd mark aanbiedt de
transportpapieren in orde te maken. De chauffeur spreekt de taal
nauwelijks en is allang blij. Hij krijgt valse stempels. Op de
terugweg wordt hij aangehouden door de douane en die zet de wagen
vast: de invoerrechten moeten worden betaald plus 150 % boete, de
wagen moet blijven staan en dat kost staangeld, de chauffeur moet
naar Nederland reizen en al wat dies meer zij. Een klein
transportbedrijf is dan in n klap failliet, vertelt de
genterviewde. Voorbeelden uit de praktijk van de sigarettensmokkel
wijzen opvallend vaak in de richting van Itali en Zwitserland. De
fraude wordt dan vanuit Itali bestuurd en via Zwiterserland
uitgevoerd. Als er Nederlanders betrokken zijn, is dit vaak in de
rol van tussenpersoon als vervoerder of expediteur. De
tabaksfabrikanten spelen een dubieuze rol, want zij profiteren van
de smokkel: zij verkopen grote partijen aan duistere
tussenhandelaren en zien hun omzet stijgen – doordat de lage prijs
van hun produkt op de zwarte markt voor een grote afname zorgt,
terwijl de winstmarges gelijk blijven (De Volkskrant, 6 mei
1995).
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.3
LandbouwfraudeJanuary 1, 1999
11.3 Landbouwfraude
Veel landbouwprodukten genieten bescherming binnen de EU. Omdat
ze buiten de EU goedkoper zijn, moet er over de invoer van deze
produkten een heffing worden betaald. Deze heffing hoeft niet te
worden betaald over goederen die alleen maar door de EU reizen,
maar niet op deze markt komen. Met deze produkten wordt vaak
gerommeld met het land van bestemming. Een voorbeeld: Er
worden in Polen runderen aangekocht met als officile bestemming
Algerije. Ze vertrekken onder T1-status richting Spanje, alwaar ze
per schip verder vervoerd moeten worden. Omdat ze alleen maar door
de EU reizen, hoeft de landbouwheffing op runderen niet te worden
betaald. In werkelijkheid worden ze al in Duitsland uitgeladen,
gekeurd, gewogen en geoormerkt. De koeien reizen als Duitse
runderen verder naar Frankrijk onder T2-status. Voor vervoer tussen
twee bestemmingen binnen de EU hoeft immers geen belasting te
worden afgedragen. In Frankrijk worden de koeien geslacht en
vervolgens worden de biefstukken naar een land buiten de EG
verkocht en vangt de verkoper belasting-restitutie. Er is nu op
drie manieren fraude gepleegd: 1) de landbouwheffing is ontdoken
(in dit geval voor 6 miljoen gulden)
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.2
ExpediteursJanuary 1, 1999
11.2 Expediteurs
De transportdocumenten worden tegen betaling opgemaakt door
douane-expediteurs, meestal in opdracht van een verlader,
soms rechtstreeks van fabrikanten. Sommige verladers of
transportondernemers maken zelf hun documenten op, maar dit komt
niet vaak voor. De expediteur regelt het vervoer van A naar B, van
vliegtuig tot schip tot vrachtwagen. Voor het vervoer over de weg
schakelt de expediteur n of meer transportbedrijven in. Per
douane-document moet een borgsom gestort worden, maar
expeditie-bedrijven hebben een doorlopende borg uitstaan. Wanneer
de papieren niet aangezuiverd worden, is de expediteur
verantwoordelijk tegenover de fiscus voor de misgelopen
belastinggelden of ten onrechte betaalde subsidies. Wanneer er geen
bewijs komt dat de goederen de EU hebben verlaten, klopt de
Nederlandse belastingdienst bij de expediteur aan met een naheffing
voor de misgelopen gelden. In 1994 kregen twintig expediteurs een
dergelijke rekening in de bus; zo moesten twee grote bedrijven
samen meer dan honderd miljoen ophoesten. De branche-organisatie
van expediteurs Fenex schat dat de fiscus op deze manier jaarlijks
zo’n 1,5 miljard aan belastinginkomsten misloopt. Sommige
expediteurs huren een bewakingsbedrijf in voor gevoelige
transporten; een bewakingsagent rijdt dan in zijn personenwagen
achter de vracht aan en houdt het douane-document gescheiden van de
wagen. Het komt ook voor dat werknemers van het expeditie-bedrijf
met hun neus op het laden en lossen staan. Verder schijnen sommige
expeditie-bedrijven camera’s in hun kantoor hebben hangen, waarop
het moment dat de chauffeur de papieren inklaart op film wordt
vastgelegd. Volgens Fenex, die deelneemt aan de pas opgerichte
werkgroep Fraudepreventie, is het de georganiseerde misdaad die
slim inspringt op de onoverzichtelijkheid van de open grenzen en zo
de expediteurs een loer draait. Maar zijn alle expediteurs wel zo
onschuldig? En welke rol spelen de plaatselijk overheden? We
bespreken nu verschillende varianten in subsidie-, belasting- en
accijnsfraude.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11.1
DocumentenJanuary 1, 1999
11.1 Documenten
Binnen de EU rijden wagens doorgaans op de zogenaamde
T-documenten (=Transit). Deze documenten bestaan uit vijf
bladzijden en bij vertrek uit Nederland wordt het eerste blad bij
de douane achtergelaten. Deze formulieren zijn alleen geldig binnen
de EU en bij overschrijding van een buitengrens moeten nieuwe
vervoersdocumenten worden opgemaakt. Bovendien stuurt de douanepost
aan de EU-buitengrens het laatste blad van het formulier op naar de
Nederlandse douane, zodat bewezen is dat de vracht de EU heeft
verlaten. Een lading kan vervoerd worden onder status 1 of status
2. Een T1-status betekent dat de EU-belasting over de vracht
nog niet is afgedragen. Tijdens doorvoer, wanneer de vracht binnen
de EU blijft, hoeft deze heffing niet te worden betaald. Pas bij
het verlaten van de EU houdt de fiscus de hand op. Een
T2-status betekent dat de heffingen en belastingen over de
lading al zijn afgedragen, of ze in het geheel niet hoeven te
worden betaald, omdat de goederen binnen de EU blijven.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 11. EUROFRAUDE IN DE
VERVOERSBRANCHEJanuary 1, 1999
11. EUROFRAUDE IN DE VERVOERSBRANCHE
Het wegvallen van de Europese binnengrenzen maakt de controle op
het transport moeilijker en daarmee het gesjoemel met heffingen,
subsidies en belastingen gemakkelijker. Voorheen werden aan de
Nederlandse grens documenten aangemaakt die bewezen dat een lading
goederen het land was binnengekomen of had verlaten, en daarmee was
de kous af. Invoerrechten, accijnzen of subsidies werden hier (bij
wijze van spreken) afgerekend. Maar tegenwoordig passeren de
vrachtauto’s doorgaans zonder controle de Nederlandse grenzen. Voor
goederen waarover belastingen dienen te worden betaald of subsidies
kunnen worden ontvangen, moet achteraf worden bewezen dat de
goederen inderdaad op de plaats van bestemming zijn aangekomen en
dus recht hebben op belastingrestitutie of subsidiegeld. Het geheel
van alle fraude-vormen waarbij er sprake is van misbruik van
Europese regels, subsidies en belastingen noemen we Eurofraude. In
het rapport van H. van de Bunt over illegaal optreden in legale
bedrijfstakken en sectoren – ook in deze serie – wordt er eveneens
aandacht aan deze vorm van criminaliteit geschonken.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 10. CRIMINALITEIT IN
DE VERVOERSBRANCHEJanuary 1, 1999
-
10. CRIMINALITEIT IN DE VERVOERSBRANCHE:
- CAO-FRAUDE EN WURGCONSTRUCTIES
Wanneer de legale oplossingen een noodlijdend bedrijf geen
uitkomst meer bieden, kunnen minder legale werkwijzen worden
aangewend om het hoofd boven water te houden. Men kan natuurlijk
ook gewoon uit zijn op het maken van – oneerlijke winst. Hiervoor
kunnen de volgende methoden worden gebruikt: wurgconstructies,
CAO-fraude, Euro-fraude en smokkel. De eerste twee vormen van
criminaliteit komen hieronder aan de orde, de laatstgenoemde
methoden worden in de twee volgende hoofdstukken besproken.
Bedrijven die in de klem zitten, besteden steeds vaker het minder
winstgevende vervoer uit aan kleine bedrijfjes, meestal aan eigen
rijders. Deze bedrijfjes worden in toenemende mate afhankelijk van
de grotere bedrijven. Dit kan uitmonden in een
wurgconstructie: de ene ondernemer helpt de andere
ondernemer met de
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 9. LEGALE MANIEREN OM
HET HOOFD BOVEN WATER TE HOUDENJanuary 1, 1999
9. LEGALE MANIEREN OM HET HOOFD BOVEN WATER TE
HOUDEN
In dit hoofdstuk komen de legale middelen aan de orde die
bedrijven toepassen om het hoofd te bieden aan de economische
problemen. Het gaat achtereenvolgens om het omlaagbrengen van
loonkosten, het uitbesteden van werk, het terugdringen van het
aantal lege kilometers, het leasen van de voertuigen en het tanken
van goedkope brandstof.
lees meer
IX – De branche van het wegtransport – 8. DE ECONOMISCHE
POSITIE VAN DE WEGVERVOERSBRANCHEJanuary 1, 1999
8. DE ECONOMISCHE POSITIE VAN DE WEGVERVOERSBRANCHE:
CONCLUSIE
Het goederenvervoer over de weg is n van de snelst groeiende
branches op de internationale markt. De produktie en consumptie
nemen wereldwijd al decennia lang toe en aan deze ontwikkeling
lijkt voorlopig geen eind te komen. De wereldhandel en daarmee het
internationaal verkeer van goederen groeit en blijft groeien. Op de
Europese markt profiteert het goederenvervoer over de weg van deze
toenemende goederenstroom. Nederland heeft hierin een prominente
plaats; met Rotterdam als haven dient het land als de belangrijkste
poort van het continent. Het openen van de Europese binnengrenzen
heeft de handelsstroom nog verder doen toenemen en ook hiervan
profiteert het Nederlands wegtransport ruimschoots. De recente
balansen van organisaties als het Koninklijk Nederlands Vervoer of
Transport en Logistiek Nederland schetsen een achteruitgang in de
financieel-economische positie van de branche: de opbrengsten
lijken op
alle fronten fors terug te lopen. De laatste rentabiliteitscijfers
van de Nederlandse ondernemingen zijn inderdaad teleurstellend.
Maar wanneer de cijfers over langere termijn worden bekeken, blijkt
de zaak toch anders te liggen. De Nederlandse wegvervoersbranche
heeft een aantal goede jaren – vooral 1986 en 1987 – achter de rug.
Wanneer de huidige resultaten aan de cijfers uit die jaren
gespiegeld worden, zien ze er droevig uit. Veel statistieken in de
economische rapporten van de branche beginnen dus ook met de
bedrijfsresultaten uit 1986; een sterk dalende lijn vanaf dat jaar
is dan het logische gevolg. Wanneer de huidige economische
resultaten worden afgezet tegen eerdere jaren, geeft dit een heel
ander beeld; over langere tijd gezien vertonen bijna alle
resultaten een positief stijgende lijn.
lees meer
<< oudere artikelen nieuwere artikelen >>