Feitelijke situatie en werkwijze Kennemerland – Werksfeer en aansturing RCID KennemerlandMarch 1, 1999
14.3. Werksfeer en aansturing RCID Kennemerland
In iedere organisatie is de werksfeer van invloed op de werkzaamheden van de medewerkers. In deze paragraaf wordt ingegaan op de werksfeer zoals deze was bij de CID Haarlem/RCID Kennemerland in de periode 1990 tot en met 1995 waarbij ook aandacht wordt besteed aan het OT dat formeel deel heeft uitgemaakt van de (R)CID.
In het tweede gedeelte van deze paragraaf wordt stilgestaan bij de wijze waarop de aansturing van de (R)CID heeft plaatsgevonden. Aansturing is belangrijk binnen een organisatie omdat het de vertaling is van het vastgestelde beleid naar de uitvoering door medewerkers en de controle daarop. Besproken wordt de wijze waarop de runners van de (R)CID werden aan-gestuurd. Daarnaast wordt de aansturing van de (R)CID vanuit het OM en het politiemanagement besproken.
lees meer
Feitelijke situatie en werkwijze Kennemerland – InformantenMarch 1, 1999
4. Informanten
In hoofdstuk II is de ontwikkeling van het werken met informanten en de groei naar infiltratie beschreven.
Een groot deel van deze paragraaf wordt besteed aan de beschrijving van de daadwerkelijke werkzaamheden van de RCID met betrekking tot haar informanten. Zo wordt een aantal facetten van de wijze van runnen van informanten door de RCID Kennemerland uitvoerig belicht.
lees meer
Feitelijke situatie en werkwijze Kennemerland – OpsporingsmethodiekenMarch 1, 1999
4.5. Opsporingsmethodieken
In deze paragraaf wordt beschreven hoe de RCID Kennemerland sturend omging met de informatie, die van de diverse informanten werd ontvangen. Deze sturing gebeurde onder andere door het toekennen van de evaluatiecodering ‘B4′, de afhandelingscodering ’00’ en het gebruik van de ‘U-bocht constructie’.
Tevens wordt in deze paragraaf een aantal door de RCID gebruikte opsporingsmethodieken beschreven, zoals doorlevering en inkijkoperaties. De RCID Kennemerland maakte gebruik van gecreëerde personen en bedrijven, van identiteiten van bestaande personen, van valse identiteitspapieren en van afgeschermde voertuigen en communicatie-apparatuur.
lees meer
Feitelijke situatie en werkwijze Kennemerland – Samenwerking met anderenMarch 1, 1999
4.6. Samenwerking met anderen
Door de RCID Kennemerland werd een aantal samenwerkingsverbanden aangegaan met andere politie-instanties. De samenwerkingsverbanden met het voormalige IRT, de RCID Rotterdam Rijnmond, de RCID Gooi en Vechtstreek en de RCID Dordrecht worden elders in deze rapportage uitvoerig besproken.
In deze paragraaf wordt de samenwerking van de RCID Kennemerland beschreven met sommige andere RCID’en in Nederland, voorzover deze samenwerking verder ging dan de normale gegevens-uitwisseling tussen RCID’en. Tevens wordt de samenwerking met de FIOD beschreven.
lees meer
Container-trajecten – InleidingMarch 1, 1999
5. CONTAINER-TRAJECTEN
5.0 Inleiding
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe met betrokkenheid van de RCID Kennemerland containers met soft drugs werden doorgelaten. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen:
doel en inhoud van het theoretisch concept van deze methode;
de uitvoeringspraktijk van de methode zoals toegepast door de RCID Kennemerland en de uitvoering van de concrete containertrajecten.
In hoofdstuk 1 is beschreven welk uitgangspunt is gehanteerd om van betrokkenheid van de RCID Kennemerland te kunnen spreken. Het doorlaten van drugs werd door de RCID Kennemerland niet uitsluitend als methode toegepast ten behoeve van het IRT. Ook in andere trajecten en ten behoeve van andere politieregio’s werd het middelgebruikt.
Container-trajecten – Theoretisch concept methodeMarch 1, 1999
5.1. Theoretisch concept methode
Zoals in hoofdstuk II werd beschreven evolueerde de Nederlandse aanpak van de verdovende middelenhandel eind jaren ’80 onder invloed van het buitenland. Zowel de stationering van Nederlandse liaisons in het buitenland als de aldaar toegepaste tactieken zorgden voor nieuwe informatie en impulsen voor de Nederlandse opsporingspraktijk. Samenwerking tussen CRI en buitenlandse opsporingsdiensten, de kennis die daarover binnen de politie werd verspreid en een innovatief CID-traject in Dordrecht, waarbij werd toegestaan dat soft drugs op de markt verdwenen, gingen vooraf aan de toepassing van de methode van gecontroleerd doorlaten van drugs, door de RCID Kennemerland. Op het Dordtse traject wordt later teruggekomen.
lees meer
Financiën – Geldstromen Belgische sapfabriekMarch 1, 1999
7.5. Geldstromen Belgische sapfabriek
In deze paragraaf wordt ingegaan op geldstortingen gedaan op verschillende bankrekeningen die een relatie hebben met de Sapman. In paragraaf 7.5.1 wordt de methode van onderzoek en de verantwoording daarvan beschreven.
Daarna wordt ingegaan op stortingen gedaan op bankrekeningen die niet direct zijn terug te vinden in de administratie van de Belgische sapfabriek, het bedrijf van Sapman (7.5.2). Vervolgens worden andere onbekende stortingen die zijn vastgesteld in de administratie van die fabriek bekeken (7.5.3). Daarna wordt ingegaan op de financiële transacties tussen die fabriek en de fabriek in Zuid-Amerika (7.5.4). In paragraaf 7.5.5. wordt ingegaan op het (mogelijke) zwart geld circuit van de Belgische sapfabriek en zullen in paragraaf 7.5.6. de conclusies worden vermeld.
lees meer
Financiën – Recapitulatie mogelijke informele geldstromenMarch 1, 1999
7.6. Recapitulatie mogelijke informele geldstromen
In deze paragraaf zal een overzicht worden gegeven van alle tot op dit moment bekende informele geldstromen. Hierbij wordt in eerste instantie een totaaloverzicht gegeven van de informele geldstromen die blijken uit de door Langendoen bij de PEC afgegeven investeringsoverzichten en andere vastgestelde investeringen (7.6.1). Daarna zal een totaal-overzicht worden gegeven van de gemaakte kosten in container-trajecten (7.6.2). Vervolgens zal een totaaloverzicht worden gegeven van de informele geldstromen vastgesteld in de administratie van de Belgische sapfabriek en de daarmee direct dan wel indirect samen-hangende bankrekeningen (7.6.3).
Afgesloten zal worden met een totaal recapitulatie van de aangetoonde informele geldstromen (7.6.4).
lees meer
Ten GeleideMarch 1, 1999
Ten Geleide
Rapporten van de rijksrecherche worden over het algemeen niet gepubliceerd. Gelet op de publiciteit rond het instellen en uitvoeren van het onderzoek naar het functioneren van de RCID Kennemerland en de vele betrokkenen en belanghebbenden daarbij, kon het niet anders dan dat dit rijksrecherche-rapport wel openbaar gemaakt zou worden.
Veel is al bekend geworden vanuit het rapport van de PEC. Met de voorzitter en vice-voorzitter van deze commissie zijn, lopende het onderzoek, vrij intensieve contacten onderhouden. Tussen de beide politieministers en de PEC werd immers, gelet op de be palingen van de wet op de parlementaire enquête, in febmari 1995 afgesproken dat ‘de commissie, in de persoon van haar voorzitter of bij ontstentenis de vice-voorzitter, alle gegevens die ter kennis komen van de commissie, haar medewerkers of de onde rzoeksgroep Fijnaut kan verifiëren door kennisname van niet-geanonimiseerde en niet-gecodeerde gegevens.
lees meer
Lijst van meest voorkomende namenMarch 1, 1999
Lijst van meest voorkomende namen
Augusteijn, A.W.P.
Chef CID van KTR, daarvoor van het IRT
Baarle, B. van
Korpschef Limburg Noord, vanaf de oprichting tot juli 1993 algemeen teamleider IRT, werkzaam bij de gemeentepolitie Utrecht
Bakker, G.J.C.M.
Teamleider FIOD Haarlem, voor januari 1994 plv.teamleider
lees meer
VoorkantMarch 1, 1999
Voorkant 
Europol-drugseenheid – ontwerpbegroting voor 1997February 1, 1999
Europol-drugseenheid – ontwerpbegroting voor 1997
aan Coreper;, 26 februari 1998
<<5739/1/98 REV LIMITE EUROPOL 18>>
Wat doet Europol zo al in het jaar van inwerkingtreding?
buro Jansen & Janssen Europol siteFebruary 1, 1999
Artikelen over
Europol
Vluchtelingenbeleid
Openbaarheid
Orginele Documenten
Jaarverslagen Europol
Begrotingen
Officiële stukken
Informatisering
“Een zeldzame bron
over Europol op het Web”
lees meer
<< oudere artikelen nieuwere artikelen >>